“Ik heb niets te verbergen” is het meest gehoorde argument tegen zowat elke vorm van privacy-bescherming.
Maar wie verzon als eerste het antwoord “wat een saai leven heb je dan”?
Arnoud
Internetrecht door Arnoud Engelfriet
“Ik heb niets te verbergen” is het meest gehoorde argument tegen zowat elke vorm van privacy-bescherming.
Maar wie verzon als eerste het antwoord “wat een saai leven heb je dan”?
Arnoud
In de serie ¡Viva la Creación! nu een bijdrage van Björn Wijers. Voortbouwend op o.a. mijn stuk Van kopijrecht naar auteursrecht bespreekt hij een aantal nieuwe manieren om met auteurs, creativiteit en juridische bescherming om te gaan. Een aanrader!
Naar mijn mening wordt hier echter volledig voorbij gegaan aan het onderliggende punt namelijk dat het auteursrecht zoals dit nu is geïmplementeerd in nationale wetgeving en internationale verdragen niet strookt met de menselijke natuur, creativiteit en innovatie in de 21e eeuw. Met lapmiddelen zoals heffingen en technologische en juridische maatregelen wordt getracht het auteursrecht, zoals dit al bijna een eeuw lang grotendeels ongewijzigd is, krampachtig in stand gehouden. Wordt het niet tijd dat het auteursrecht wordt aangepast in plaats van nieuwe maatregelen te nemen en heffingen te hanteren om dit relikwie in stand te houden?
Lees verder in Creativiteit en auteursrecht in de 21e eeuw.
Arnoud
Een nieuw artikel op Sync over octrooistrategieën:
Succes kent vele vaders. Hoe waar kan dat gezegde zijn voor een kansrijk idee of product dat wordt gepikt door de concurrent. Een goede uitvinding leg je maar beter vast met een octrooi. De belangrijkste reden: productiezekerheid. Maar wie creatief is, haalt meer uit een octrooi.
Op zich een goed artikel over de verschillende mogelijkheden om waarde uit octrooien te halen. Vastleggen en in het archief stoppen van octrooien, zoals helaas nog al te vaak gebeurt, is weinig zinvol.
Maar die opmerking over productiezekerheid klopt niet. “Een octrooi geeft het alleenrecht op de productie van een uitvinding”, schrijft de auteur, Marco van Kerkhoven, iets verderop. Dat is onjuist.
Een octrooi is geen vrijbrief voor productie, maar slechts een vergunning om te procederen.
Wie ergens octrooi op heeft, weet nog absoluut niet of hij het recht heeft de uitvinding te produceren of commercieel toe te passen. Er kunnen immers oudere octrooien zijn waar de uitvinding inbreuk op maakt.
Het feit dat er octrooi verleend is voor de uitvinding, doet daar niet aan af. Een uitvinding kan een slimme, inventieve verbetering zijn van een bestaande techniek. Die verbetering is dan octrooieerbaar, maar tegelijkertijd nog steeds inbreuk op het octrooi op de bestaande techniek.
Een voorbeeld is een verbeterde productietechniek voor een medicijn. Daar kan prima octrooi op verkregen worden. Toch mogen de medicijnen niet worden geproduceerd zonder toestemming van de houder van het octrooi op het medicijn zelf.
Arnoud (octrooigemachtigde)
Modchips die kopieerbeveiligingen in een spelcomputer opheffen of omzeilen, zijn verboden in Nederland. Het is strafbaar om zulke chips te verspreiden of uit winstbejag in bezit te hebben.
Met een zogeheten modchip kan de functionaliteit van spelcomputers (consoles) worden aangepast. In principe is het legaal om gekochte apparaten aan te passen, al zal in veel gevallen dan de garantie vervallen. Een uitzondering daarop is het aanpassen van kopieerbeveiligingen of regio-restricties. Dit is verboden, en ook middelen die bestemd zijn om dit te vergemakkelijken, zijn verboden. Het verspreiden of uit winstbejag in bezit hebben van modchips met een dergelijk doel is een misdrijf.
Lees verder in De (il)legaliteit van modchips (in Beveiliging > Hacken @ iusmentis.com).
Een bijproduct van mijn artikel over de iPhone.
