Beelden van bewakingscamera toch bruikbaar als bewijs?

| AE 2070 | Regulering, Security | 3 reacties

Het Openbaar Ministerie mag gevorderde bewakingsbeelden van een bewakingscamera van een bank gewoon gebruiken als bewijs in een strafzaak tegen een fietsendief. Dat oordeelde de politierechter Zutphen vorige week. Dat die beelden gevoelige persoonsgegevens over het ras van de verdachte zouden bevatten, was voor de rechter niet relevant.

In mijn blog van de 9e reageerde ik op een arrest van 23 maart waarin de Hoge Raad het gebruik van camerabeelden door het Openbaar Ministerie verbood omdat ze niet op de juiste wijze gevorderd waren. Op camerabeelden zijn namelijk het ras of de afkomst van de gefilmde personen te zien, en daarmee zijn die beelden aan te merken als “bijzondere persoonsgegevens” waarvoor extra zware regels gelden voordat het OM ze mag gebruiken in een strafzaak. Zo moet het gaan om een ernstig misdrijf en moet de rechter-commissaris toestemming hebben gegeven voor de opeising.

De politierechter oordeelt nu dat in gevallen als deze (opvragen beelden uit de openbare ruimte) er géén sprake is van een privacyschending. Beter gezegd: de strenge regels rond het opeisen van bijzondere persoonsgegevens gelden niet voor situaties als deze, omdat

het belang om zich onbespied in de openbare ruimte te begeven, niet het privacy-belang is dat de regeling van artikelen 126nc en verder Sv beoogt te beschermen.

De redenering erachter lijkt te zijn dat de politie niet op zoek was naar gegevens over het ras van de verdachte en dus geen bijzondere persoonsgegevens heeft opgevraagd. In de zaak waar de HR over oordeelde, werd expliciet gevraagd om pasfoto’s en dus ook om informatie over het ras/afkomst van de betrokken personen:

De vordering strekte er dan ook toe om tegelijk met een persoon identificerende gegevens, ook gevoelige gegevens, zoals uit een foto blijkende informatie omtrent huidskleur van de betrokken reizigers, te verkrijgen.

Ik heb echter grote moeite om deze redenering te volgen. Gaat het er nu om dat je een pasfoto opvraagt in plaats van een overzichtsbeeld? Of dat je moet weten dat op pasfoto’s het ras goed zichtbaar is? In beide gevallen heeft de politie niet gevraagd om te weten wat het ras van de gefotografeerde of gefilmde personen is, maar in beide gevallen is het wel inherent aan het opvragen van beelden dat je dat te weten komt.

Op zich ben ik het 100% eens met de stelling dat de regels over persoonsgegevens over ras en afkomst niet bedoeld waren om te voorkomen dat mensen gefilmd worden door bewakingscamera’s, maar ze lezen er wel op. Er is dus m.i. geen ruimte meer voor een belangenafweging of de privacyschending te verwaarlozen is of slechts als “bijvangst” (bijkomstige schade?) gezien man worden. Een hoger beroep zou dus zeker kansrijk zijn.

Het blijft een bijzonder onbevredigende situatie. Ik zie alleen nog steeds geen oplossing. De redenering “de wet is hier niet voor bedoeld dus die laat ik buiten beschouwing” is me te makkelijk, en geeft bovendien te veel ruimte voor willekeur. Dat moeten we niet hebben, zeker niet in het strafrecht.

Oh en @Matthijs: ik erger me al heel lang aan de toepasselijkheid van de kaartenbakwet op beelden.

Arnoud

Geen last meer van gezichtsherkenning?

| AE 2064 | Privacy, Regulering, Security | 10 reacties

camera-gezichtsherkenning-surveillance-makeup.jpgCameratoezicht is ondertussen onvermijdelijk. En bij enkel gefilmd worden blijft het niet: steeds meer camera’s krijgen automatische-gezichtsherkenningssoftware zodat ook nog eens bijgehouden kan worden waar je allemaal heen gaat. maar daar heeft Adam Harvey, onderzoeker bij NYU’s Interactive Telecommunications Program, nu een oplossing (via) voor gevonden: hij heeft de algoritmes gereverse-engineerd waarmee gezichtsherkenning werkt, en vervolgens patronen ontwikkeld die die algoritmes verstoren. De voorbeeldpatronen, onderdeel van zijn scriptie, laten enkele mooie voorbeelden zien.

