Wanneer moet je een geband persoon teruglaten op je forum?

Van forums verwijderd (geband) worden is een regelmatig terugkerend onderwerp hier. Logisch ook: de gemoederen lopen hoog op en dan wordt er al snel met juridische taal gegooid. Hier weer een lastige die we nog niet gehad hebben.

Eén van onze bezoekers had nogal ongezouten en vaak grove meningen gepost op ons forum. Vanwege taalgebruik en klachten van anderen is zij na een paar waarschuwingen tijdelijk geband. Na die ban kwam ze weer terug en begon alles van voren af aan. Toen hebben we haar permanent verbannen, zoals ook in ons reglement staat. Toen kwam ze vanaf een ander IP-adres terug met een andere usernaam, die we vervolgens ook weer opgeheven hebben. Nu schrijft zij: “ik wil alleen maar op het forum kunnen posten. Jullie bans zijn een schending van mijn vrije meningsuiting en ik ga daar stappen tegen ondernemen.”

Als site-beheerders heb je natuurlijk het recht om je site in te richten zoals je wilt. Maar als je je site openstelt voor anderen, dan kun je niet zomaar meer eenzijdig bepalen hoe alles verloopt. Je moet dan rekening houden met de belangen van je bezoekers.

Een goed huisreglement is dan van wezenlijk belang. Daarin zet je wat je wel en niet gewenst acht op je forum, en wat je gaat doen als mensen zich daar niet aan houden. Na een waarschuwing een tijdelijke en daarna een permanente uitsluiting is bijvoorbeeld een prima regeling. Zolang maar duidelijk is wat de regels zijn.

Desondanks kunnen forumbeheerders of moderators niet zomaar elk bericht om elke reden verwijderen of aanpassen. Iemands meningsuiting is beschermd, en er moet dus een geldige reden zijn om dat te doen. Bij illegale bijdragen (belediging, racisme, inbreuk op andermans rechten) is er evident zo’n geldige reden aanwezig. Reclame mag ook zomaar verwijderd worden. En berichten die off-topic zijn, kunnen verplaatst of eventueel verwijderd worden. Maar inhoudelijk ingrijpen bij on-topic discussies zou zeer uitzonderlijk moeten zijn.

Wie zich echter aantoonbaar misdraagt en bij herhaling de regels overtreedt, mag van een forum worden uitgesloten. Belooft hij dan beterschap, dan mag het forum hem terugnemen maar dat hoeven ze uiteraard niet te doen. Dat is dan de keuze van de beheerders.

Arnoud

Te duur artikel geleverd: moet het terug?

Een blij verraste lezer mailde me:

Ik heb een processor via een webshop besteld, maar er is een duurdere geleverd. De factuur vermeldt gewoon het typenummer dat ik besteld had, dus ik denk dat het om een fout gaat aan hun kant. Ben ik verplicht de processor terug te sturen?

De winkel was verplicht om de juiste processor te leveren (binnen 30 dagen, tenzij anders afgesproken). Als ze die niet hebben, mogen ze een gelijkwaardig alternatief leveren. Tenminste, als dan in hun algemene voorwaarden vermeld is. Dat zou je dus even na moeten lezen, en als dat er staat, mag je er vanuit gaan dat dit een vervangend product is (art. 7:46f lid 3 BW). En dan mag je het gewoon houden. Maar ja, op die factuur staat niet “vervangend product” of zo, dus dat pleit er weer voor dat iemand het verkeerde doosje heeft gepakt in het magazijn.

In de meeste gevallen kom je dan uit op art. 7:17 BW, waarin staat dat het geleverde aan de overeenkomst moet beantwoorden. Volgens lid 3 is dat altijd het geval bij een “andere zaak dan overeengekomen”. De koper kan dan vervanging eisen (art. 7:21 lid 1 BW). De kosten van de vervanging komen voor rekening van de verkoper (7:21 lid 2 BW). Kortom, de zaak moet teruggestuurd en de winkel moet het juiste product aanleveren.

Zit je nog in de bedenktijd van zeven werkdagen na ontvangst, dan mag je ook de koop ontbinden (art. 7:46d BW). Ook dan moet het product terug, maar dan komen de kosten voor rekening van de koper. Dat zou ik dus niet doen in dit geval.

