Powerpoint is 20: hoera of helaas?

Powerpoint bestaat 20 jaar, meldt Presentation Zen, maar is dat goed of slecht? Beiden. Met Powerpoint kun je hele mooie dingen doen, maar ook hele erge. Het gaat er natuurlijk om hoe je het gebruikt.

PowerPoint is not the cause of bad business presentations, but laziness and poor writing skills may be. The point is not to place more text within tiny slides intended for images and visual displays of data. The point is to first (usually) create a well-written, detailed document. Do business people still know how to write?
Kennelijk niet, want steeds meer Powerpoint presentaties zijn “slideumentatie“, een slide met tekst die min of meer zelfstandig leesbaar is. En dat is the worst of both worlds.

Je sheets moeten je boodschap kracht bijzetten. Niet alleen maar herhalen of samenvatten wat je vertelt. Een foto, een kort citaat, een diagram of een schema versterken wat je vertelt. Het is dus zaak bij elk element van je boodschap te zoeken naar een afbeelding die deze versterkt.

Wil je mensen iets meegeven om je boodschap na te lezen, schrijf dan een artikel en deel dat uit.

En ja, een slecht verhaal blijft een slecht verhaal, of je dat nu met Powerpoint presenteert of als artikel publiceert.

Arnoud

Open Source Initiative boos om misbruik van term ‘open source’

Via Ars Technica het bericht dat de Open Source Initiative (OSI) zich boos aan het maken is over wat zij ziet als misbruik van het woord “open source” voor software die dat helemaal niet is. Vroeger was dat nooit zo’n probleem:

once every 2-3 months we’d receive notice that some company or another was advertising that their software was “open source” when the license was not approved by the OSI board and, upon inspection, was clearly not open source. We (usually Russ Nelson) would send them a notice politely telling them “We are the Open Source Initiative. We wrote a definition of what it means to be open source, we promote that definition, and that’s what the world expects when they see the term mentioned. Do you really want to explain to your prospective customers ‘um…we don’t actually intend to offer you these freedoms and rights you expect?’.” And they would promptly respond by saying “Wow! We had no idea!” Maybe once or twice they would say “What a novel idea! We’ll change our license to one that’s approved by you!”. Most of the time they would say “Oops! Thanks for letting us know–we’ll promote our software in some other way.” And they did, until last year.

Het woord “open source” is geen geregistreerde merknaam (merkaanvraag 75439502 voor “open source” werd afgewezen want beschrijvend), en OSI heeft juridisch dus geen poot om op te staan. Maar OSI hoopt natuurlijk op de goede wil van de bedrijven die met open source werken.

Arnoud

Internetfilmpje: Warriors of the Net

Wie wil weten hoe Internet werkt, kan natuurlijk een artikel over TCP/IP lezen of de netwerksoftware uit het Linux besturingssysteem bestuderen. Maar een filmpje is toch een stuk leuker.

Een Zweeds bedrijf heeft een animatiefilm van 13 minuten gemaakt over de Warriors of the Net, die zeer de moeite van het kijken waard is. Ik citeer even uit het manuscript:

Je startte een stroom van informatie. Deze informatie stroomt naar beneden in je eigen persoonlijke postkamer waar Meneer IP het inpakt, etiketteert en verstuurt. Elk pakket is beperkt in omvang. De postkamer moet beslissen hoe de informatiestroom verdeeld moet worden en hoe het verpakt moet worden.

Wat nog ontbreekt is professor Maestro en zijn robot Metro (of een DDoS-aanval van Naarling en Dwerg) maar dat zal mijn gevoel van jeugdsentiment wel zijn.

Arnoud

Torrents aanbieden: geen inbreuk op auteursrecht, wel onrechtmatig

Hosting provider Leaseweb moet illegale torrentsite afsluiten, zo kopt BREIN na haar gewonnen zaak tegen Leaseweb. Maar wat is er illegaal aan torrents? Het zijn niet meer dan inhoudsopgaven en verwijzingen.

Bittorrent is het populairste peer-to-peer filesharing systeem ter wereld. Zoals bij alle filesharing systemen wisselen de gebruikers bestanden met elkaar uit. Het unieke aan Bittorrent is dat er niet één persoon is die het hele bestand verstuurt. Elk bestand wordt in delen opgehakt, en elk deel wordt afzonderlijk verstuurd. Zodra iemand een deel heeft, deelt hij dat deel ook weer met iedereen die op zoek is naar dat bestand. Dit bespaart natuurlijk nogal wat bandbreedte.

Om dit mogelijk te maken, heb je een zogeheten torrent-bestand of gewoon een “torrent” nodig. Een torrent is grofweg een lijstje dat aangeeft hoe je een werk in delen ophakt, en wat dan de hash-waarde is van elk deel. Zeg maar “dit boek heeft 390 pagina’s: op pagina 1 staan 622 woorden, op pagina 2 598, …”. Vervolgens kun je overal op zoek gaan naar de pagina’s, en wat je binnenkrijgt controleren en in de juiste volgorde zetten.

