Beelden van bewakingscamera toch bruikbaar als bewijs?

Het Openbaar Ministerie mag gevorderde bewakingsbeelden van een bewakingscamera van een bank gewoon gebruiken als bewijs in een strafzaak tegen een fietsendief. Dat oordeelde de politierechter Zutphen vorige week. Dat die beelden gevoelige persoonsgegevens over het ras van de verdachte zouden bevatten, was voor de rechter niet relevant.

In mijn blog van de 9e reageerde ik op een arrest van 23 maart waarin de Hoge Raad het gebruik van camerabeelden door het Openbaar Ministerie verbood omdat ze niet op de juiste wijze gevorderd waren. Op camerabeelden zijn namelijk het ras of de afkomst van de gefilmde personen te zien, en daarmee zijn die beelden aan te merken als “bijzondere persoonsgegevens” waarvoor extra zware regels gelden voordat het OM ze mag gebruiken in een strafzaak. Zo moet het gaan om een ernstig misdrijf en moet de rechter-commissaris toestemming hebben gegeven voor de opeising.

De politierechter oordeelt nu dat in gevallen als deze (opvragen beelden uit de openbare ruimte) er géén sprake is van een privacyschending. Beter gezegd: de strenge regels rond het opeisen van bijzondere persoonsgegevens gelden niet voor situaties als deze, omdat

het belang om zich onbespied in de openbare ruimte te begeven, niet het privacy-belang is dat de regeling van artikelen 126nc en verder Sv beoogt te beschermen.

De redenering erachter lijkt te zijn dat de politie niet op zoek was naar gegevens over het ras van de verdachte en dus geen bijzondere persoonsgegevens heeft opgevraagd. In de zaak waar de HR over oordeelde, werd expliciet gevraagd om pasfoto’s en dus ook om informatie over het ras/afkomst van de betrokken personen:

De vordering strekte er dan ook toe om tegelijk met een persoon identificerende gegevens, ook gevoelige gegevens, zoals uit een foto blijkende informatie omtrent huidskleur van de betrokken reizigers, te verkrijgen.

Ik heb echter grote moeite om deze redenering te volgen. Gaat het er nu om dat je een pasfoto opvraagt in plaats van een overzichtsbeeld? Of dat je moet weten dat op pasfoto’s het ras goed zichtbaar is? In beide gevallen heeft de politie niet gevraagd om te weten wat het ras van de gefotografeerde of gefilmde personen is, maar in beide gevallen is het wel inherent aan het opvragen van beelden dat je dat te weten komt.

Op zich ben ik het 100% eens met de stelling dat de regels over persoonsgegevens over ras en afkomst niet bedoeld waren om te voorkomen dat mensen gefilmd worden door bewakingscamera’s, maar ze lezen er wel op. Er is dus m.i. geen ruimte meer voor een belangenafweging of de privacyschending te verwaarlozen is of slechts als “bijvangst” (bijkomstige schade?) gezien man worden. Een hoger beroep zou dus zeker kansrijk zijn.

Het blijft een bijzonder onbevredigende situatie. Ik zie alleen nog steeds geen oplossing. De redenering “de wet is hier niet voor bedoeld dus die laat ik buiten beschouwing” is me te makkelijk, en geeft bovendien te veel ruimte voor willekeur. Dat moeten we niet hebben, zeker niet in het strafrecht.

Oh en @Matthijs: ik erger me al heel lang aan de toepasselijkheid van de kaartenbakwet op beelden.

Arnoud

Geen last meer van gezichtsherkenning?

camera-gezichtsherkenning-surveillance-makeup.jpgCameratoezicht is ondertussen onvermijdelijk. En bij enkel gefilmd worden blijft het niet: steeds meer camera’s krijgen automatische-gezichtsherkenningssoftware zodat ook nog eens bijgehouden kan worden waar je allemaal heen gaat. maar daar heeft Adam Harvey, onderzoeker bij NYU’s Interactive Telecommunications Program, nu een oplossing (via) voor gevonden: hij heeft de algoritmes gereverse-engineerd waarmee gezichtsherkenning werkt, en vervolgens patronen ontwikkeld die die algoritmes verstoren. De voorbeeldpatronen, onderdeel van zijn scriptie, laten enkele mooie voorbeelden zien.

