Nederlandse rechter bevestigt lijn Europees Octrooibureau bij business method patents

Figuur 1 uit octrooi EP1399908Op de hiernaast getoonde vrachtwagen zit octrooi. Zat, eigenlijk, want het octrooi is vernietigd omdat de uitvinding al bekend was. De truc zat hem in dat afneembare paneel (20) met reclame (“BUY!”). Als je dat van maasmateriaal-doek met luchtdoorlatende openingen, maakt, kan de wind er minder vat op krijgen, zodat de panelen er niet zo gemakkelijk afwaaien. Slim, maar dat bleken ze in Japan al eerder bedacht te hebben. Dus werd het octrooi ongeldig verklaard.

Opmerkelijk bij dit octrooi was dat er ook een claim in stond op een werkwijze voor het verkrijgen en exploiteren van mobiele reclames. Die kwam kort gezegd neer op het sluiten van een contract met een vrachtvervoersbedrijf en het ophangen van afneembare panelen van maasmateriaal-doek aan de vrachtauto’s van dat bedrijf. Uiteraard “in ruil voor betalingen”. Hela, maar dat is een werkwijze voor het zakendoen, roepen nu alle meelezende octrooigemachtigden. En daar mag je geen octrooi op aanvragen. Octrooien zijn er alleen voor technologische innovatie, en niet voor zakelijke bedenksels, hoe creatief ook.

In het verleden werd het Europees Octrooibureau (EOB) nogal eens bekritiseerd over al te makkelijk verlenen van octrooien op dit soort zaken. De laatste jaren is men echter een stuk strenger geworden: je moet laten zien dat sprake is van een technologische vernieuwing. Maar de gehanteerde redenering was daarbij wel erg kort door de bocht, hoewel men deze zelf duidelijk genoeg vond.

De Nederlandse rechter gaat in dit vonnis nu even kort door de bocht:

Nu op grond van voornoemde TBA-rechtspraak de nieuwheid en inventiviteit slechts kan worden gebaseerd op technische maatregelen, dienen de niet-technische maatregelen bij het beoordelen van de inventiviteit van conclusie 22 buiten beschouwing te worden gelaten. Uit een en ander volgt dat conclusie 22 nietig is bij gebreke van inventiviteit.

Arnoud

Typ de volgende karakters over om registratie te voltooien

Voorbeeld captchasWord u ook zo moe van die rare lettertjes die u in allerlei websites moet overtypen, bij registratie of soms zelfs om een reactie te mogen plaatsen? Gelukkig zijn er nu diensten die u dat werk uit handen nemen.

Deze captcha’s zijn bedoeld om alleen door mensen herkend te worden, zodat spamrobots en andere ongein niet volautomatisch e-mailadressen aan kan maken of linkjes naar Amerikaanse rijbewijzen, anti reuma pillen, sex met harige dieren, de beste PC voor kerst, sex met dildo’s, US25M$ uit Nigeria, sex met zwarte mannen, illegale DVD’s, naaktfoto’s van Jennifer Lopez, Britney Spears en Linda de Mol, tweede hypotheken, goedkope XXX video’s, DVD copy programma’s, penis verlening, laptops, penis verkorting, penis verplaatsing, domains in nieuwe TLDs, snellere internet verbindingen, sex met Oscar winnaars, levensverzekeringen, sex met Oscar, AB shaper, live webcams, semi live webcams, sex met zwarte vrouwen, amateur webcams, toplaps, grote borsten, kleine borsten, penis vergroting, US35M$ uit iets in de buurt van Nigeria, sex met Hans Kraaij jr, goedkopere leningen, sex onder de douche, viagra, sex met de buurvrouw, sex uit india, goedkope inktjet patronen, boeken over de vliegtuigindustrie op cdrom, Hoang Sa & Truong Sa la cua VN, goedkope software, meer investerings tips tegen kleine betaling, AB gym, bulletproof hosting of goedkope toner kunnen plaatsen.

Het idee is dat de tekst niet te herkennen is door OCR-software. Nu blijkt dat in de praktijk vies tegen te vallen. De meeste soorten zijn eenvoudig automatisch te herkennen, alleen die van Google, Hotmail en Yahoo zouden onbreekbaar zijn. En natuurlijk kun je altijd mensen huren om captcha’s in te typen. Het kan zelfs gratis: bied mensen gratis porno aan als ze een captcha goed intypen. En die captcha was dan net nodig voor jouw spamrobot om een adresje bij Hotmail aan te maken natuurlijk.