Het verspreiden van muziek, films of andere werken is zonder toestemming van de maker inbreuk op het auteursrecht. Maar een torrent is geen kopie van het werk. Het is hooguit een inhoudsopgave, een beschrijving van de pagina’s van het werk. Dat kan dus geen inbreuk op het auteursrecht zijn.

In de recente zaak BREIN/Leaseweb (met dank aan ISPam voor de platte tekst) legt de rechtbank uit:

In dit kort geding, waarin geen nader onderzoek naar de feiten mogelijk is, kan niet zonder meer worden vastgesteld of het handelen van Everlasting kan worden aangemerkt als een zelfstandige openbaarmaking in de zin van de Auteurswet (of WNR). De werken worden immers rechtstreeks van gebruiker naar gebruiker gekopieerd en de rol van de server beperkt zich tot het regelen van het up- en downloaden. In een bodemprocedure kan uitvoerig onderzoek worden gedaan naar alle aspecten van dit (relatief nieuwe) technische proces. In dit kort geding kan in ieder geval wel worden vastgesteld dat Everlasting structureel inbreuken op auteursrechten en naburige rechten faciliteert en dat (de houder van) Everlasting zich hiervan bewust moet zijn. Het handelen van Everlasting is derhalve onrechtmatig, omdat het in strijd is met de jegens de rechthebbenden in acht te nemen zorgvuldigheid.

Vrijwel dezelfde benadering werd ook gevolgd door de rechtbank in Den Haag in januari:

Omdat de werken rechtstreeks van gebruiker naar gebruiker worden gekopieerd en de rol van de server zich in dit opzicht beperkt tot het regelen van het proces van uploaden en downloaden, kan de voorzieningenrechter Stichting Brein niet volgen in haar standpunt dat het handelen van de websitehouder moeten worden aangemerkt als zelfstandige openbaarmaking.

[D]e websitehouder [faciliteert] structureel inbreuken op auteursrechten en naburige rechten. Reeds gelet op de aard van de bestanden kan het niet anders, dan dat de websitehouder zich hiervan bewust is. Voorts is van belang dat met de website inkomsten gegenereerd worden omdat een gebruiker – alvorens torrents te kunnen downloaden – een bedrag dient te betalen. Onder deze omstandigheden moet voorshands worden geoordeeld dat het handelen van de websitehouder onrechtmatig is, niet omdat de websitehouder inbreuk maakt op de aan de rechthebbenden toekomende auteurs- of naburige rechten, maar omdat zijn handelen in strijd is met de jegens de rechthebbenden in acht te nemen zorgvuldigheid.

Arnoud

Digitale stress (via Dailystuff)

Dailystuff over Digitale stress:

Sommige mensen zetten leesbevestiging aan als ze e-mail versturen in de hoop te weten te komen of je hun e-mail al gelezen hebt. Maar waarom, is het omdat ze direct actie verwachten of je te controleren? En vandaag leek iemand te bevestigingen dat het om beide ging, want hij kon geen grip krijgen op hoe ik mijn e-mail afhandel wat hij geen prettige gedachte vond. Helaas voor hem bepaal ik zelf wanneer ik e-mail lees en beantwoord, want ik ben geen slaaf van mijn e-mail en laat andere niet mijn werkindeling bepalen.

Met nuttige tips over hoe de e-mailstress te beperken.

Arnoud

Illegaal downloaden bestaat (bijna) niet!

Downloaden is in Nederland volstrekt legaal, ongeacht de bron, mits de download maar strikt voor eigen gebruik ingezet wordt. Jammer dus dat het Emerce artikel Meeste legale downloads door jongeren toch weer spreekt van “illegaal downloaden”.

Gemiddeld genomen downloaden nog evenveel mensen hun muziek illegaal via het internet als in 2005 (84 procent). Opvallend is wel dat er een verschuiving heeft plaatsgevonden bij de ondervraagde doelgroepen. Waren het in 2005 vooral de 8- tot 17-jarigen die illegale muziek downloadden (86 procent), tegenwoordig zijn het voornamelijk de 18- tot 35-jarigen (93 procent). Daarnaast valt op dat in 2005 één op de vijf respondenten legaal muziek downloadt en in 2007 één op de drie.

De aanbieders van materiaal zonder toestemming handelen natuurlijk wel in strijd met de auteurswet.

Arnoud

Google blogt over wetgeving, politiek en recht

Google blijkt al twee maanden een Google Public Policy Blog online te hebben, alleen is het nu pas publiek toegankelijk.

De blog bespreekt de Google visie en policy op allerlei onderwerpen, zoals netwerk-neutraliteit (met reactie op Ars Technica) en privacy.

De voor mij interessantste is auteursrecht. Google krijgt tenslotte veel kritiek over hun aanpak van “wij indexeren alles tenzij u zegt dat u het niet wilt”. Google legt nu uit waarom zij het zo doen:

Of course, some people argue that we should be asking content owners to opt in, not requiring them to opt out. Google aims to provide comprehensive search results. This would be impossible in a world where permission simply to index (which is entirely legal) was necessary. But we also believe that opt-out rather than opt-in benefits not just Google users, but also content owners. If content isn’t indexed it can’t be searched. And if it can’t be searched, how can it be found? Imagine a library with no index of titles or subjects of the books on its shelves, or no catalogue of the authors who wrote them.