Gezichtsherkenning werkt aan de hand van patroonherkenning. Een roze ellipsvormig ding waarbinnen een roodachtig langwerpig item en twee wittige objecten daarboven zal wel een gezicht zijn. Een bekende techniek, in vrijwel alle camera’s met gezichtsherkenning gebruikt, is gebaseerd op de Viola-Jones techniek. Deze deelt een afbeelding op in blokjes en probeert elk blokje te classificeren als bv. “oog” of “mond” of “wenkbrauw”. Met voldoende herkende (geclassificeerde) blokjes kan een gezicht worden herkend. Deze make-up verstoort die herkenning, zo bleek uit het onderzoek van Harvey.

Ben benieuwd of ik met zulke make-up het casino in kom.

Arnoud

Beelden van bewakingscamera niet bruikbaar als bewijs?

Straatrovers, inbrekers en zakkenrollers dreigen vrijuit te gaan indien in hun strafzaak gebruik wordt gemaakt van beelden van bewakingscamera’s, las ik bij Security management. Men baseert zich op een artikel in De Telegraaf waarin wordt gemeld dat camerabeelden niet zomaar door justitie kunnen worden opgeëist als bewijs, omdat het “gevoelige informatie” kan bevatten over iemands ras. Dat zou de Hoge Raad geoordeeld hebben.

Het was even spitten, maar ik vond een arrest van 23 maart waarin de offficier van justitie persoonsgegevens had gevorderd (naam, adres, postcode, woonplaats en eventuele foto) van de gebruikers van kaarthouders van een OV-chipkaart die in een bepaalde tijdsperiode op bepaalde metrostations hadden in- en uitgecheckt. Dit op grond van artikelen 126nd en <A HREF=”http://lexius.nl/Sv/126ud.

Er staat expliciet “De vordering kan niet betrekking hebben op persoonsgegevens betreffende … ras” in lid 2 van artikel 126nd. Het is binnen de jurisprudentie rond persoonsgegevens aanvaard dat een foto van iemand kan worden gezien als een “persoonsgegeven betreffende ras”, omdat je op een foto kunt zien wat iemands ras of etnische afkomst is. Een foto van een persoon mag dus niet worden gevorderd op grond van artikel 126nd Strafvordering.

Wel een grond biedt artikel 126nf Strafvordering, dat expliciet zegt dat foto’s en andere van deze gevoelige persoonsgegevens wel mogen worden gevorderd, maar alleen:

  1. in geval van verdenking van een ernstig misdrijf waar (kort gezegd) minstens 4 jaar cel op staat, en
  2. na voorafgaande schriftelijke machtiging, op vordering van de officier van justitie te verlenen door de rechter-commissaris.

Omdat die machtiging er niet was, oordeelde de Hoge Raad dat de pasfoto’s van de ovchipkaarthouders niet mochten worden afgegeven. Zij verwerpt daarbij het standpunt dat artikel 126nf alleen zou gelden als de officier de intentie zou hebben het ras van de mensen op de foto te willen weten. Ook als ‘bijvangst’ mag een officier geen gegevens over ras of etnische afkomst opvragen zonder machtiging van de rechter-commissaris.

Hiermee is er dus een grond om tegen elk gebruik van opgeëiste camerabeelden te ageren: er is geen machtiging voor gevraagd. Bovendien zal lang niet bij elke beroving of inbraak sprake zijn van een misdrijf dat een “ernstige inbreuk op de rechtsorde” oplevert, zodat die machtiging niet altijd gegeven zal worden.

Het lijkt me niet echt een wenselijke uitkomst, want het doorkruist compleet het mogen opvragen van camerabeelden. Maar ik zie niet 1-2-3 een antwoord hierop.

Update: in dit arrest vindt Gerechtshof Arnhem juist dat

Het gaat immers om beelden die (anders dan in het geval van de Hoge Raad) niet aan [bank] waren toevertrouwd, maar om een opname van een beveiligingscamera waarvan de aanwezigheid op allerlei plekken in de publieke ruimte en in het bijzonder bij pinautomaten van algemene bekendheid is. Om meer of anders dan een foto- of videoregistratie van de (bij een duidelijke opname voor het bewijs bruikbare) fysionomie van degene die voor een bepaalde geldtransactie van de pinautomaat in kwestie gebruik heeft gemaakt, gaat het hier niet. Van een (aan de beelden of de opnamen daarvan) voorafgegane verwerking van gevoelige persoonsgegevens als bedoeld in artikel 16 Wet bescherming persoonsgegevens, is bij deze registratie geen sprake geweest. Het verbod van artikel 18 van de wet doet zich (daarom) evenmin gelden. Het beeldmateriaal in kwestie kon daarom op de voet van artikel 126nd/ud van het Wetboek van Strafvordering worden gevorderd en kan en mag om die reden voor het bewijs worden gebruikt en het hof doet dat.