Je kunt de winkel even bellen of mailen en kijken of je tot een gunstig compromis kunt komen. Terugsturen en een nieuw product sturen is voor hen ook het nodige werk met bijbehorende kosten. Misschien zijn ze wel bereid om het er bij te laten, of bieden ze aan dat je de dure processor mag houden tegen slechts een kleine bijbetaling.

Je zou er natuurlijk op kunnen gokken dat de winkel niet doorkrijgt dat ze het verkeerde hebben geleverd. Maar stel dat ze dat wel doen? Dan kunnen ze eisen dat je het teruggeeft. De processor is immers niet degene die je had gekocht, dus je houdt nu iets in bezit dat niet van jou is. En dat heet verduistering en is een misdrijf.

Mij is het nog nooit overkomen. Jullie wel?

Arnoud

Hoe kom je onder een opzegtermijn uit?

Er is veel klein leed bij internetgebruikers in hun relatie met de provider, zo blijkt uit de vele reacties over mijn artikel over contracten met internetproviders. Eén van de gemailde vragen ging over de opzegtermijn: deze lezer had een jaarabonnement met een opzegtermijn van drie maanden. Die had hij met een week gemist. Zit hij nu werkelijk voor weer een jaar vast aan het contract?

Als je snel bent, en je provider een beetje coulant, zou een weekje te laat opzeggen geen probleem moeten zijn. Maar dat is een gunst en geen recht: als de voorwaarde drie maanden zegt, moet je voor die tijd opzeggen. Meestal.

Want drie maanden opzegtermijn is wel erg lang voor een jaarabonnement, zeker omdat een provider meestal vrij weinig hoeft te doen om een abonnement te beëindigen. Hooguit moet er een ADSL- of kabelmodem terug, en daar is echt geen drie maanden voor nodig.

De wet stelt dan ook regels over lange opzegtermijnen. Op de zogeheten grijze lijst van “vermoedelijk onredelijk bezwarende” algemene voorwaarden staat dit:

Vermoedelijk onredelijk bezwarend is een beding dat de wederpartij aan een opzegtermijn bindt die langer is dan drie maanden of langer dan de termijn waarop de gebruiker de overeenkomst kan opzeggen.

Inderdaad, meer dan drie maanden. De provider zit hier dus precies op de grens, zo lijkt het. Maar nee. Het feit dat meer dan drie maanden in principe verboden is, betekent niet dat een opzegtermijn van drie maanden dus toegestaan is. Je mag de grijze lijst niet a contrario toepassen, zoals juristen dat noemen.

Wel is het zo dat nu de bewijslast bij de klant ligt. Die moet aantonen dat drie maanden onredelijk bezwarend is. Als de termijn meer dan drie maanden was, dan werd de bewijslast omgekeerd en moest de provider aantonen dat de termijn juist wel redelijk was. Wat meestal niet lukt; zie bijvoorbeeld LJN AU0617 waar een opzegtermijn van maar liefst negen maanden ongeldig werd verklaard.

Als het de klant lukt om aan te tonen dat de opzegtermijn onredelijk lang is, dan zal de rechter de bepaling over opzegtermijn in zijn geheel schrappen (“vernietigen”). Je mag dan zelfs 1 dag voor het einde van het contract nog opzeggen. Maar omdat voor elkaar te krijgen, moet je vrees ik wel naar de rechter, want het bedrijf zal zich niet snel laten overtuigen door zo’n argumentatie.

Misschien aardig om gelijk een mini-poll te houden: ik heb dertig dagen opzegtermijn bij mijn provider, en jullie?

Arnoud

Opzegkosten bij een ADSL-abonnement

Een gratis ritje op een kameel en dan bij het af willen stappen horen “oh ja, dat kost tien dollar.” Het is mijn broer overkomen. Natuurlijk is dat niet legaal: de prijs moet je verteld worden voordat je op het aanbod ingaat.

En, zo vroeg een lezer me, geldt dat ook voor abonnementen?