Doel van de blog is duidelijk lobby’en:

We hope this blog will serve as a resource for policymakers around the world — including legislators, ministers, governors, city councilmembers, regulators, and the staffers who support them — who are trying to enact sound government policies to foster free expression, promote economic growth, expand access to information, enable innovation, and protect consumers. We also hope (cliché alert) that this blog will promote real conversation, so we’ve enabled comments.

Gevonden via Searchengineland nadat the Inquirer het meldde maar de link wegliet. Handig jongens!

Arnoud

Dat zal tijd worden: GNU General Public License versie 3

Hehe, eindelijk. Versie 3 van de GNU General Public License is na dik anderhalf jaar discussie dan toch nu in definitieve vorm verkrijgbaar: GNU General Public License version 3.0.

Zo op het eerste gezicht zie ik geen hele grote wijzigingen ten opzichte van de vorige draft. De meest opvallende wijziging is het toch weer automatisch laten vervallen van de GPL bij schending van de voorwaarden. Vorige drafts kenden een periode van 60 dagen waarin de schender de kans had om zich weer netjes aan de licentie te houden.

Nu eens goed bestuderen wat ons allemaal te wachten staat.

Arnoud

De nieuwe wereldeconomie volgens Wired (via SYNC.nl)

SYNC.nl beschrijft de nieuwe wereldeconomie volgens Wired in een mooi overzichtsartikel:

Internetbedrijven bouwen aan bedrijfsmodellen op basis van materiaal dat via de gebruiker wordt verzameld. Producten worden met de dag persoonlijker en bedrijven gaan ineens duurzaam. SYNC brengt je de zes trends die de wereldeconomie voortstuwen.

Met oude bekenden als peer production (prosumptie) en gepersonaliseerde ICT-diensten, maar ook met opvallende nieuwkomers als open innovatie en open standaards (dat vraagt om open source). En natuurlijk niet te vergeten: groen.

Maar is “onbeperkte video” nu echt een trend die de wereldeconomie gaat voortstuwen?

Arnoud

Europees Octrooibureau vindt regels over business methods duidelijk

De IPKat en eerder al Axel Horns melden dat het Europees Octrooibureau een nieuwe beslissing heeft genomen over de behandeling van zogeheten “business method” octrooien. Het Europees Octrooiverdrag verbiedt octrooien op “werkwijzen voor het zakendoen als zodanig”, maar de jurisprudentie van het Europees Octrooibureau legt dit verbod erg beperkt uit.

Een probleem hierbij was dat deze jurisprudentie niet altijd dezelfde lijn aanhield. Tot 2002 werd gekeken naar de strekking, het doel van de uitvinding. Als dat primair een zakelijke activiteit was, werd de aanvraag afgewezen. Dit was voor velen onbevredigend omdat je best een stuk techniek ter ondersteuning van een zakelijke activiteit zou kunnen maken (bijvoorbeeld een kassa). Het zou dan afhangen van hoe de uitvinding werd opgeschreven of er dan octrooi op verleend zou worden of niet.

In de COMVIK beslissing (bevestigd in de Hitachi beslissing) werd gekozen voor een aanpak waarbij de uitvinding slechts een implementatie-probleem mocht zijn. De zakelijke aspecten werden bekend verondersteld, en alleen als vervolgens het implementeren van die aspecten inventief zou zijn, kon er octrooi worden verleend. Dit wijkt duidelijk af van de oude aanpak.

In december vorig jaar werd in een Engels arrest (Aerotel vs. Macrossan) deze aanpak grondig geanalyseerd, met als conclusie dat het toch wel tijd werd om een knoop door te hakken en één aanpak te kiezen:

The decisions of the EPO Boards of Appeal are mutually contradictory. To say that is not to criticise anyone. On the contrary the Boards of Appeal have each done what they think is right in law – as befits tribunals exercising a judicial function. But surely the time has come for matters to be clarified by an Enlarged Board of Appeal. Under Art.112(1)(b) of the EPC the President of the EPO has the power to refer a point of law to an Enlarged Board where two Boards of Appeal have given different decisions on that question. That is now clearly the position. There are indeed at least four differing points of view.

In deze nieuwe beslissing T 154/04 zet het Europees Octrooibureau alles nog eens goed op een rijtje en concludeert dat toch het allemaal volkomen duidelijk, helder en consistent is:

In summary, the practice and case law of the Board referred to in the questions 1, 2, 3(b), and 5(a) and (b) have a sound legal basis in the Convention and are consistent with the case law of the boards of appeal and the Enlarged Board of Appeal. To decide on the present appeal, an answer of the Enlarged Board of Appeal to any of these questions is thus not required, and hence the request of referring these questions must be refused.

Arnoud