Update (22 november 2012): in deze uitspraak vindt de rechtbank Rotterdam dat er wél sprake is van een vormverzuim als niet met een machtiging is gevorderd, maar verbindt daar geen gevolgen aan:

Met de raadsman oordeelt de rechtbank dat artikel 126nf WvSv de juiste rechtsgrond was. De rechtbank constateert dat er sprake is van een vormverzuim. Echter, aan de materiële criteria van artikel 67 lid 1 WvSv, te weten dat een ernstige inbreuk op de rechtsorde is gemaakt en dringende noodzakelijkheid, is wel voldaan. Om die reden volstaat de constatering van het gemaakte verzuim.

Arnoud

Foto maken? Kom maar op met die auteursrechten

Een lezer wees me op een discussie op Flickr over een copyright release form dat de band Mars Volta fotografen onder de neus schuift die vragen of ze bij optredens mogen komen fotograferen. Het is een van de eenzijdigste en meest botte overeenkomsten die ik heb gezien. (Ze krijgen trouwens geen link omdat hun site ongevraagd herrie maakt als je die opent.)

Zo mag je de foto’s die je maakt, hooguit een jaar lang exploiteren. Daarna moet je opnieuw toestemming vragen. Logisch ook, want de band wil graag alle auteurs- en andere rechten hebben op de foto’s die je maakt – inclusief de rechten voor op Mars:

2. I hereby acknowledge that you shall own all rights in the Photos, including the copyrights therein and thereto, and accordingly, I hereby grant, transfer, convey and assign to you all right, title and interest throughout the universe in perpetuity, including, without limitation, the copyright (and all renewals and extensions thereof), in and to the Photos.

Je morele rechten moet je ook afstaan, wat overigens maar beperkt kan. Zo kun je afstand doen van je recht op naamsvermelding of het recht je te verzetten tegen wijzigingen van het werk, maar niet van het recht om tegen verminkingen van je werk op te treden. De clausule houdt daar geen rekening mee en zegt kortweg:

4. I hereby waive all rights of droit moral or “moral right of authors” or any similar rights or principles of law which I may now have or later have in the Photos.

Deze clausule is dus te kort door de bocht en kan door de rechter nietig worden verklaard.

Hoewel? Men vindt eigenlijk dat dit onder Amerikaans recht zou moeten vallen, en daar doen ze helemaal niet aan morele rechten (wat op zichzelf in strijd met Berne is maar dat is weer een hele andere discussie). Want:

5. This Certificate contains the entire understanding of the parties and will be governed by the laws of California in the United States of America applicable to contracts entered into in California in the United States of America.

Of dat opgaat, betwijfel ik. Je kunt een rechtskeuze in een contract opnemen, maar er zal toch wel enige band moeten zijn tussen het gekozen land en het onderwerp van het contract (of de partijen). Als het gaat om een optreden in Nederland, zou ik niet weten waarom Amerikaans recht van toepassing zou moeten/mogen/kunnen zijn.

Maar goed, even afgezien van deze veel te botte formuleringen: kan dit? Ja, dit kan. Het is een overeenkomst tussen twee zakelijke partijen, en in die gevallen hebben de partijen vrijwel onbeperkte contractsvrijheid. Dus als de band dit wil, dan mag ze dat eisen. Wil de fotograaf daar niet mee akkoord gaan, dan heeft hij pech en mag hij geen foto’s komen maken. Want als een optreden op prive-terrein plaatsvindt, dan mag je niet fotograferen als de organisatie dat niet wil.

In de discussie bij Flickr nog een prachtige opmerking:

“Given the jumping up and down by musicians when it comes to protecting their rights & right to earn a decent living, it seems astonishingly hypocritical that their agents (publicists, etc) are basically bullying others in creative industries to sign away their own rights.”