Pardon, zult u denken, wat moet ik me daarbij voorstellen. Nou simpel: een ADSL-abonnement zonder aansluitkosten, maar € 74,95 voor “Kosten beëindiging abonnement”. SurfSnel ADSL van onderwijsinternetdienstverlener InterNLnet. Of 30 euro opzegkosten bij een Internetbellen abonnement van Abel Telecom. Of 39 euro afsluitkosten bij Quicknet. Of 75 euro opzegkosten bij Qfast. En zo zijn er nog wel meer.

(update 3 november 2009: wellicht handig om te weten dat per 1 juli 2009 het verboden is om in telecomcontracten opzegkosten in rekening te brengen, ongeacht welke smoes men daarvoor heeft. Dit blijkt uit artikel 7.2a Telecommunicatiewet. Zie ook deze blogpost over de wetswijziging in kwestie.)

Het wordt hier vooraf netjes en duidelijk vermeld, dus je weet waar je aan toe bent als je zo’n abonnement neemt. Niks mis mee, zou je denken. Niet helemaal: we hebben ook nog zoiets als de grijze lijstvan “vermoedelijk onredelijke bedingen” in algemene voorwaarden. En daar staat op:

Vermoedelijk onredelijk bezwarend is een beding dat voor het geval de overeenkomst wordt beëindigd anders dan op grond van het feit dat de wederpartij in de nakoming van haar verbintenis is tekort geschoten, de wederpartij verplicht een geldsom te betalen, behoudens voor zover het betreft een redelijke vergoeding voor door de gebruiker geleden verlies of gederfde winst.
Dit betekent dus dat bij een ‘gewone’ opzegging door de gebruiker er geen boete in rekening gebracht mag worden, tenzij daar een hele goede reden voor is. Of tenzij het gaat om een redelijke vergoeding voor de aanbieder. Daarom is een boeteclausule bij voortijdig opzeggen redelijk: de aanbieder rekent op een jaar lang inkomsten, en die loopt hij mis doordat de afnemer er ineens onderuit wil terwijl hij had beloofd een jaar lid of abonnee te blijven.

Dat is hier niet aan de orde. Wel zitten er voor providers kosten aan het afhandelen van een opzegging. Bij ADSL is er namelijk het punt dat vrijwel alle ADSL-aanbieders het telefoondraadje van KPN huren om hun dienst te kunnen leveren. KPN rekent aan- en afsluitkosten om dit voor elkaar te krijgen. Het is dan wel zo transparant om dat aan je klant door te berekenen. Het alternatief zou zijn om het te verstoppen in het maandbedrag, en dan betaal je eigenlijk meer als je lang abonnee blijft. Wat ook weer raar is.

Arnoud

Typefout bij prijs LCD-televisie niet bindend voor webwinkel

Otto hoeft geen lcd-televisies te leveren voor 99 euro, ook al stond de tv eind 2006 voor deze prijs op de website. Dat meldt NU.nl naar aanleiding van het arrest in hoger beroep van de Stichting Postwanorder. Een hele opluchting voor veel webwinkels. Een typefout betekent niet dat je automatisch vastzit aan het getoonde aanbod.

OTTO bood HD-Ready Philips LCD-televisies te koop aan, en vermeldde daarbij een prijs van 99 euro. Dit terwijl de apparaten al gauw een paar duizend euro kosten. Nu mag je natuurlijk best eens flink stunten, maar in dit geval was het -aldus OTTO- een programmeerfoutje in het computersysteem (CMS). Daar stond tegenover dat de besteller een bevestiging per e-mail kreeg dat zijn bestelling ontvangen was. Mag hij er dan niet vanuit gaan dat de bestelling voor dat bedrag geaccepteerd is?

Nee, aldus het Hof. OTTO stuurde die mail alleen maar omdat ze van de e-commerce wetgeving (art. 6:227c BW) verplicht zijn ontvangstbevestigingen van geplaatste bestellingen te sturen. Dat is dus geen “opdrachtbevestiging” of bewijs van een totstandkoming van een overeenkomst. Het Hof vindt dan ook bewezen dat OTTO niet gewild heeft deze LCD-televisies voor 99 euro te verkopen.

