Octrooien tegen terrorisme!

Octrooien zijn nog steeds een mooie graadmeter van waar techneuten zich mee bezighouden. Jaren geleden woonde ik een lezing bij van Octrooicentrum Nederland (het BIE, toen nog). Daar vertelde een onderzoeker dat het aantal octrooien op stille winkelwagentjes flink was toegenomen sinds er aandacht vanuit de politiek was voor herrie op zaterdagochtend door, inderdaad, luidruchtige winkelwagentjes op asfalt.

Vandaag de dag spelen winkelwagentjes een minder prominente rol dan, zeg, bestrijding van terrorisme. Er worden allerlei nuttige en minder nuttige dingen bedacht om aanslagen te voorkomen of de effecten te minimaliseren. Neatorama maakte een top 10 van de vreemdste uitvindingen.

Ik vond deze antizelfmoordaanslagparaplu het sterkste idee:

antiterrorisme.gif

En u?

Via Schneier on Security.

Arnoud

Auteursrecht tot ruim 200 jaar na creatie (gastpost)

Aan het leukste park van Amsterdam, het Sarphatipark, ligt het grappigste boekwinkeltje van Amsterdam, Sporadisch Antiquarisch. Op het eerste gezicht is het simpelweg een woonhuis met brede, lage vensterbanken. Pas als je dichterbij komt valt je op dat in een van die vensterbanken een rijtje boeken staat. Achter het raam zie je een bordje met de boodschap dat als je een van die boeken wilt kopen, je 1 euro in de brievenbus moet gooien. Het boek mag je dan meenemen.

Mijn postbus staat in dezelfde wijk, dus ik kom regelmatig langs dat winkeltje. Op een dag trok daar Prosper Melis’ “De Wonderbaarlijke Luchtreizen van Doctor Fast” mijn aandacht. Als Project Gutenberg- vrijwilliger ben ik altijd op zoek naar materiaal om te digitaliseren, maar dit werk leek me net iets te jong om vrij van auteursrechten te zijn (onder “jong” versta ik uiteraard niet enige redelijke interpretatie van dat woord). Daar ik toch geïnteresseerd was, schreef ik de gegevens op om thuis eens eerst wat onderzoek te doen.

Prosper Melis was een Vlaamse auteur die leefde van 1803 tot 1870. Het is niet duidelijk wanneer hij zijn Luchtreizen schreef, maar laten we aannemen dat dat rond 1850 was. Ik weet niet of het ooit tijdens zijn leven is uitgegeven, tijdens mijn zoektocht kwam ik enkel versies uit 1929 en 1937 tegen. Dat betekent dat het boek te “jong” is voor Project Gutenberg, want dat moet zich aan het Amerikaans recht houden, en dat betekent voor boeken die niet oorspronkelijk in de VS werden gepubliceerd dat ze van voor 1923 moeten zijn om opgenomen te kunnen worden.

Maar er was meer aan de hand. Het boek was geïllustreerd door ene Elza van Hagendoren. Van haar kon ik wel een geboortedatum vinden, maar niet een sterftedatum. Twee jaar geleden zou ze 98 geweest zijn, onwaarschijnlijk maar niet onmogelijk. Stel dat ze niet ouder is geworden: dan zou het auteursrecht op een boek dat rond 1850 voor commerciële exploitatie is geschreven, niet voor 2077 verlopen.

Er zitten wat haken en ogen aan dit verhaal. In de eerste plaats kun je het niet meer verifiëren. Als ik nu in de catalogus van de Koninklijke Bibliotheek zoek, kan ik het boek van Melis niet meer vinden. Daarnaast kan het natuurlijk ook goed zijn dat er wel een eerdere uitgave van het boek is, die alleen niet te vinden is in de catalogi van nationale bibliotheken. En ten slotte is er een theorie onder ons juridische leken die stelt dat in elk geval de tekst van het boek, mits vóór 1937 gepubliceerd, in het publiek domein van de Europese Unie is. Een uitgever als Project Gutenberg zou zich dus tot de tekst kunnen beperken.

Hoe uitzonderlijk dit geval ook is op het moment, er is een kans dat deze lange duur van auteursrecht regel wordt. Het bestrijden van het lichamelijk verval dat op hoge leeftijd optreedt is iets wat pas sinds kort met enige ijver door de medische wetenschap wordt opgepakt. De vergrijzing en daarmee de opkomst van een brede laag vermogende ouderen in het Westen zal daar wellicht iets mee van doen hebben. Het gevolg kan zijn dat zowel de gemiddelde als de maximale leeftijd van de mens binnenkort flink wordt verhoogd.