Het probleem blijft, hoe herken je mensen op een zodanige manier dat robots en software dat niet kunnen simuleren?

Voor mijn blog gebruik ik geen captcha’s, omdat Akismet het nog prima aankan. En zojuist meldde het me trots: “Akismet heeft 11,366 spamberichten voor je tegengehouden sinds installatie.” Sinds maart dus.

Via Schneier on Security. Met dank aan pim voor de spamvoorbeelden.

Arnoud

Nieuw op Iusmentis: Het auteursrechtelijk publiek domein

Een werk is in het publiek domein als het auteursrecht is verlopen, of wanneer de auteur zelf verklaart dat het werk publiek domein is. Een bewerking of reproductie van een publiek domein werk is niet automatisch ook publiek domein.

Het feit dat een werk gepubliceerd is, wil nog niet zeggen dat het publiek domein is. De term “publiek domein” betekent juridisch dat de auteursrechten op het werk verlopen zijn. Dat gebeurt in Nederland pas 70 jaar na de dood van de maker, of 70 jaar na publicatie als het werk door een bedrijf gemaakt is.

Een auteur kan verklaren dat zijn werk als publiek domein beschouwd kan worden. De auteur kan dan niet meer optreden tegen normaal hergebruik. Op grond van zijn morele rechten behoudt hij het recht om verminking van zijn werk te verbieden.

Een bewerking van een publiek domein werk is niet automatisch ook publiek domein. Als de bewerking creativiteit vergde, zal deze snel auteursrechtelijk beschermd zijn.

Lees verder in Het auteursrechtelijk publiek domein (in Auteursrecht @ iusmentis.com).

(En ik zie dat ze bij Wikipedia al net zo eigenwijs zijn als ikzelf. Alleen jammer dat zij het zonder bronvermelding doen, terwijl ik drie juridische bronnen aandraag voor mijn eigenwijze standpunt.)

Arnoud

Amerikaanse verdachte hoeft PGP-decryptiesleutel niet af te geven aan politie

Een verdachte mag niet worden bevolen zijn PGP-decryptiesleutel of wachtwoord af te geven, bepaalde een een Amerikaanse magistrate judge eind november. Zo’n bevel is in strijd met de Amerikaanse Grondwet. Dat meldt onder andere Planet. In Engeland moesten diezelfde maand een groep Britse dierenactivisten nog hun decryptiesleutels afgeven. En hoe zit dat in Nederland?

Je hoeft niet mee te werken aan je eigen veroordeling. Dat heet het nemo tenetur-beginsel. Dat staat niet expliciet in onze wet, maar wordt wel erkend op grond van artikel 6 EVRM. Op grond van het Saunders-arrest van het Europese Hof geldt dat de verdachte geen verklaringen hoeft af te leggen, maar wel materiaal moet uitleveren dat onafhankelijk van zijn wil bestaat, zoals documenten en bloedmonsters. Als de verdachte in zijn dagboek een bekentenis had geschreven, en de politie vindt deze bij een huiszoeking, dan mag die gewoon worden gebruikt. Ook als het op de PC staat. Maar als de politie het dagboek niet kan vinden, mag de verdachte niet worden bevolen te vertellen waar het ligt.

Een wachtwoord zit ook in je hoofd, en het moeten vertellen is dus een “verklaring afleggen”. Vandaar dat zo’n bevel bij ons niet gegeven mag worden. Dit is expliciet vastgelegd in artikel 125k Wetboek van Strafvordering. Voor getuigen, maar ook voor andere betrokkenen (zoals een systeembeheerder) geldt deze verplichting wel – uiteraard voorzover ze het wachtwoord ook weten.

Kortom, nee, bij ons mag dit niet. Of het in de VS nu echt niet mag, is nog een open vraag. Dit is een beslissing van een magistrate judge, zeg maar een rechter-commissaris. Nog lang geen Supreme Court-arrest dus.