Arnoud
Gebruikte u vroeger Netscape? En noemde u dat ook Netschaap? Nou, Christian Takes ook, en die registreerde het zelfs als domeinnaam. Dat vond Netscape niet leuk, dus naar goed Amerikaans gebruik komt er dan een rechtszaak. Want zeg nou toch zelf, u zou als consument toch ook in de war raken als u deze twee logo’s zag:
Daar moet ik wel bij zeggen dat dit iets verder ging dan een woordspeling: er werden ook e-mail forwarding diensten aangeboden via die domeinnaam. Dat vond de rechtbank in 2003 commercieel gebruik van het merk Netscape. In hoger beroep kreeg de domeinnaam-houder, Rede, echter gelijk: de e-maildiensten worden niet aangeboden onder de naam “Netschaap”, en daarmee is geen sprake van merkinbreuk.
Doet de naam Netschaap afbreuk aan de reputatie van Netscape? Nee:
Dat de reputatie van Netscape wordt aangetast door netschaap of natschaap acht het hof niet aangetoond, nu het hof onvoldoende is gebleken dat netschaap of natschaap negatief appelleren aan het merk Netscape. Voorts is het hof onvoldoende gebleken dat Rede ongerechtvaardigd voordeel trekt uit het merk Netscape door daarvan misbruik te maken of te parasiteren op de reputatie van het merk. Niet valt in te zien welk (commercieel) voordeel Rede bij het gebuik van netschaap of natschaap, mede gelet op de websites daarvan en de op die websites aangeboden diensten, ten koste van het merk Netscape tracht te behalen.
En nu kan het “vrolijk schaapje dat leeft in de virtuele wereld van het Internet” weer “de mensheid op de hoogte houden van de schaapheid.”
Via Volledig bericht, pardon Boek 9.
Arnoud
‘Een principieel verschil met het pikken van andermans knikkers is er niet.’ Planet – Arjan Dasselaar maakt zich boos over de sensatiezoekende berichtgeving over de pogingen om de Runescape-credits in te pikken.
Sinds wanneer komt het NOS Journaal opdraven op het moment dat een leerling van een middelbare school een paar tikken krijgt? Nou, sinds er internet bij kan worden gehaald.
Hoe die discussie afloopt, leest u bij zijn column op Planet. Ik was zelf meer geinteresseerd in of het nou strafbaar is, iemands credits aftroggelen. Natuurlijk is mishandeling en bedreiging strafbaar, ongeacht de reden waarom. Maar er zijn genoeg manieren om iemands credits of ander bezit bij Habbo, Runescape en World of Warcraft te pakken te krijgen. Mag dat?
In principe mag alles dat van de spelregels mag. Als ik weken bezig ben een duur harnas te pakken te krijgen, en mijn karakter wordt daarna door een medespeler vermoord, dan ben ik het harnas kwijt. Jammer maar helaas, dat zijn de spelregels. Het wordt twijfelachtig als die medespeler een bot gebruikt, dat is een vorm van valsspelen. Dan moet ik bij de spelleiding gaan klagen, zodat zij de boel ongedaan maken. Het via de rechter verhalen van schade door iemands overtreden van de spelregels kan vaak ook. Een voetballer die na een grove tackle ‘op de man’ zijn been breekt, kan de ziekenhuiskosten terug krijgen.
Het wordt juridisch relevant wanneer spelobjecten verhandeld worden voor echt geld. Je kunt op diverse sites bieden op zulke “in-game objects”. Na betaling komt er dan in het spel een karakter naar je toe, dat je het object geeft. Er gaat zo veel geld om in die activiteit dat het voor Korea al aanleiding was om er belasting op te heffen. Dan gaan er mensen beginnen over “eigendom” en “diefstal”, want die zijn hun dure investering kwijt.
Via R-win.com vond ik het boek Recht in een virtuele wereld (Word-bestand) over de juridische aspecten van Massive Multiplayer Online Role Playing Games (MMORPG), door Arno Lodder (red.) van het NVvIR met veel nuttige observaties over dit onderwerp.
Wie iets maakt of iets koopt, heeft daar gewoon het eigendomsrecht op. Alleen, dat iets moet dan wel een “voor menselijke beheersing vatbaar object” zijn, zo staat in het Burgerlijk Wetboek. Abstracte dingen zijn geen “zaken” en die kun je dus niet in eigendom hebben. Sommige abstracte zaken kun je met een intellectueel eigendomsrecht beschermen. Op een tekst heb je auteursrecht, en op een uitvinding kun je octrooi aanvragen. Je bent dan nog steeds geen “eigenaar van de uitvinding” maar je kunt wel anderen verbieden die commercieel toe te passen.