Een reden die traditioneel wordt gegeven voor het tot obscene lengtes oprekken van de duur van het auteursrecht is dat auteurs steeds langer leven. Dat auteurs vroeger eerder stierven is echter een fabeltje. Auteurs in 1900 leefden even lang als auteurs in 2000, ondanks dat de mens gemiddeld steeds ouder werd. Dit komt, omdat de gemiddelde leeftijd in 1900 voornamelijk gedrukt werd door kindersterfte. Tegen de tijd dat je boeken schreef was je zeg maar voorbij het gevaarlijke punt.

Als je 1+1 optelt, kun je alleen maar concluderen dat als het aan de politiek ligt, het auteursrecht tot 140 jaar na de dood van de auteur zal duren, en die dood zal ook nog op zich laten wachten, en wachten, en wachten….

Branko Collin is een vrijwilliger van Project Gutenberg, de digitale bibliotheek van boeken die (voor het grootste deel) tot het publiek domein zijn teruggekeerd. Net als de oprichter van het project, Michael Hart, vindt hij dat hij veel minder van het auteursrecht afweet dan zou moeten, en veel meer dan hij wil. Tien jaar geleden vond Branko het document “10 Big Myths about copyright explained” van Brad Templeton briljant, nu achterhaald.

Hosten van onrechtmatige torrentsites ook onrechtmatig

Helemaal vergeten te melden, sorry. Twee weken terug werd provider Leaseweb in een arrest in hoger beroep veroordeeld wegens het hosten van de site Everlasting, waar torrentbestanden naar illegaal aangeboden films, muziek, software en dergelijke te vinden waren. In eerste instantie werd Leaseweb verplicht de site te sluiten en de NAW-gegevens van de klant aan Brein af te geven. Dat vonnis is nu bekrachtigd.

We weten al dat het hosten van verwijzingen naar inbreukmakend aanbod verboden is, als dat grootschalig en op commerciele basis gebeurt. Zie bijvoorbeeld Brein/KPN. En dat werd ook in dit vonnis bevestigd:

Dit een en ander leidt naar het voorlopige oordeel van het hof tot de conclusie dat Everlasting welbewust een faciliterende rol speelde bij het op grote schaal inbreuk maken op de auteursrechten en/of naburige rechten – naar moet worden aangenomen – (mede) van diegenen voor de bescherming van wier belangen Brein in dit geding opkomt. Daarmee handelt zij onmiskenbaar onrechtmatig jegens diegenen.

Maar hier gaat het nog iets verder: niet de aanbieders van de torrentsite werden gedaagd, maar hun provider, Leaseweb. Want:

Nu het handelen van Everlasting onmiskenbaar onrechtmatig was, dit handelen plaats vond op de door Leaseweb ge-‘hoste’ website en Brein Leaseweb daar voldoende adequaat op had geattendeerd, handelde Leaseweb op haar beurt onrechtmatig door de website niet te verwijderen.

Brein is natuurlijk blij met de uitspraak. Maar ook Leaseweb is tevreden: er is nu helderheid over wat wel en niet mag, en Leaseweb voelt zich nu gesterkt in haar besluit om alle torrentsites te weren als klant. Bij ISPam de reactie van Leaseweb:

We zijn blij met de uitslag van ons hoger beroep tegen stichting Brein. Het is een winst voor LeaseWeb en voor de hostingmarkt. Wij hebben absoluut bereikt wat we wilden bereiken. Eindelijk is er in Nederland juridische duidelijkheid over de status van Bittorrent in Nederland. Door de rechtszaak die we gevoerd hebben, is het pas nu voor iedereen helder dat Bittorrent in Nederland illegaal is.

Die laatste zin is dan wel weer jammer: Bittorrent is niet illegaal, Bittorrent sites zijn niet illegaal, maar Bittorrentsites die verwijzen naar illegaal aanbod zijn illegaal. Maar dat zal wel te genuanceerd zijn geweest.

Arnoud

Stichting Copyright & Nieuwe Media

Ik sta in statuten! Op 7 juli 2008 vond de oprichting en openingsbijeenkomst van de Stichting Copyright & Nieuwe Media plaats, met mij als secretaris. Doel van de stichting is het zich sterk maken voor de belangen van een ieder die op internet publiceert. Steeds meer bloggers en andere actieve internetters lopen tegen juridische problemen of zelfs claims en rechtszaken aan. Hoe ga je daarmee om, wat moet je daarmee doen en waarom is er niemand die tegengas geeft aan clubs als de Buma, BREIN of de Fotografenfederatie en NVJ? Daar is deze stichting dus voor.