Zeer uitgebreid over nemo tenetur versus afgeven van sleutels is Bert-Jaap Koops, de expert op dit gebied, in Verdachte en ontsleutelplicht: hoe ver reikt nemo tenetur? (PDF). Bij de behandeling in de Tweede Kamer van het wetsvoorstel Computercriminaliteit II verklaarde de minister trouwens expliciet (RTF) dat het nemo tenetur-beginsel verbood om verdachten te bevelen hun wachtwoord af te geven.

Verder nog een heleboel discussie op Bij Tweakers en Slashdot.

Vraagje voor de toekomst: als ik nou geen wachtwoord gebruik maar een biometrische beveiliging op mijn gegevens heb, kan ik dan verplicht worden mijn vinger op de sensor te leggen? Het nemen van een vingerafdruk is namelijk geen inbreuk op nemo tenetur, maar het effect is wel hetzelfde als bevolen worden een wachtwoord af te geven. Aan de andere kant mag de politie ook de sleutelbos uit mijn broekzak halen en daarmee mijn brandkast openmaken.

Arnoud

Het einde van de spin in het web bij octrooizaken

Wie een Europese octrooi heeft, denkt misschien dat hij dan in heel Europa octrooi heeft. Dat valt tegen. Met een Europees octrooi krijg je niet meer dan een verzameling nationale octrooien, waarbij je ook nog eens in elk land een vertaling in een landstaal aan moet leveren. Doe je dat niet, dan vervalt het octrooi in dat land. Ook voor rechtszaken geldt: in elk land afzonderlijk. Al dat procederen is een dure grap, en het lijkt nogal overdreven omdat de inbreuk vaak steeds hetzelfde bedrijf betreft in diverse Europese landen.

Kan dat nou niet anders, dacht het Gerechtshof in Den Haag, en men verzon de “spin in het web” theorie:

Deze theorie hield kort gezegd in dat als het hoofdkantoor van het vermeend inbreukmakende concern was gevestigd in Nederland, en vanuit dit kantoor een beleidsplan was uitgegaan, de Nederlandse rechter zich ook bevoegd achtte in een procedure waarin de andere buitenlandse vennootschappen van hetzelfde concern werden gedagvaard. De octrooihouder kon dus volstaan met een procedure in Nederland tegen meerdere vermeende nationale en buitenlandse inbreukmakers.

Slim bedacht, maar de constructie bleek in strijd met Europees recht. Je kunt niet zomaar in Nederland het Duitse dochterbedrijf dagen wegens inbreuk in Duitsland op je Europese octrooi, ook niet als je tegelijkertijd het Nederlandse moederbedrijf daagt wegens inbreuk in Nederland op hetzelfde octrooi. Want, zo oordeelde het Hof van Justitie, het is niet hetzelfde octrooi. Het zijn twee losse octrooien, die je naar nationaal octrooirecht moet toepassen.

Onlangs heeft onze eigen Hoge Raad uitspraak gedaan over een spin-in-het-web arrest, en de theorie definitief naar de prullenbak verwezen. Tot er dus een Gemeenschapsoctrooi komt, blijft het nodig om in elk land afzonderlijk te procederen.

Via Volledig bericht, pardon Boek 9.

Arnoud

Consumentenbond wil software apart prijzen

Wie nu een computer koopt, krijgt daar vaak standaard allerlei software bij, zoals het besturingssysteem Microsoft Windows, maar bijvoorbeeld ook Nero DVD en Microsoft Office of Works. En dat, aldus de Consumentenbond, is nergens voor nodig. Je moet kunnen kiezen welke software je wilt. Of dat nu andere DVD-brandsoftware is of een open source alternatief besturingssysteem zoals Linux. De Bond is dan ook samen met ISOC een campagne begonnen om hardware en software los te verkopen. Want:

Een apart prijskaartje voor de meegeleverde software heeft belangrijke voordelen. Niet alleen omdat je de software die je niet wilt hebben, ook niet hoeft te betalen. Maar ook omdat er dan meer concurrentie in deze markt en dus meer keuze voor de consument komt, wat kan leiden tot lagere prijzen en betere kwaliteit.

Het is minder erg dan vroeger toen OEM’s verplicht waren om Windows bij elk apparaat te leveren, althans om MS de Windows-licentievergoeding te betalen voor elke PC ongeacht of Windows er op stond. Daardoor was een kale PC soms duurder dan eentje met Windows.