Hoe tastbaar is nu een spelobject? Genoeg om met een tafel of auto vergelijkbaar te zijn? Dat blijkt een lastige vraag. Je kunt heel natuurkundig kijken: een spelobject bestaat uit elektrische stroompjes of magnetische velden in een computersysteem, en die stroompjes of velden zijn uniek en bovendien voor menselijke beheersing vatbaar. De alfa’s die het Burgerlijk Wetboek hebben geschreven, wilden daar niet aan: “het begrip zaak mag niet worden vereenzelvigd met ‘stof’ in natuurwetenschappelijke zin, en uitsluitend de eisen van het ‘praktische rechtsleven’ bepalen wat het recht als zaak beschouwt.”
Oftewel: als maar genoeg mensen vinden dat ze eigenaar zijn van hun Habbo-meubilair of zeldzame Warcraft-uitrusting, dan is dat ook zo.
Voor zelf ontworpen objecten (bv voor in Second Life) zou de ontwerper waarschijnlijk wel auteursrecht kunnen claimen. Het zijn creatieve werken, en tekeningen op de computer zijn net zo goed beschermd als tekeningen op papier.
Bij standaard spelobjecten gaat die redenering niet op. Die zijn door de spelontwerper gemaakt, en de spelers kunnen ze alleen gebruiken en aan elkaar geven. Een speler kan dus geen intellectueel eigendomsrecht claimen.
Arnoud
De iPhone komt naar Europa, en met een beetje geluk binnen afzienbare tijd ook naar Nederland. Nu zit dat ding goed op slot, wat dus de vraag oproept: mag je de iPhone unlocken?
Op deze vraag (waar ik eerder nog ongenuanceerd ja op zei) probeer ik nu in een serie artikelen op Macwereld.nl antwoord te geven.
De laatste tijd is er veel in het nieuws over het unlocken van Apple’s iPhone. Europese klanten willen niet alleen graag een iPhone aanschaffen, maar deze ook gebruiken met hun eigen SIM-kaart.Maar is het SIM-unlocken van de iPhone in Nederland eigenlijk wel legaal? MacWereld.nl ging op onderzoek uit.
Lees verder in iPhone unlocken in Nederland: is het legaal? (Deel 1) – macwereld.nl.
Arnoud
Onder andere Planet meldt over het actieplan voor het gebruik van open standaards en open source software bij de (semi-)publieke sector. Het rapport Nederland open in verbinding presenteert dit als oplossing voor de problemen rond interoperabiliteit tussen overheden, bedrijven en de burger.
Interoperabiliteit tussen bedrijven en overheden en burgers en overheden en overheden onderling is een noodzakelijke voorwaarde voor het bereiken van deze maatschappelijke doelen.
Het staat er zelfs twee keer achter elkaar, zo belangrijk is het.
Versnelling en stimulering zijn nodig om de kansen die met open standaarden en open source software mogelijk zijn, nu daadwerkelijk en structureel te gaan pakken. Het momentum om te versnellen is goed: het aanbod van open standaarden en open source software is gegroeid waardoor steeds meer bruikbare, open instrumenten ter beschikking van de samenleving komen.
Hoe gaan we dat nu doen? Voor open standaards is er een duidelijke lijn:
Bij open source is het rapport iets terughoudender. Het leest enigzins alsof de discussie over wel of geen open source tijdens het opstellen van het rapport nog gevoerd werd. Veel zinnen in Wikipedia-stijl, met van die typische compromissen die je in dit soort rapporten altijd tegenkomt.
“Open source kent geen licentiekosten, maar wel invoerings- en beheerskosten net als bij gesloten software”, bijvoorbeeld. Je weet precies hoe die zin begon: “Open source kent geen licentiekosten”. Vervolgens suggereerde een lobbyistkritische lezer “maar wel invoerings- en beheerskosten”, waarna de open source fanaataanhanger sarcastisch toevoegde “net als bij gesloten software”. Meer van dit fraais in bijlage A. Maar dit terzijde.