Het zou natuurlijk een mooie boel worden als iedereen maar vanalles kan aanbieden en dan zeggen dat hij het eigenlijk niet zo bedoeld heeft. Vandaar dat artikel 3:35 BW zegt dat als er gerechtvaardigd vertrouwen aan de kant van de koper is opgewekt, de verkoper niet meer onder de overeenkomst uit kan. Wanneer is er gerechtvaardigd vertrouwen?

Bij de beantwoording van deze vraag moet uitgegaan worden van een gemiddelde consument, dat wil zeggen een gemiddeld geïnformeerde consument. Van een consument, die van plan is een lcd televisie te kopen, mag namelijk verwacht worden dat deze zich tevoren globaal heeft georiënteerd op de prijzen van lcd televisies.

Daarbij moet je op deze factoren letten:<br/> a) het soort product: hier een HD ready breedbeeld lcd televisie<br/> b) het soort merk: hier het A-merk Philips<br/> c) productfactoren die iets zeggen over de prijs: hier een beelddiameter van 80 cm<br/> d) de aangegeven prijs: hier dus € 99,90 dan wel € 99,00<br/> e) aanduidingen bij het product: hier in rode hoofdletters de vermelding ‘NIEUW’,<br/> f) aanduidingen die kunnen wijzen op een stuntaanbieding, een ‘prijsknaller’ of een anderszins ‘bijzonder’ aanbod: hier niets van te zien

Een gemiddeld geïnformeerd consument weet, althans behoort te weten, dat de prijzen van een televisie van het soort onder a t/m c variëren van circa € 700,00 tot ongeveer € 1.300,00. Zeker als ze nieuw in de collectie zitten. De aangegeven prijs is zodanig laag dat er wel heel grote aanduidingen zoals onder f aangegeven bij moeten staan, wil die nog geloofwaardig zijn.

Bovendien hoort de consument bij een dusdanig lage prijs op onderzoek uit te gaan (art. 3:11 BW, zo ook mijn oma). Iets dat te mooi lijkt, zal ook wel te mooi zijn. Je had even met OTTO kunnen bellen of mailen, of bijvoorbeeld op een prijsvergelijkingssite kunnen kijken. Dat had iemand op Tweakers ook gedaan, en die kreeg meteen te horen dat de prijs van de LCD-tv en de bijpassende muurbeugel omgedraaid waren.

Waarom het na al die (volgens OTTO opvallend veel mannelijke) klanten met vragen over de prijs nog een paar dagen moest duren voor de prijs gecorrigeerd was, is me niet duidelijk. Maar het feit dat OTTO de prijs zeven dagen had laten staan, blijkt niet relevant. OTTO kan tenslotte niet elke dag al haar prijzen controleren op eventuele typefouten. Update (23 januari) Hierover kritisch Menno Weij. Weij wijst terecht op de zorgplicht van OTTO om de fout zo snel mogelijk te herstellen.

Eerder had Steven Ras nog aangetoond dat OTTO’s beroep op haar algemene voorwaarden hier niet opging. Maar dat blijkt geen probleem: deze prijs is zodanig laag dat je als consument behoort te weten dat dit een fout is.

Enigszins opmerkelijk vond ik nog het taalgebruik (“dat het een stuntaanbod was of zo” in de samenvatting).

(Afbeelding LCD-tv via Tweakers)

Update (1 november 2012) ook in zakelijke context zijn vergissingen niet altijd bindend: NVM maakte foutje op Funda maar wederpartij mocht daar niet van profiteren.

Arnoud

Wetgeving webwinkels is complex (via Frankwatching)

Een interessante presentatie over de regels rond webwinkels en koop op afstand, door advocaat Ernst-Jan van de Pas van kantoor Dirkzwager:

Goed initiatief om dit op Slideshare te zetten. Alleen de volgende keer misschien zonder bolletjes 😉

Via Frankwatching.