Gezichtsherkenning werkt aan de hand van patroonherkenning. Een roze ellipsvormig ding waarbinnen een roodachtig langwerpig item en twee wittige objecten daarboven zal wel een gezicht zijn. Een bekende techniek, in vrijwel alle camera’s met gezichtsherkenning gebruikt, is gebaseerd op de Viola-Jones techniek. Deze deelt een afbeelding op in blokjes en probeert elk blokje te classificeren als bv. “oog” of “mond” of “wenkbrauw”. Met voldoende herkende (geclassificeerde) blokjes kan een gezicht worden herkend. Deze make-up verstoort die herkenning, zo bleek uit het onderzoek van Harvey.

Ben benieuwd of ik met zulke make-up het casino in kom.

Arnoud

Beelden van bewakingscamera niet bruikbaar als bewijs?

| AE 2057 | Privacy, Regulering, Security | 23 reacties

Straatrovers, inbrekers en zakkenrollers dreigen vrijuit te gaan indien in hun strafzaak gebruik wordt gemaakt van beelden van bewakingscamera’s, las ik bij Security management. Men baseert zich op een artikel in De Telegraaf waarin wordt gemeld dat camerabeelden niet zomaar door justitie kunnen worden opgeëist als bewijs, omdat het “gevoelige informatie” kan bevatten over iemands ras. Dat zou de Hoge Raad geoordeeld hebben.

Het was even spitten, maar ik vond een arrest van 23 maart waarin de offficier van justitie persoonsgegevens had gevorderd (naam, adres, postcode, woonplaats en eventuele foto) van de gebruikers van kaarthouders van een OV-chipkaart die in een bepaalde tijdsperiode op bepaalde metrostations hadden in- en uitgecheckt. Dit op grond van artikelen 126nd en <A HREF=”http://lexius.nl/Sv/126ud.

Er staat expliciet “De vordering kan niet betrekking hebben op persoonsgegevens betreffende … ras” in lid 2 van artikel 126nd. Het is binnen de jurisprudentie rond persoonsgegevens aanvaard dat een foto van iemand kan worden gezien als een “persoonsgegeven betreffende ras”, omdat je op een foto kunt zien wat iemands ras of etnische afkomst is. Een foto van een persoon mag dus niet worden gevorderd op grond van artikel 126nd Strafvordering.

Wel een grond biedt artikel 126nf Strafvordering, dat expliciet zegt dat foto’s en andere van deze gevoelige persoonsgegevens wel mogen worden gevorderd, maar alleen:

  1. in geval van verdenking van een ernstig misdrijf waar (kort gezegd) minstens 4 jaar cel op staat, en
  2. na voorafgaande schriftelijke machtiging, op vordering van de officier van justitie te verlenen door de rechter-commissaris.

Omdat die machtiging er niet was, oordeelde de Hoge Raad dat de pasfoto’s van de ovchipkaarthouders niet mochten worden afgegeven. Zij verwerpt daarbij het standpunt dat artikel 126nf alleen zou gelden als de officier de intentie zou hebben het ras van de mensen op de foto te willen weten. Ook als ‘bijvangst’ mag een officier geen gegevens over ras of etnische afkomst opvragen zonder machtiging van de rechter-commissaris.

Hiermee is er dus een grond om tegen elk gebruik van opgeëiste camerabeelden te ageren: er is geen machtiging voor gevraagd. Bovendien zal lang niet bij elke beroving of inbraak sprake zijn van een misdrijf dat een “ernstige inbreuk op de rechtsorde” oplevert, zodat die machtiging niet altijd gegeven zal worden.

Het lijkt me niet echt een wenselijke uitkomst, want het doorkruist compleet het mogen opvragen van camerabeelden. Maar ik zie niet 1-2-3 een antwoord hierop.