De stichting is nog jong, en de website is dus nog vrij leeg. Dat is dus meteen het eerste actiepunt (en nee, daar gaan we niet eindeloos over vergaderen).

Eén van de dingen die de stichting wil doen, is een meldpunt/helpdesk bieden voor mensen die tegen claims of rechtszaken aanlopen. Denk aan bloggers die een plaatje van 150×150 pixels overnemen en een claim van 1578 euro (“inclusief verhoging van 300% conform standaardvoorwaarden NVJ”) in hun mailbox krijgen. Om daar goede hulp bij te bieden, is medewerking van juristen en advocaten nodig die bereid zijn de nodige bijstand te leveren. Meelezende kantoren: ik hoor graag van u.

Een andere nieuwe activiteit is inderdaad ordinair lobbyen voor nieuwe of herziene wetgeving. Bij veel overleg over auteurswetgeving zitten alleen de bekende, gevestigde partijen aan tafel. En dat is niet goed, als je wetgeving wilt maken die goed aansluit bij internet, blogs en webforums. Vandaar dat de stichting een ander geluid wil laten horen tijdens consultatierondes over wetgeving en aanverwante initiatieven. Een uitgebreider citaatrecht, of misschien wel een compleet fair use systeem zoals in de VS, zou best een goed idee zijn.

Arnoud

Zeven rechten bij koop op afstand

Bij een koop op afstand weet je vaak niet precies wat je nu koopt of bij wie. De wet kent daarom bijzondere regels voor koop op afstand, maar al die nieuwe regels zijn voor veel e-shops vaak lastig. Een overzicht:

  1. Een webwinkel moet vooraf duidelijk zijn identiteit en vestigingsadres melden.
  2. Bij elk product moet de prijs en belangrijkste kenmerken duidelijk vermeld zijn. Ook eventuele leveringskosten en andere voor – waarden moeten goed te vinden zijn.
  3. De webwinkel moet voor of bij het plaatsen van de bestelling verwijzen naar de algemene voorwaarden, anders zijn ze niet van toepassing. Alleen meesturen in de doos is niet genoeg.
  4. De webwinkel moet een bestelling meteen per e-mail of brief bevestigen. In die bevestiging moet nogmaals staan waar het bedrijf gevestigd is, en hoe het zit met ruilen, ontbinden en klachten.
  5. Het product moet binnen 30 dagen geleverd worden. Lukt dat niet, dan moet de webwinkel dat melden. De consument mag dan van de overeenkomst af (als hij dat wil).
  6. Bij aflevering moet de webwinkel duidelijk aangeven dat het product binnen zeven werkdagen mag worden teruggestuurd en hoe dat moet. De webwinkel mag alleen de kosten voor het terugsturen in rekening brengen. Wordt dat niet op de juiste manier gemeld, dan heb je drie maanden om het product terug te sturen.
  7. Een vervangend product leveren mag alleen als die mogelijkheid expliciet op de site was gemeld. Bovendien moet de webwinkel dan zelf de kosten van terugsturen betalen.

Ben ik nog regels vergeten?

Arnoud

Blawgroll van het Nederlandse internetrecht

Om een of andere reden lijken Nederlandse advocaten en juristen niet zo happig op bloggen, zelfs niet als ze in hun praktijk gericht zijn op internetrecht. Het aantal Nederlandse juridische weblogs (“blawgs”) is dan ook nogal beperkt. Vandaar dat ik het tijd vond om de juristen die wél bloggen eens in het zonnetje te zetten. Goed voorbeeld doet goed volgen, nietwaar?

Het grootste blog is natuurlijk Volledig bericht, pardon Boek 9. Boek 9 was ooit de naam voor het nooit gekomen deel van het Burgerlijk Wetboek over intellectueel eigendom. Dat is dan ook het onderwerp van deze blog. Dagelijks diverse berichten, voornamelijk besprekingen van vonnissen en af en toe een leuke discussie tussen juristen.

Waarschijnlijk het oudste Nederlanse blawg is dat van Solv. Altijd een actueel overzicht van nieuwsberichten over informatierecht van Nu.nl en Webwereld, en Menno Weij en Douwe Linders leveren zeer goede inhoudelijke bijdragen.

Waarschijnlijk het breedste en in ieder geval het enaoudste is Wieringa Advocaten, met ook regelmatig aandacht over internetrecht.

Advocate Magriet Koedoder blogt over met name muziekauteursrecht, en dat heeft vaak interessante raakvlakken met internetrecht natuurlijk. Een aanrader!

Ook over auteursrecht is het blog van Evert van Gelderen van De Gier Stam. Leuk en persoonlijk geschreven.