Arnoud

Het nut van een disclaimer

Software-licenties, met name open source licenties, hebben altijd uitgebreide en vergaande disclaimers. De OpenBSD open source licentie zegt bijvoorbeeld:

THE SOFTWARE IS PROVIDED “AS IS” AND THE AUTHOR DISCLAIMS ALL WARRANTIES WITH REGARD TO THIS SOFTWARE INCLUDING ALL IMPLIED WARRANTIES OF MERCHANTABILITY AND FITNESS. IN NO EVENT SHALL THE AUTHOR BE LIABLE FOR ANY SPECIAL, DIRECT, INDIRECT, OR CONSEQUENTIAL DAMAGES OR ANY DAMAGES WHATSOEVER RESULTING FROM LOSS OF USE, DATA OR PROFITS, WHETHER IN AN ACTION OF CONTRACT, NEGLIGENCE OR OTHER TORTIOUS ACTION, ARISING OUT OF OR IN CONNECTION WITH THE USE OR PERFORMANCE OF THIS SOFTWARE.

De basisregel uit het recht is dat je aansprakelijk gehouden kunt worden voor onrechtmatig gedrag, en ook voor beloftes die je niet nakomt. Als je dus claimt dat je software perfect werkt, en er blijkt een fout in te zitten, dan heb je een probleem. Vandaar dat iedereen roept dat de software niets kan en nergens geschikt voor is.

Zo’n disclaimer werkt echter niet altijd. Zo mag een bedrijf in relaties met consumenten niet zomaar elke aansprakelijkheid uitsluiten. Als ik een wasmachine koop, dan moet deze gewoon werken en de leverancier kan niet met een sticker “This washing machine is provided as-is” daar onderuit komen.

Waarom trouwens met hoofdletters? Omdat Amerikaans recht (de Uniform Commercial Code, artikel 2-316) eist dat je bepalingen over aansprakelijkheid “conspicuous” weergeeft. En wat dat is, staat weer in artikel 1-201(b)(10):

“Conspicuous”, with reference to a term, means so written, displayed, or presented that a reasonable person against which it is to operate ought to have noticed it. Whether a term is “conspicuous” or not is a decision for the court. Conspicuous terms include the following: (A) a heading in capitals equal to or greater in size than the surrounding text, or in contrasting type, font, or color to the surrounding text of the same or lesser size; and (B) language in the body of a record or display in larger type than the surrounding text, or in contrasting type, font, or color to the surrounding text of the same size, or set off from surrounding text of the same size by symbols or other marks that call attention to the language.

Het hoeft dus niet per se in hoofdletters, maar in een plat tekstbestand heb je weinig andere keus.

Arnoud

Bezorging bij de buren van je koop op afstand

Dingen kopen via internet is hartstikke handig, maar het laten bezorgen blijft een probleem. Ik ben nooit thuis, maar gelukkig heb ik betrouwbare buren die de pakketjes dan voor mij aannemen. Maar wat nu als je dat niet wilt?

TNT Post zegt hierover:

Het merendeel van onze klanten vindt het prettig dat zendingen bij de buren wordt bezorgd. Hierdoor hoeft men de zending niet van het Postkantoor af te halen. Er is een mogelijkheid bezorging bij buren te voorkomen. U regelt dat met de afzender van het pakket. Die dient op het pakket de tekst “Alléén huisadres” te vermelden. Voor de verzender van een pakket is op het Postkantoor ook een sticker met deze tekst verkrijgbaar.
Sorry, geen link, want hun site is zo brak dat je die tekst alleen kunt vinden door te zoeken naar “pakket buren”.

Desondanks is het mij een tijd geleden gebeurd dat de postbode zo servicegericht was dat hij een pakket voor mijn buren met die tekst toch bij mij afgaf zonder dat ik iets hoefde te tekenen. Wat nu als ik dan staalhard had ontkend iets te hebben aangenomen?

Dan hadden mijn buren de verzender kunnen aanspreken. Verzending is immers voor risico van het bedrijf (art. 7:11 BW). Gezien die tekst had het pakket bij hen bezorgd moeten worden en niet bij eventuele buren. En zelfs als toch vast komt te staan dat het pakket bij mij bezorgd is, dan nog heeft de verzender het pakket niet bij de juiste ontvanger laten bezorgen, zodat de schade voor zijn risico is.