Hoewel dat natuurlijk niet zo hypocriet is als het lijkt: het is dezelfde club (de agents/managers) die alle rechten wil controleren ongeacht wat de creatievelingen daaraan hebben. Ouderwetse hebberigheid dus.

Afijn, dan maar een andere band fotograferen die niet zo moeilijk doet.

Arnoud

Kan ik volstaan met een disclaimer over auteursrechten?

Een lezer vroeg me:

Ik onderhoud een site over vliegtuigspotten. Daarbij gebruik ik graag foto’s, en dat is nog een heel gedoe. Ik moet dan bij een leuke foto flink zoeken om de fotograaf te vinden, en als ik ze vind dan moet ik uitleggen dat de site nietcommercieel is en hopen op een gereduceerd tarief. Gelukkig zitten er ook sympathieke fotografen bij en dan mag ik (met naamsvermelding) de foto gratis gebruiken.

Nu zag ik echter laatst een andere site die dezelfde foto’s had maar dan zonder naamsvermelding. Zij hadden in de linkermarge staan:

Disclaimer: voor zover bekend zitten er geen rechten op de gebruikte foto’s. Mochten er zich op deze blog foto’s bevinden in strijd met het auteursrecht, laat het mij dan weten en de foto zal dan onmiddellijk verwijderd worden.
Is zo’n disclaimer genoeg dan? Hoef ik dan ook niet meer elke keer de fotograaf te zoeken en toestemming te vragen? Want dat zou me een hoop tijd (en geld) schelen.

Teksten als die zie je vaker. Nee, dat is niet genoeg. Het moet echt zoals de vraagsteller het heeft gedaan: netjes vragen en als de fotograaf geld wil, dat geld betalen. Er zijn natuurlijk vrije en gratis bronnen van foto’s (Flickr, SXC.hu, Wikimedia Commons), maar of die net de foto hebben die jij zoekt, is nog maar de vraag.

Mensen die met zo’n tekstje volstaan, lopen een risico op claims van de fotograaf en die claims kunnen fors oplopen.

Die tekst komt van een wettelijke regeling voor internetproviders. Die kunnen inderdaad volstaan met zo’n tekst: zij zijn volgens de wet niet aansprakelijk voor inbreuken door materiaal op de sites van hun klanten, mits ze maar op basis van een klacht de foto weghalen. De fotograaf kan dus klachten indienen bij de hostingprovider van zo’n site, maar hij kan alleen eisen dat ze de foto weghalen. Schadevergoeding kan hij alleen eisen van de plaatser (uploader) zelf.

Persoonlijk heb ik nogal wat moeite met dit zwartwitte beleid. Veel mensen zijn particulier en hebben geen verstand van auteursrechten, maar worden bij de rechter net zo behandeld als grote commerciële bedrijven. Ik zou het een goede zaak vinden als niet-commerciële publicaties anders behandeld werden, bv. doordat je dan geen schadevergoeding hoeft te betalen. Dat zou recht doen aan de huidige praktijk op internet.

Arnoud

Een foto van je kind op een afgeschermde Hyve, mag dat?

ditisnietok-hyves.pngIk had er al eens een vraag over opgeworpen, maar nu is er dan echt een rechtszaak over gevoerd: mag je foto’s of filmpjes van je minderjarig kind op internet zetten? De kantonrechter Almelo vindt van niet, maar maakt daarbij wel onderscheid tussen een openbaar en een afgeschermde pagina op Hyves.

Na een echtscheiding plaatste de vader foto’s en filmpjes van de vijfjarige zoon op een openbaar Hyves-profiel, waar de moeder bezwaar tegen maakte. Dit onder andere omdat de vrouw in een blijf-van-mijn-lijfhuis werkte en daarmee een reëel risico loopt als haar eigen adres bekend is. Na zo’n sommatie werden de materialen dan verwijderd maar kwamen al snel weer terug, vandaar de stap naar de rechter.

