Auteursrechtelijk beschermde Twitterberichten

Naar aanleiding van mijn blogpost over Twitter en privacy kreeg ik nog de vraag of je je op auteursrecht zou kunnen beroepen bij herpublicatie van de inhoud van je Twitterberichten (’tweets’).

Het is nog maar de vraag of een Twitterbericht auteursrechtelijk beschermd is. 140 tekens (de maximumlengte van zo’n bericht) is wel erg kort voor het auteursrecht. Je moet dan wel heel creatief zijn. Een simpele mededeling als “ben een blogpost aan het schrijven” of “luister naar een saaie presentatie” is te zakelijk om onder het auteursrecht te vallen.

Maar zelfs als een bericht voldoende creatief is om beschermd te zijn, dan zal vrijwel elke herpublicatie op grond van het citaatrecht toegestaan zijn. Bij zo’n kort bericht is het namelijk toegestaan het integraal te citeren als je wilt aankondigen, bespreken of bekritiseren wat er in het bericht staat. De enige eis is een bronvermelding.

Een mooi voorbeeld is Erwin Blom’s compilatie van een vervelende gebeurtenis van Meisje van de Slijterij. Dat mag gewoon. Zolang het dus maar om openbare tweets gaat en niet om hergepubliceerde privéberichten.

Arnoud

Vergemakkelijk gebruik van Creative Commons-foto’s met PhotoDropper

PhotoDropper. Een briljante plugin voor alle WordPress-gebruikers die graag legaal een plaatje bij hun berichten stoppen. Installeer deze WordPress plugin en vervolgens is het een kwestie van trefwoorden opgeven en het mooiste plaatje kiezen in het gewenste formaat (klein, medium of groot):

In het configuratiescherm kun je opgeven of je blog “commercieel” is of niet. Zo ja, dan krijg je alleen resultaten waarvan commercieel hergebruik is toegestaan. Dat is pas handig gebruik maken van Flickr’s Creative Commons search!

Via PlagiarismToday.

Arnoud

Hoe sterk is mijn merk?

Bij Rechtenforum.nl kwam de vraag langs wanneer een merknaam nu ‘sterk’ of ‘zwak’ is.

Een merknaam dient om de producten of diensten van een bedrijf te onderscheiden van die van de concurrent. Daarom moet een merk “onderscheidend vermogen” hebben, het vermogen om dat onderscheid te kunnen maken. “Melk” is voor melk niet onderscheidend, “Campina” wel. Maar hoe zit dat met “de witte motor”? Dat is niet letterlijk “melk” maar het heeft wel iets te maken met melk.

Het onderscheidend vermogen van merken kan dus nogal verschillen. De Amerikanen onderscheiden vier gradaties van sterkte, die ook hier wel gebruikt worden:

  1. Fanciful (het sterkste): een verzonnen woord, zoals Xerox, Senseo of Pepsi.
  2. Arbitrary: een bestaand woord dat niets te maken heeft met de categorie van producten, zoals Apple voor computers of Domino’s voor pizza.
  3. Suggestive: een woord dat iets suggereert over de categorie van producten, maar waarvoor wel de nodige associaties nodig zijn, zoals bij Gazelle voor fietsen (op die fietsen ga je net zo snel als een gazelle).
  4. Descriptive (het zwakste): een beschrijving van een eigenschap van het product, zoals Rechtenforum voor een discussieforum over juridische zaken of Wikipedia (een encyclopedia in de vorm van een Wiki).

Door je merk maar vaak genoeg te gebruiken, maak je het sterker. Zo kun je in theorie “coca-cola” als een beschrijvend of suggestief merk zien: het product bevat(te) cocaplantextract en kolanoten. Maar ondertussen is dit merk zo beroemd dat niemand de naam nog opvat als een aanduiding van de inhoud.

Ik zoek nog wat nieuwe voorbeelden; wie weet er leuke? Het liefst van de arbitrary marks, dus bestaande Nederlandse woorden die gebruikt worden voor volstrekt ongerelateerde producten. Maar ook suggestieve merknamen zijn welkom.