De vraag is alleen of je winkels zo ver kunt krijgen dat ze een PC met Ubuntu in plaats van Linux gaan voeren. Daar moet wel commercieel brood in zitten, en er lijkt vanuit de consument weinig vraag naar. Dat komt natuurlijk omdat de consument niet beter weet, maar ja.

Een oplossing is welllicht dat je je geld terug kunt krijgen als de bijgeleverde software niet doet wat je verwacht. Als mensen massaal Windows gaan terugbrengen bij Dixons, Mediamarkt en consorten, realiseren die bedrijven zich misschien dat ze niet handig bezig zijn en gaan ze hun verkoopbeleid aanpassen.

Arnoud

Livre: ‘Gratis open source software hoeft niet te worden aanbesteed’

Op 13 december verscheen de handreiking van programma OSOSS ‘Het verwerven van (open source) software‘ (PDF), meldt Livre. Deze handreiking legt uit hoe de overheid om moet gaan met inkopen van open source software. Livre signaleert een opmerkelijke conclusie: gratis open source hoeft niet te worden aanbesteed.

Nu is dat natuurlijk waar, maar het gaat dan toch om maar een zeer kleine categorie open source software. Want heel veel open source is niet of nauwelijks gratis te gebruiken. De handreiking is iets genuanceerder:

In principe zijn overheidsorganisaties vrij om gratis software zonder aanbesteding in gebruik te nemen. Dit geldt ook voor open source software, mits dat dus gratis is (…). In de praktijk is dat echter niet altijd het geval. Open source software licenties bepalen dat open source software vrij en zonder kosten mag worden gebruikt. Er is dus geen licentievergoeding gekoppeld aan open source software. Dit betekent niet dat aanbieders van open source software dan maar gratis moeten aanbieden.

Wanneer de overheid producten of diensten in wil kopen, gelden daar bijzondere regels voor. Deze aanbestedingsregels schrijven gelijke behandeling van aanbieders, geen discriminatie en transparantie in de besluitvorming voor bij de aankoop. Een aantal actielijnen uit het actieplan open standaards en open source software noemen expliciet aanbesteding, inkoop en het gebruik van open source software. Maar expliciet open source voorschrijven ligt lastig, omdat dan aanbieders van gesloten software buitengesloten worden. Je kunt niet zeggen dat open source categorisch technisch beter is dan gesloten software, dus dan kun je open source niet als eis stellen.

Als software gratis beschikbaar is, hoef je geen aanbestedingsprocedure te volgen voordat je die mag downloaden en gebruiken. Dat is natuurlijk mooi voor open source, want heel veel open source staat gewoon gratis ter download op internet.

Vroegâh was dat een vrij normale manier om met open source aan de slag te gaan. Je had iets nodig, je zocht even op internet en je installeerde wat het meest aansprak of waar mensen op nieuwsgroepen of forums positief over waren. En werkte het niet, dan kon je op diezelfde groepen of forums even snel vragen wat je fout deed, en dan kreeg je nog nuttig advies ook. Sterker nog, als je aan je baas zou vragen of dat wel mocht, had je waarschijnlijk een probleem.

Open source jurist Brendan Scott noemde dat ooit de siege mentality: een IT-er ziet een handig stukje open source, vraagt zijn baas om toestemming, die aarzelt of zegt nee (“wat is dat voor onzin, gratis software”), vervolgens komen ze bij de bedrijfsjurist, die begint kwaad over virale software, slordige aansprakelijkheid en de aanvaarding naar Nederlands recht, en het eind van het liedje is dat de IT-er de software gewoon alsnog gebruikt maar dat tegen niemand zegt.

Maar in veel gevallen kom je er niet met die aanpak. Die is leuk voor een tool binnen de IT-afdeling, of een stuk standaardsoftware (zoals een webserver) dat je neer kunt zetten en dan gewoon werkt. Maar zeker als je met eindgebruikers te maken krijgt, komt er heel wat configuratie, integratie en ondersteuning kijken. Denk bijvoorbeeld aan training om mensen van Microsoft Word naar OpenOffice.org Writer te laten overstappen. Dan zal er al snel een externe partij ingeschakeld moeten worden om dat allemaal voor elkaar te krijgen, en dan kom je eveneens al snel weer bij de aanbestedingsregels. Want het aan de gang krijgen van software is een dienst.