Dat de publicatie van foto’s van minderjarigen een privacyinbreuk kan zijn, wisten we al: dat bleek uit de zaak rond Kleinkind onbereikbaar. Maar in deze zaak ligt het iets complexer. Zowel de vader als de moeder hebben iets te zeggen over de privacy van het kind. Oftewel (waar ik dus over blogde in maart): als de moeder nee zegt, en de vader ja, wat geldt er dan? De nee dus, volgens de kantonrechter:

De voorzieningenrechter is van oordeel dat de man door het plaatsen van foto’s op een niet afgeschermd gedeelte van het internet inbreuk maakt op de (ook door voormeld Verdrag beschermde) privacy van [Naam zoon], alsmede dat hij de op grond van het gezamenlijk gezag op hem rustende verplichting om belangrijke beslissingen omtrent de minderjarige na onderling overleg te nemen, niet nakomt.

De vader mag dus niet zomaar “ja” zeggen bij zoiets ingrijpends als publicatie van foto’s en dergelijke van het kind, daarover moet hij overleggen met de moeder. De foto’s moeten dus van het openbare internet af.

De publicatie op de afgeschermde Hyve blijkt echter geen privacyschending:

De vrouw heeft niet aannemelijk gemaakt en niet valt in te zien datdaarvan hinder, leed, schade, onheil of ander ongerief dan wel een inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van de vrouw en [Naam zoon] redelijkerwijze te verwachten valt. De omstandigheid dat partijen werkzaam zijn in een omgeving die vraagt om afscherming van hun privacy en van die van [Naam zoon], leidt niet tot een ander oordeel. Dat in dat verband bijzonder gevaar te duchten valt van foto’s van [Naam zoon] op het afgeschermde Hyves-profiel van de man is door de vrouw niet verder geconcretiseerd en ookoverigens niet direct aannemelijk. Van misbruik van ouderlijk gezag is in zoverre evenmin sprake.

Het is me niet helemaal duidelijk waar de kantonrechter dit op baseert. Je zou kunnen zeggen, de vrienden en kennissen weten al hoe vader en kind eruit zien, daar is dus geen probleem met publicatie als diezelfde mensen dat ook via Hyves kunnen zien. Maar heel sterk is dat niet. Misschien heeft het te maken met de specifieke vrees van de moeder vanwege haar werk. De kans dat een relatie van de vrouwen die zij helpt, haar opspoort via een afgeschermde Hyve lijkt me minimaal.

Ik denk niet dat je nu kunt zeggen dat nu op een afgeschermde Hyve (alleen voor vrienden toegankelijk dus) zomaar alles mag zonder dat dat de privacy schendt. Maar het is mogelijk dat je een claim van privacyschending kunt afwenden door je Hyve af te schermen.

Via Boek9.nl, dat de laatste tijd wel vaker van het IE-pad dwaalt richting privacy en vrije meningsuiting. Krijg ik concurrentie?

Arnoud<br/> Foto door Robert Gaal, CC-BY 2.0

Bronvermelding bij tijdschriftcovers: ook de fotograaf

de-uitstraling-goirle-riel-foto-rons-photography.jpgOpgelet bij het tonen van tijdschriftartikelen of -covers: je moet niet alleen het tijdschrift noemen als bron, maar ook de fotograaf van daarbij zichtbare foto’s. Dat blijkt uit een vonnis van de kantonrechter (PDF) uit Den Bosch over een zaak tussen een professioneel fotograaf en het Brabants dagblad. De krant had melding gemaakt van een nieuw tijdschrift. Daarbij werd een foto van de cover getoond (inderdaad, de cover hier rechts naast).

De fotograaf maakte bezwaar: zijn naam stond niet bij de reproductie van die cover. En dat had gewoon gemoeten, want hij heeft op grond van zijn zogeheten morele rechten (persoonlijkheidsrechten) altijd recht op naamsvermelding. (Voor de zekerheid dan maar: de maker van de foto op de cover hier rechtsboven is Ron’s Photography.)

Op zich klopt dat. Je mag beeld citeren, bijvoorbeeld om te illustreren om welk nieuw tijdschrift het gaat. Daarbij moet je wel de bron noemen, waaronder de naam van de fotograaf. Alleen, artikel 15a lid 1 sub 4 Aw bepaalt:

voor zover redelijkerwijs mogelijk, de bron, waaronder de naam van de maker, op duidelijke wijze wordt vermeld.