Arnoud

Even snel je rechten kwijt bij het maken van een cartoon

Bij Willem Karssenberg een leuke site, de BeFunky cartoonizer. Deze maakt een cartoon van een foto met een paar simpele muisklikken. Maar één van de reaguurders wees terecht op de gebruiksvoorwaarden met de gebruikelijke veel te eenzijdige en brede claims:

By posting messages, uploading files, inputting data, or engaging in any other form of communication through the Site, you grant us a royalty-free, perpetual, non-exclusive, unrestricted, worldwide license to use, reproduce, modify, adapt, translate, enhance, transmit, distribute, publicly perform, display, or sublicense any such communication (including your identity and information about you) in any medium (now in existence or hereinafter developed) and for any purpose, including commercial purposes, and to authorize others to do so.

Voor de niet-juristen: als u iets uploadt naar BeFunky, geeft u ze onbeperkte toestemming tot in den eeuwigheid om alles te doen met uw upload dat ze maar goeddunkt. Inclusief commerciële exploitatie op manieren die nu nog niet eens bedacht zijn.

Sjonge. Dat is nu de zoveelste keer dat ik zulke overdreven en eenzijdige claims in een gebruiksovereenkomst zie.

Kun je daar nu wat aan doen? In het geval van Adobe Photoshop Express was publieke druk genoeg om ze de voorwaarden te laten aanpassen. Maar een bedrijfje als BeFunky heeft minder exposure en zal hier dus minder snel wakker van liggen.

Toch zie ik hier wel mogelijkheden, zeker in de situatie waarin een consument gebruik maakt van de dienst. Deze bepaling uit de gebruiksovereenkomst zou ik zien als een algemene voorwaarde, en die mogen niet onredelijk bezwarend zijn. Een zo eenzijdig geformuleerde licentie die via algemene voorwaarden wordt opgeëist, lijkt mij duidelijk onredelijk bezwarend. De rechter zal zo’n bepaling dus al snel vernietigen als blijkt dat BeFunky meer doet met het materiaal dan er een cartoon van maken en die laten zien aan de uploader.

Arnoud

De privacyverwachting van Twitter

Via de comments een interessante vraag over Twitter en privacy:

Twitter, een microblog site, biedt een speciale functie waarbij je berichten afschermt voor mensen die je niet aan je contacten hebt toegevoegd. Wanneer je als ‘contact’ van diegene toch iets publiceert als quote, in hoeverre ben je dan strafbaar bezig? Gevoelsmatig zou ik een bewust van de openbare site afgeschermd bericht op Twitter gelijk stellen aan een prive gesprek via sms, msn of email aan een bekende of enkele bekenden. Is zoiets strafbaar in Nederland of de Verenigde Staten?

Standaard kan iedereen ‘follower’ worden van elke Twitterfeed. Je moet er als Twitteraar dus rekening mee houden dat een willekeurig iemand je Twitterberichten (tweets) zal lezen. In een dergelijke situatie mag je juridisch gezien weinig privacybescherming verwachten. Wat je twittert, is voor de hele wereld te lezen en mag dan ook door de hele wereld gelezen en doorgestuurd worden. Ook als je er ‘@’ voor zet om aan te geven dat je bericht voor één persoon bedoeld is. Of wanneer het dom was om te zeggen.

Twitter biedt echter de mogelijkheid van beschermde updates, in het Nederlands ook wel het “slotje”. Zulke berichten kun je alleen volgen als iemand je toegelaten heeft. In die situatie heb je een duidelijke keuze gemaakt om berichten te lezen die iemand als privé beschouwt. Je moet dan diens privacy respecteren en die berichten niet zomaar publiceren of doorgeven aan anderen.

Dit geldt des te meer nu vrijwel elk Twitterbericht te zien is als een persoonsgegeven. Dat zijn namelijk niet alleen naam- en adresgegevens. Alle soorten uitspraken over een persoon, inclusief meningen en oordelen, zijn te zien als persoonsgegeven. Inderdaad, dus ook elk antwoord op de vraag wat iemand nu aan het doen is. En dat is precies waar het bij Twitter om draait.

Een Tweet valt dan ook onder de Wet Bescherming Persoonsgegevens. Publiceert de persoon over wie het gaat, zelf dit bericht, dan is er verder niets aan de hand. Herpublicatie mag dan gewoon. Maar markeert hij het bericht als privé, dan is herpublicatie niet toegestaan.