Joris van Hoboken blogt over zoekmachines en aanverwant internetrecht.

Veel te weinig bloggen advocaat Bart Beuving en Gerrit-Jan Zwenne. Hoewel Zwenne wel al zijn Powerpoints online zet, en daarbij niet schroomt om sheets zonder bolletjes te gebruiken. Hulde!

Rechtenstudent Stefan Kulk blogt daarentegen sinds enige tijd zeer productief verdienstelijk over internetrecht, technologie en nieuwe media. Voorlopig mag hij de op onze handelsnaam inbreuk makende domeinnaam dan ook houden.

Danny Mekic’ is internetondernemer, student, paralegal en expert in met name domeinnamen. Wie nog samenvattingen van rechtenvakken nodig heeft, vindt ze vast op zijn blog.

Mijn collega Steven Ras blogt de laatste tijd wat minder vaak, maar wist in het verleden een paar keer leuk te scoren met bijvoorbeeld de analyse van de algemene voorwaarden van OTTO toen die onbedoeld hun TV’s voor 99 euro in de aanbieding gooiden.

Je zou verwachten dat hoogleraren die zich bezighouden met informatierecht allemaal dagelijks bloggen. Dat valt helaas een beetje tegen. Een positieve uitzondering is Arno Lodder met Jurel over virtuele werelden

Bij Vrijschrift blogt Wouter van Holst veel te weinig maar wel goed.

Ben ik iemand vergeten?

Arnoud

Verven van een tafelblad op afstand

tafelblad.jpgEen lezer wilde een nieuwe tafel laten maken, en had daarvoor een timmerman uitgezocht. Op basis van een door de lezer aangeleverd tafelblad maakte deze de tafel piekfijn in orde voor slechts 70 euro. Hartstikke mooi, maar toen de vriendin van de lezer belde over de aflevering, informeerde de timmerman tussen neus en lippen door of het ding nog in de olie gezet moest worden. Nou, dat was wel mooi en doet u dat dan maar. Pas na het ophangen bedacht de vriendin dat er eigenlijk niets over de prijs gezegd was. Maar ach, dat zou wel meevallen.

U voelt hem al aankomen, dat viel dus niet mee: 190 euro. Kan de lezer daar wat aan doen?

Omdat de overeenkomst telefonisch gesloten was, is deze een overeenkomst op afstand. De telefoon is immers net als internet een “techniek voor communicatie op afstand” (7:46a BW). En voor overeenkomsten op afstand bepaalt art. 7:46c lid 1 sub c expliciet dat tijdig en vooraf de prijs gemeld moet worden. Dat artikel gaat weliswaar over koop van zaken, maar volgens art. 7:46i lid 1 geldt dit ook bij het sluiten van overeenkomsten voor het verrichten van diensten.

Heel veel levert dat alleen niet op. Het belangrijkste recht van de klant is namelijk dat hij binnen 3 maanden na de dag van het telefoongesprek mag ontbinden als de prijs niet genoemd is. Ten eerste was de dienst op specificatie van de klant verricht. En ten tweede was de dienst al uitgevoerd met instemming van de klant (7:46i lid 5 sub a BW). Daarom mag je niet meer ontbinden.

Andere rechtsmiddelen heb je niet bij schending van de informatieplicht. Ja, tenzij je kunt aantonen dat je schade hebt door dit nalaten, maar die schade zie ik zo niet.

Dan moet je terugvallen op het algemene vermogensrecht. Het is een overeenkomst waarbij geen prijs is overeengekomen. Art. 7:752 lid 1 BW bepaalt dan

Indien de prijs bij het sluiten van de overeenkomst niet is bepaald of slechts een richtprijs is bepaald, is de opdrachtgever een redelijke prijs verschuldigd. Bij de bepaling van de prijs wordt rekening gehouden met de door de aannemer ten tijde van het sluiten van de overeenkomst gewoonlijk bedongen prijzen en met de door hem ter zake van de vermoedelijke prijs gewekte verwachtingen.

Een prijs van 150 euro voor in de olie zetten lijkt mij niet redelijk. Dat is het dubbele van het maken van de tafel zelf, en dat staat dus in geen verhouding. De klant mocht dat dus niet redelijkerwijs verwachten. Daarom zou de prijs moeten worden gereduceerd tot iets dat wel redelijk is, ik zou denken een euro of 40.

Arnoud

Wikipedia versus de privacywet (bij Emerce)

EmerceNaar aanleiding van de actie van Patricia Remak schreef ik een column (mijn eerste!) bij Emerce:

De geschiedenis herschrijven valt niet mee, ondervond Winston Smith in de bekende roman 1984. Teksten aanpassen en herdrukken was voor hem flink wat werk. Tegenwoordig gaat dat een stuk makkelijker, zeker als je het hebt over de online encyclopedie Wikipedia.