En ik vraag me toch af of het hier wel redelijk is om naamsvermelding voor de fotograaf te eisen. De rechter zegt dan wel:

Niets had [de krant] in de weg gestaan op andere wijze te vermelden dat de foto van Ron’s Photography afkomstig was.

maar de afweging had volgens mij moeten zijn of Ron’s Photography in redelijkheid wel mocht eisen dat men zijn naam erbij zette bij zo’n kleine coverfoto. Misschien wel: zijn naam stond ook op de cover van het tijdschrift. Maar in het algemene geval zou ik zeggen van niet. De fotograaf van een coverfoto achterhalen is meestal niet eenvoudig, omdat je daarvoor het colofon moet hebben dat niet altijd vrijelijk online staat. Andere edities van dit tijdschrift hebben het bijvoorbeeld al niet. Moet je er dan op bedacht zijn dat een fotograaf het soms wel eist?

Ik heb er nooit echt op gelet, maar ik als ik even door wat kranten en tijdschriften blader dan zie ik eigenlijk nooit de naam van de maker van de coverafbeelding genoemd als men een tijdschrift, boek of iets dergelijks publiceert bij een bespreking. Jullie wel?

Arnoud

Mogen Hyvesfoto’s zomaar in de krant?

verkeerde-karst-tates.pngEen lezer vroeg zich af:

Mag een krant, omroep of weblog zomaar foto’s van een Hyves profiel halen als degene van wie het profiel is in het nieuws is. Bij voorbeeld de foto van de verkeerde Karst Tates op de voorpagina van het AD en het gebruik van Hyves foto’s door Geenstijl.

Ook op “amateurfoto’s” zoals op Hyvesprofielen, Flickr-pagina’s en weblogs zit auteursrecht. Wil een krant of ander medium die foto publiceren, dan hebben ze in principe toestemming nodig van de fotograaf. Er zijn wettelijke uitzonderingen zoals het (beeld)citaatrecht. Als de foto nieuws is, dan mag deze worden getoond bij het nieuwsbericht, maar uiteraard wel met bronvermelding.

In het Karst Tates-voorbeeld denk ik dus dat het wel had gemogen, hoewel de verplichte bronvermelding lijkt te ontbreken. En natuurlijk had men wel de goede foto moeten pakken. Je ziet het vaker, ik herinner me een voorbeeld van langer geleden van een meisje dat onder de trein was gekomen. Een foto van haar Hyve stond bij het artikel.

De Hyves-voorwaarden bepalen alleen dat je Hyves en haar hulppersonen een licentie geeft, en die is beperkt tot gebruik door Hyves zelf. Zo mag Hyves je foto’s laten zien in een reclamefilmpje, en misschien ook wel als illustratie bij een artikel over Hyves aanleveren. Maar daar gaat het hier niet om: de persoon op de foto is in het nieuws en dus leent de krant maar even een foto van iemands Hyves.

Wel heb ik sterk het gevoel dat er hier met twee maten gemeten wordt door de betreffende media. Kranten nemen foto’s over omdat het materiaal er is en “wij de pers zijn”. Maar neem je een foto uit diezelfde pers over voor je weblog, dan krijg je binnen de kortste keren een hoge rekening wegens auteursrechtschending.

Arnoud

Royaltyfree is niet gratis!

stockfoto-stockphoto-stock-sxc.jpgDe laatste tijd krijg ik veel mails naar aanleiding van blafbrieven van Getty Images. Het lijkt erop dat het stockfotobedrijf met bots (of ingehuurde studenten) alles en iedereen mailt die haar foto’s lijken te gebruiken. Over de hoogte van de claims valt veel te zeggen, maar dat is voor een andere keer.

Update (29 april 2011): zie ook mijn nieuwe blog met tips en advocaten als de claim niet van Getty maar van het Nederlandse Van der Steenhoven advocaten afkomstig is.

Wat me namelijk opvalt bij veel van die mails, is dat mensen zeggen “er stond royalty free bij de foto’s, dus ik dacht dat ik ze gratis mocht gebruiken”. Die term is inderdaad een nogal misleidend iets.

Vroegâh was het namelijk zo dat je voor stockfoto’s royalties moest betalen: vaste bedragen voor elke kopie of elke publicatie van de foto. Dat heette ook wel “rights managed”. Stocksites zoals Getty kwamen toen met een nieuw model zonder royalties. Gebruikers hoefden slechts éénmaal een vast bedrag te betalen en mochten dan met de foto doen wat ze wilden. Dit concept werd als “royalty-free” aangeprezen.