Verstandiger is dan ook om de bestelling aangetekend te laten versturen (“met handtekening retour”). Dan moet de ontvanger tekenen, en aangezien jouw buurman niet voor jou mag tekenen, heb je zo meer controle over waar het pakket terechtkomt. Iets lastiger ligt het bij een huisgenoot. Als een huisgenoot van jou het pakket aanneemt, dan mag de postbode veronderstellen dat die huisgenoot gemachtigd is om pakketjes in jouw naam aan te nemen, tenzij er “uitsluitend de geadresseerde mag tekenen” op het pakket staat (de duurste optie bij aangetekend versturen).

Er zijn trouwens ook bedrijven die alleen van maandag t/m donderdag tussen 10 en 4 bezorgen, geen tijdstip kunnen noemen, niet vooraf kunnen/willen bellen, niet bij de buren afgeven en hun distributiecentrum op een industrieterrein in Oost-Patagonië dan wel Twente gevestigd hebben waar je het alleen na afspraak en met een brief van je directeur op geschept bedrijfspapier kunt afhalen. Erg fijn als je dan als particulier iets geleverd wilt krijgen. Jammer genoeg is het vaak onmogelijk om bij een webwinkel vooraf uit te zoeken welk bezorgbedrijf men zal gebruiken.

Arnoud

Wanneer mag je iemands berichten van je forum verwijderen?

De beheerder van een forum mailde mij:

Een van onze leden heeft gigantische ruzie gemaakt met zo ongeveer iedereen en daarbij onze huisregels zwaar overtreden. Wij hebben hem dan ook geband (verbannen). Maar de berichten hebben we laten staan, want mensen moeten kunnen lezen wat er is gebeurd. Hij eist nu dat wij alle berichten van en over hem verwijderen. Kan hij dat?

Uit de privacy-richtsnoeren blijkt dat de privacywet hier mogelijkheden biedt voor het met ruzie vertrokken ex-lid.

Elk bericht dat hij plaatste, is namelijk een “persoonsgegeven” omdat het te herleiden is tot deze specifieke persoon. Hij heeft dus het recht te beslissen wat er met dat bericht mag gebeuren.

Door het bericht te plaatsen, gaf het forumlid toestemming voor deze “verwerking” van persoonsgegevens. Anderen mochten het bericht, het persoonsgegeven dus, lezen en in hun reacties verwerken. Tot zover geen probleem.

Die toestemming kan echter op elk moment worden ingetrokken, en dat betekent dat men met de verwerking moet stoppen. Je kunt niet in het huisreglement iemand verbieden deze toestemming in te trekken. De door het ex-lid geplaatste berichten moeten dus in principe worden verwijderd als hij daarom vraagt. De enige reden om het te mogen laten staan, is als er een “eigen gerechtvaardigd publicatiebelang” is.

Zo’n belang kan bijvoorbeeld zijn dat door de verwijdering de discussie onbegrijpelijk wordt. In dat geval, zo zeggen de richtlijnen, kun je volstaan met de naam van de plaatser vervangen door [VERWIJDERD] of iets dergelijks. Tenzij de inhoud van het bericht zelf nog informatie over de plaatser bevat, dan zou die informatie moeten worden geschrapt.

Een advertentie op b.v. Marktplaats zou dus door het bedrijf verwijderd moeten worden als de plaatser daarom vraagt. Iemands recensie van een film op een forum voor filmliefhebbers ook. Zulke berichten kun je verwijderen zonder dat andere berichten daardoor onbegrijpelijk worden, en als dat kan, dan moet het ook.

Informatie verwijderen die in andermans berichten verwerkt is, is heel erg lastig. Deze verwerking was in het kader van een vrije meningsuiting. Verwijderen mag dan alleen als het echt absoluut de enige manier is om de inbreuk op de privacy van de originele poster (het ex-lid dus) te beëindigen. En dat zal vrijwel nooit het geval zijn.

Arnoud

Ingebrekestelling per e-mail is rechtsgeldig

Een ingebrekestelling per e-mail mag ook, zo besliste de rechtbank in Amsterdam eind december. Dit is opmerkelijk, omdat de wet (art. 6:82 BW) eist dat zo’n ingebrekestelling schriftelijk moet gebeuren.