Lees verder in Columns: Wikipedia versus de privacywet bij Emerce.

Arnoud

Akkoord gaan met algemene voorwaarden verplicht?

Een lezer vroeg zich af:

Op veel sites moet je tegenwoordig zo’n vakje aankruisen waar dan bij staat “Ik ga akkoord met de algemene voorwaarden.” Als je dat niet doet, gaat de koop niet door of mag je je niet registreren of iets dergelijks. Maar je hoeft toch niet expliciet akkoord te gaan met algemene voorwaarden?
Inderdaad, een expliciet akkoord is niet nodig. Algemene voorwaarden zijn van kracht als je voor of bij het sluiten van de overeenkomst wist dat ze bestonden. Je hoeft ze niet gelezen of ondertekend te hebben. De enige eis is dat er een redelijke mogelijkheid is geboden om kennis te nemen van de algemene voorwaarden. Daar zijn precies vier manieren voor.

Bij “gewone” overeenkomsten:

  1. Op papier overhandigd aan de wederpartij.
  2. Als dat niet mogelijk is, dan melden dat ze bij de KVK of de griffie van een rechtbank ter inzage liggen en aanbieden ze meteen op te sturen als de klant daarom vraagt.

Bij elektronische overeenkomsten:

  1. Beschikbaar stellen op een manier dat de wederpartij ze kan opslaan en later nog eens lezen.
  2. Als dat niet mogelijk is, dan bekendmaken waar ze ingezien kunnen worden en aanbieden dat je ze elektronisch of op papier opstuurt als de klant daarom vraagt.

En dat moet dan ook nog eens voor of bij het sluiten van de overeenkomst gebeuren. Niet pas bij de bevestigingsbrief of op de achterkant van de factuur.

Zo’n aankruisvak kan wel praktisch voordeel hebben. Je kunt zo namelijk heel makkelijk bewijzen dat je ze voor het sluiten van de overeenkomst aangeboden hebt. De klant moest immers het vakje aankruisen, anders kon hij de overeenkomst niet sluiten. Hij moet dus het vakje bekeken hebben, en (mag je aannemen) ook de zin bij het vakje waarin hij gewezen werd op de voorwaarden.

Bij elektronische overeenkomsten moeten die voorwaarden dus zo aangeboden worden dat je ze kunt opslaan en later nog eens lezen. Een aparte webpagina of PDF document is een prima oplossing, maar je hebt ook sites die het in een Flash-animatie stoppen. Dat is dus niet goed, je kunt daar de tekst niet eens uit copy&pasten en opslaan in een tekstbestandje. Wie kent er nog meer irritante manieren om algemene voorwaarden aan te bieden?

Arnoud

Ubuntu en de ‘dreiging’ van softwarepatenten (bij Livre)

De komende weken brengt Livre een serie artikelen rond Ubuntu, de meestgebruikte Linux-distributie van dit moment. Mark Shuttleworth, de initiatiefnemer van Ubuntu, heeft al meerdere malen aangegeven zich zorgen te maken over patentzaken die worden aangekaart door kleinere patenthouders die niets (meer) te verliezen hebben. Livre vroeg mij of ik dat ook deed, en het antwoord is nee. Daar zet ik zelfs een kratje vrij bier op:

‘Linux schendt honderden patenten van Microsoft’. Met die spierballentaal probeerde Microsoft-topman Steve Ballmer vorig jaar mei weer eens een staaltje FUD (Fear, uncertainty and doubt) de wereld in de helpen. Linux een enge ziekte toewensen hielp niet meer, dus dan maar een enge juridische claim. Nu werd dat getal later bijgesteld: Ballmer was een beetje in de war toen hij het over 235 Microsoft-octrooien had. Hij bedoelde namelijk 235 octrooien van Microsoft en anderen, iets dat vrijesoftwareadvocaat Dan Ravicher in 2004 had geconcludeerd na een diepgaande studie van honderden software-gerelateerde octrooien. Ravicher vond overigens 27 Microsoft-octrooien.

Maar het punt blijft: er zijn tientallen, zo niet honderden octrooien waar een gemiddelde Linux-distributie tegenaan kan lopen. Moeten Linux-distributeurs zich nu zorgen gaan maken? Misschien. Maar niet meer dan elke andere softwaredistributeur.

Lees verder in Ubuntu en de ‘dreiging’ van softwarepatenten bij Livre.

Arnoud