De term is dus enigszins misleidend, maar wel ingeburgerd bij de stockfotobranche zodat we er niet snel vanaf komen vrees ik. Kijk dus uit op fotosites en gebruik ze alleen als je hebt betaald of hebt nagegaan dat de foto’s werkelijk gratis zijn en niet alleen maar vrij van royalties.

Mijn persoonlijke favoriete gratis stockfotosite is SXC.hu maar als u nog andere suggesties heeft, hoor ik dat graag.

Arnoud

Impliciete licenties op toegestuurde productfoto’s

envelop-hand.pngVia Boek9.nl een interessant vonnis over productfoto’s. Als je een CD-ROM met productfoto’s ontvangt, mag je die dan publiceren als winkel zijnde? En, intrigerend: wie heeft die CD eigenlijk opgestuurd als zowel de fotograaf als de groothandel ontkennen dit gedaan te hebben?

Het bedrijf Moooi handelt in designmeubels en had een fotograaf ingehuurd voor een setje mooie productfoto’s. Deze productfoto’s waren auteursrechtelijk beschermd (wat niet altijd zo hoeft te zijn) en doken na enige tijd op op de website “fundadesign.nl” (nu: “designwonen.nl”) en op de website van NPU, waar de fotograaf niet blij mee was. Die stuurde dan ook een rekening, die NPU weigerde te voldoen omdat zij meende een licentie te hebben gekregen om deze foto’s te mogen gebruiken.

NPU had namelijk enkele jaren als wederverkoper van Moooi gewerkt, en in die tijd had zij een CD-ROM gekregen per post waarop de foto’s stonden, plus productomschrijvingen van de producten van Moooi. Dat kon maar één doel hebben: dat NPU die foto’s en teksten op haar site zou plaatsen om zo de Moooi-producten te herverkopen. En dus mocht NPU er vanuit gaan dat zij ook een licentie had onder de auteursrechten op die foto’s om dit te doen. Zoals de rechtbank het formuleert:

Het is immers gebruikelijk dat informatiemateriaal, dat rechtstreeks afkomstig is van de producent/leverancier, door de afnemer van de producten waarop dat informatiemateriaal ziet ten behoeve van de verkoop van die producten in de regel wordt gebruikt en mag worden gebruikt. Dit uitgangspunt wordt overigens bevestigd door de omstandigheid dat ook andere afnemers van Moooi-producten, dus niet zijnde NPU, op hun websites de door [eiser] gemaakte foto’s toonden (en thans tonen).

Alleen: Moooi ontkende die CD-ROM ooit opgestuurd te hebben. En de fotograaf gooide daar nog bovenop dat Moooi die licentie helemaal niet kon geven zelfs als ze die CD hadden verstuurd, omdat de afgesproken licentie alleen voor de geautoriseerde dealers van Moooi gold en dus niet voor NPU. Maar, zo reageerde NPU dan weer, hoe had zij moeten weten dat Moooi slechts voor bepaalde dealers licenties afspreekt?

Een lastige kwestie dus, die sterk draait om de vraag waar die CD dan toch vandaan kwam. Want:

  1. Als de CD direct van Moooi afkomstig was, dan mocht NPU er vanuit gaan dat zij geautoriseerd was om de inhoud daarvan online te zetten om de Moooi-producten te helpen verkopen.
  2. Als de CD van een ander afkomstig was, dan had NPU eerst moeten onderzoeken hoe het zat met licenties op de inhoud.

Omdat niet duidelijk is waar de CD vandaan komt, krijgt NPU de gelegenheid om eens in het archief van de postkamer te gaan zoeken. Ook mag ze getuigen laten opdraven die kunnen verklaren wat er op de envelop stond of wat ze aan begeleidende brieven hebben aangetroffen in die envelop.

Een leuke: ik bewaar echt niet alle licentieteksten bij het materiaal van derden dat ik gebruik. Ik lees het bij het moment dat ik het kopieer, en ga er vanuit dat er later nooit meer iemand komt klagen. Maar kennelijk kun je een jaar later opdracht krijgen om alsnog een licentie te overleggen. Oeps. Ik ga toch maar wat vaker screenshotten wat ik kopieer.

Arnoud