Update: in dit arrest vindt Gerechtshof Arnhem juist dat

Het gaat immers om beelden die (anders dan in het geval van de Hoge Raad) niet aan [bank] waren toevertrouwd, maar om een opname van een beveiligingscamera waarvan de aanwezigheid op allerlei plekken in de publieke ruimte en in het bijzonder bij pinautomaten van algemene bekendheid is. Om meer of anders dan een foto- of videoregistratie van de (bij een duidelijke opname voor het bewijs bruikbare) fysionomie van degene die voor een bepaalde geldtransactie van de pinautomaat in kwestie gebruik heeft gemaakt, gaat het hier niet. Van een (aan de beelden of de opnamen daarvan) voorafgegane verwerking van gevoelige persoonsgegevens als bedoeld in artikel 16 Wet bescherming persoonsgegevens, is bij deze registratie geen sprake geweest. Het verbod van artikel 18 van de wet doet zich (daarom) evenmin gelden. Het beeldmateriaal in kwestie kon daarom op de voet van artikel 126nd/ud van het Wetboek van Strafvordering worden gevorderd en kan en mag om die reden voor het bewijs worden gebruikt en het hof doet dat.

Update (22 november 2012): in deze uitspraak vindt de rechtbank Rotterdam dat er wél sprake is van een vormverzuim als niet met een machtiging is gevorderd, maar verbindt daar geen gevolgen aan:

Met de raadsman oordeelt de rechtbank dat artikel 126nf WvSv de juiste rechtsgrond was. De rechtbank constateert dat er sprake is van een vormverzuim. Echter, aan de materiële criteria van artikel 67 lid 1 WvSv, te weten dat een ernstige inbreuk op de rechtsorde is gemaakt en dringende noodzakelijkheid, is wel voldaan. Om die reden volstaat de constatering van het gemaakte verzuim.

Arnoud

AIVD mag stofzuigeren naar persoonsgegevens (via Netkwesties)

Frank Kuitenbrouwer vertelt een mooie parabel over de AIVD: Er was eens een klooster dat werd verlamd door een sluipend conflict onder de monniken waar de abt maar geen vinger achter kon krijgen. Ten einde raad riep hij de hulp in van een bevriende statisticus. Deze posteerde een waarnemer in de kloostergang voor de refter…. Lees verder

Conclusie Europese Hof van Justitie over afgeven persoonsgegevens

| AE 301 | Informatiemaatschappij, Ondernemingsvrijheid | 3 reacties

Wat betekent de conclusie van de advocaat-generaal van het Europese Hof van Justitie over het afgeven van verkeersgegevens van klanten? Over het afgeven van persoonsgegevens door providers is veel te doen. Recente jurisprudentie lijkt te suggereren dat dat altijd moet als er een klacht komt van bijvoorbeeld BREIN of de Buma. Zelfs XS4All heeft haar… Lees verder

Internetproviders in problemen met persoonsgegevens

Wanneer moeten internetproviders (ISP’s) nog weigeren om persoonsgegevens van klanten af te geven? Na de uitspraak over BREIN vs. KPN lijkt het wel erg makkelijk te worden om die op te eisen in een civiele rechtszaak. ISPam meldt over een artikel van Remy Chavannes in Mediaforum, waarover eerder Boek 9 ook berichtte: “De antwoorden van… Lees verder

Torrents aanbieden: geen inbreuk op auteursrecht, wel onrechtmatig

| AE 233 | Informatiemaatschappij, Intellectuele rechten | 1 reactie

Hosting provider Leaseweb moet illegale torrentsite afsluiten, zo kopt BREIN na haar gewonnen zaak tegen Leaseweb. Maar wat is er illegaal aan torrents? Het zijn niet meer dan inhoudsopgaven en verwijzingen. Bittorrent is het populairste peer-to-peer filesharing systeem ter wereld. Zoals bij alle filesharing systemen wisselen de gebruikers bestanden met elkaar uit. Het unieke aan… Lees verder