Arnoud

Hoe krijg je gestolen informatie van internet?

Verspreiden gestolen computerinformatie wordt strafbaar, meldde NU.nl donderdag. Het is nu verboden om in te breken in computersystemen en gegevens daaruit over te nemen, maar nergens staat dat anderen die die gegevens verder verspreiden, ook strafbaar zijn. Virtuele heling is dus legaal, en minister Hirsch Ballin wil nu verandering in brengen.

In zijn brief aan de Tweede Kamer legt de minister verder uit wat je nu al kunt doen aan gestolen informatie die mensen op internet verspreiden. Laat ik eens een poging wagen dit in minder ambtelijke taal te vertalen.

Ten eerste heb je meestal auteursrecht op de gegevens. Een tekst of foto is auteursrechtelijk beschermd, en kopiëren mag dan niet zonder jouw toestemming.

Mensen kunnen trouwens niet wegkomen met “ja maar ik citeer alleen maar uit de tekst”. Je mag namelijk alleen citeren uit rechtmatig gepubliceerd werk, en dus niet uit gestolen teksten.

Ten tweede heb je bij foto’s en films portretrecht. Ook hier weer: het gaat om materiaal dat je niet zelf gepubliceerd hebt, privéfoto’s dus. Zonder toestemming mogen zulke foto’s niet worden gepubliceerd.

De PriveEen voorbeeld: in 2005 werd de digitale camera van prinses Maxima gestolen. De foto’s daaruit doken op in de Telegraaf en de Privé. Dat werd verboden met een beroep op het portretrecht. Een beroep op de vrije nieuwsgaring werd afgewezen; zulke privéfoto’s hebben zelden tot nooit nieuwswaarde. En om het nieuwsfeit te melden dat de camera gestolen was (jaja, slim bedacht) hoef je de foto’s zelf niet te laten zien natuurlijk.

Daar kun je zowel de plaatser van de gegevens als diens provider op aanspreken. Ook kun je aangifte doen bij de politie, want opzettelijke inbreuk op auteursrecht of portretrecht is een misdrijf.

Als het gaat om bedrijfsgegevens, dan is er nog een derde optie. Het onthullen van bedrijfsgeheimen is namelijk strafbaar. En Hirsch Ballin wil dus een vergelijkbare bepaling voor privégegevens van natuurlijke personen invoeren.

Wat ik nog miste in het antwoord, is een beroep op de Wet Bescherming Persoonsgegevens. Gestolen foto’s, maar ook tekstuele informatie met daarin gegevens over jezelf zijn persoonsgegevens en mogen alleen met toestemming worden verwerkt. En die is er natuurlijk niet. Een “aantoonbare noodzaak” is dan het enige toegelaten alternatief, maar dat zal er ook niet snel zijn bij publiceren van gestolen informatie.

Mede via Volledig bericht, pardon Boek 9.

Arnoud

Verhaal van een vertrekker: presenteren, Erwin Blom-stijl

Slecht bij stem zijn blijkt de inspiratie voor deze prachtige presentatie van Erwin Blom met zijn visie op de toekomst van de (publieke) omroep:

Via Marco Raaphorst.

Bekijk ook eens Hans Appel’s presentatie. Hans is de Nederlandse Dick Hardt, voor wie Dick kent. Wie Dick niet kent, moet zeker diens presentatie gaan kijken.

Arnoud

Want zo is het ook!

Tink van Want zo is het ook! is een ontzettende internetsloerie. Zegt ze zelf.

Alleen weet de wereld dat niet zo te waarderen. Die smijt mij mijn geste simpelweg in het gezicht. Want dat de afslag ‘Tink’ op de digitale snelweg zo duidelijk staat aangegeven, wil niet zeggen dat je iedere willekeurige meuk die afrit op moet sturen. Het gaat me nog niet eens om die taalverdraaiende computergegenereerde pornomail die me toeschreeuwt dat ik stukjes mens met maar liefst tien centimeter kan laten verlengen als ik maar toezeg om 40 strekkende meter SpaanseVlieg-kauwgom af te nemen.

Lees verder (ja, echt, lees verder) in Want zo is het ook!.

Arnoud