Wat is het nut van iemand in gebreke stellen? Menno Weij, die het vonnis vond, legt uit:

Het doel van een ingebrekestelling is om de andere partij (hier: de leverancier)nog een redelijke termijn te gunnen om alsnog aan een contractuele verplichting te voldoen – het kunnen “zuiveren” van een tekortkoming. Gebeurt dat niet, dan is die andere partij na verstrijken van die redelijke termijn juridisch in verzuim, en treden voor de ingebrekestellende partij (hier: de gebruiker) bepaalde rechtsmiddelen in, zoals bijvoorbeeld het recht tot schadevergoeding en/of het recht op beëindiging van het contract.

De reden om dit schriftelijk te moeten doen, is omdat dit een belangrijke eerste stap op weg naar een rechtszaak is. Het is dan wel zo handig als die netjes vastgelegd is. Is een ingebrekestelling per e-mail dan wel wenselijk? Met andere woorden, mag je “schriftelijk” bij een ingebrekestelling wel zo uitleggen dat e-mail er onder valt?

De rechter is in dit vonnis erg kort: aan alle voorwaarden is voldaan met deze e-mail, zo schrijft hij. Ik kan alleen nergens vinden waarom. Toen dit wetsartikel werd ingevoerd, dacht nog niemand aan e-mail. In de parlementaire behandeling wordt alleen de telex en het telegram genoemd als mogelijke “geschriften”, maar (natuurlijk) geen e-mail.

In de Tekst en Commentaar, het handboek voor juristen zeg maar, staat echter simpelweg dat “schriftelijk” mede omvat een fax, telex of e-mail. De vorige versie (uit 2004) noemt alleen fax en telex. Wat is er tussen 2004 en 2007 gebeurd dat men het zo vanzelfsprekend vond dat e-mail nu zonder verdere uitleg of bronvermelding bij dit rijtje mocht?

Bij overeenkomsten met schriftelijkheidsvereiste was het nodig om een apart wetsartikel (art. 6:227a BW) in te voeren waarin staat dat die overeenkomsten ook elektronisch mogen.

Bij de behandeling van het wetsvoorstel waar dit werd ingevoerd (28197, nr. C) legde de minister uit dat dat artikel 6:227a alleen voor overeenkomsten geldt, omdat de Europese Richtlijn alleen eiste dat men dit voor overeenkomsten invoerde. Nederland gaat dan niet alvast ook de regels van andere rechtshandelingen aanpassen. En daarna zei hij dit:

Het gevolg daarvan is dat voor andere rechtshandelingen dan (verbintenischeppende) overeenkomsten vooralsnog aan de hand van de bestaande bepalingen zal moeten worden bezien of en onder welke voorwaarden de desbetreffende rechtshandeling ook langs elektronische weg rechtsgeldig kan worden verricht. Het enkele feit dat in de wet het woord «schriftelijk» of een daarvan afgeleid woord is gebruikt, behoeft daaraan overigens niet steeds in de weg te staan.

De minister sluit dus niet op voorhand uit dat een elektronische ingebrekestelling ongeldig is enkel omdat hij elektronisch is. Maar om van daar naar een categorisch toestaan van elektronische ingebrekestellingen, gaat me nogal ver.

Iemand enig idee hoe dit zit?

UPDATE (12:12) Menno Weij van Solv reageert: “ja, een ingebrekestelling per e-mail moet kunnen”. En wel hierom:

Omdat er naar mijn smaak niet veel verschil zit tussen enerzijds telegram (bestaat dit fenomeen trouwens nog?) telex en fax, en anderzijds e-mail. Ten tweede kunnen partijen naar mijn smaak contractueel anders bepalen – het vereiste in artikel 6:82 BW is met andere woorden dus geen dwingend recht. Daar komt bij dat er voor de ontvanger van de mail enige bescherming bestaat op de voet van 3:37 BW – de verzender van de e-mail (met daarin dus de ingebrekestelling) dient aan te tonen dat de e-mail de ontvanger ook daadwerkelijk heeft bereikt.

Update (23 oktober 2011) soms kunnen ook mondelinge klachten als ingebrekestelling tellen. Formeel gezegd: een mondelinge mededeling van een medewerker “dat het niet gaat lukken” mag de klant opvatten als mededeling van het bedrijf (6:83 onder c BW). Dan is ingebrekestelling niet meer nodig.

Arnoud