Wel goed is deze:
Voor applicaties welke volledig voor rekening en risico door de overheid als opdrachtgever worden gerealiseerd, het uitgangspunt is dat deze werken vrij ter beschikking worden gesteld volgens een open source software licentie.
Dat is alvast een hele verbetering.
Leuk vond ik nog dat het Octrooicentrum Nederland, voorheen de Octrooiraad, overgaat naar open source voor de desktop. Open source en octrooien zijn een lastige combinatie maar open source en octrooiverlening gaat kennelijk prima samen.
Arnoud
Ook informatierecht: in hoeverre moet een bedrijf de inzet van haar software bij de ontwikkeling van massavernietigingswapens tegengaan? Een lastige voor de juristen, maar Adobe doet haar best. Wie Acrobat wil downloaden, moet deze vragen beantwoorden:

Een verstandige zet, want elke handleiding is in PDF tegenwoordig. En als de terroristen liegen, kan Adobe ze wegens contractbreuk aanpakken. Dat zal ze leren.
Via The Register.
Arnoud
Google pleit voor wereldwijde regels voor privacy-bescherming, en dan het liefst voor harmonisatie volgens het APEC privacy framework. Zo schrijft Tweakers:
Peter Fleischer, die bij Google raadgever is betreffende privacy-aangelegenheden, stelt dat het van levensbelang is voor het internet en de wereldwijde economie, maar niet in het minst voor Googles eigen zaakjes, dat er maatregelen genomen worden tegen het huidige lappendeken van conflicterende privacyregels.
Nee, APEC kende ik ook niet. De Asia-Pacific Economic Cooperation is een samenwerkingsverband tussen 21 Aziatische landen (inclusief de VS), dat niet-bindende raamwerken en adviezen opstelt. Eentje daarvan is dus het privacy framework (PDF).
De pers lijkt positief: Google in de bres voor online privacy, meldt b.v. ZDNet. De Automatisering Gids ziet zelfs een kruistocht voor privacy. Slechts een enkel bericht (de NRC bijvoorbeeld) is kritisch. Wat staat er dan voor bijzonders in dat raamwerk?
De uitgangspunten komen grotendeels overeen met de Europese privacyregels: er is een informatieplicht voor de persoon in kwestie, deze heeft het recht de gegevens aan te passen, verwerking mag alleen voor de afgesproken doelen, enzovoorts. Het raamwerk kent op diverse plekken wel de mogelijkheid af te wijken als dat “not appropriate” zou zijn.
Wat mij trof, was de uitzondering voor “publicly available information”, alle informatie die de persoon zelf publiceert of die uit openbare bronnen te halen is.
The APEC Privacy Framework has limited application to publicly available information. Notice and choice requirements, in particular, often are superfluous where the information is already publicly available, and the personal information controller does not collect the information directly from the individual concerned. Publicly available information may be contained in government records that are available to the public, such as registers of people who are entitled to vote, or in news items broadcast or published by the news media.
Concreet: het recht van inzage en de meldingsplicht dat persoonsgegevens worden verwerkt, komen te vervallen bij verwerking van publiek beschikbare persoonsgegevens. Wat op internet bij elkaar geharkt wordt, hoeft niet gemeld te worden aan de betrokkene(n). Dat wijkt behoorlijk af van de Europese regels.
Een andere belangrijke afwijking is dat de APEC regels geen onderscheid maken tussen ‘gewone’ en ‘bijzondere’ persoonsgegevens. Die laatste zijn bijvoorbeeld ras, afkomst of seksuele voorkeur. Zulke gegevens mogen alleen in bijzondere gevallen worden verzameld en verwerkt, en daar gelden extra strenge regels voor. Het APEC raamwerk doet daar niet moeilijk over, dat mag gewoon allemaal.
Daarnaast is dit raamwerk zo algemeen geformuleerd dat je nauwelijks kunt spreken van een eenvormige regeling. De juridische kritiek is dan ook niet mals.
Natuurlijk zijn deze regels fijn voor Google, dat immers vrijwel alleen informatie uit openbare bronnen verwerkt. Denk aan Google Street View en allerlei databanken die zij verzamelen en combineren. Reden voor EPIC om boos te worden.
Het idee van wereldwijd dezelfde privacyregels is natuurlijk goed. Alleen, dan moeten het ook wel goede regels zijn.
Arnoud