Wat kun je daar nu tegen doen als het toch gebeurt? De politie zal hier niets doen. Schending van de privacy is geen strafbaar feit. Het is wel onrechtmatig, maar je moet zelf naar de rechter om je schade vergoed te krijgen. Daarbij moet je zelf aantonen wat je schade is (in geld).

En dat kan nog wel eens lastig worden. Zeker omdat de rechter de schadevergoeding kan matigen vanwege ‘eigen schuld‘: als de schade gedeeltelijk toe te rekenen is aan een eigen handeling van het slachtoffer, hoeft de dader deze niet volledig te vergoeden. Wie dus privéinformatie deelt met mensen die hij niet goed kent, zal dus zelf (gedeeltelijk) op moeten draaien voor de eventuele schade die hij daardoor lijdt.

Voor de fanatieke Twitteraars hier: wat voor informatie zou je zelf niet snel via Twitter delen?

Arnoud

Ik ga wat anders doen :)

Ik kan er een heel verhaal van maken, maar ik zal het kort houden: ik heb ontslag genomen bij Philips. Per 1 juli begin ik als partner bij juridisch adviesbureau ICTRecht.

teeth_smile.gif

Ik ben erg blij dat Steven Ras, de oprichter en directeur van ICTRecht me deze kans geeft. Ik ken Steven en ICTRecht als een zeer deskundig juridisch adviesbureau op het gebied van, inderdaad, ICT recht. Ik wil graag met mijn ervaring op het gebied van softwarelicenties, open source, octrooien en internetrecht bijdragen aan het succes van ICTRecht.

Voor mijn site en deze blog verandert er niets, behalve dat er misschien een knopje onder de artikelen komt waarmee je mij kunt inhuren. Maar wees gerust, ik blijf gewoon gratis artikelen publiceren.

Over leuke ideeën en projecten mag u natuurlijk altijd mailen!

(En mijn excuses voor de soms wat vage reacties die ik mensen gaf die vroegen wat ik nu precies deed.)

Arnoud

Zet je auteursrecht in je testament

Ik was voorlopig nog niet van plan dood te gaan, maar je weet nooit. Dus is het verstandig om via een codicil of testament te regelen wat er met je spullen gebeurt na je overlijden. Wat veel mensen daarbij vergeten, is te regelen wat er met je auteursrechten gebeurt. Ook auteursrechten zijn namelijk deel van je ‘vermogen’, en je erfgenamen verkrijgen ook al je auteursrechten. Het is dan nog zeventig jaar geldig.

De erfgenamen mogen dan beslissen wat er verder met je werk gebeurt. Al gegeven licenties kunnen ze niet zomaar intrekken of opheffen, maar ze kunnen bijvoorbeeld wel het geven van nieuwe licenties stopzetten en het origineel van internet halen. Voor mensen die hun werk onder bijvoorbeeld Creative Commons-licenties publiceren, is dat niet altijd wenselijk. Is daar wat aan te doen?

Je kunt bij testament iemand aanwijzen als erfgenaam van je auteursrechten. Een codicil is niet genoeg: daarmee kun je alleen bepaalde roerende zaken zoals sieraden en meubels nalaten. Een auteursrecht is een vermogensrecht en geen ‘zaak’. De persoon die je aanwijst, moet dan iemand zijn in wie jij vertrouwen hebt dat hij of zij het auteursrecht zal uitoefenen zoals jij dat wilt.

Je kunt iemand aanwijzen als erfgenaam onder een voorwaarde, bijvoorbeeld de voorwaarde dat hij of zij het werk onder een bepaalde Creative Commons-licentie zal blijven aanbieden op internet. Daarmee heb je dus meer controle over wat er zal gebeuren met je auteursrecht. Wil de erfgenaam echter die voorwaarde niet op zich nemen, dan vervalt die aanwijzing en vallen de auteursrechten via de gewone regels toe aan je “wettelijke erfgenamen”.

Afdwingen dat de erfgenaam die voorwaarde naleeft, is natuurlijk wat lastig als je ondertussen dood bent. Daarom zou je bij deze constructie een executeur aan moeten wijzen, die bevoegd is om de naleving te controleren en desnoods via de rechter af te dwingen. Die executeur mag iedereen zijn, het hoeft niet één van de erfgenamen te zijn. Hij of zij moet er wel zin in hebben natuurlijk.

Een andere optie is om het auteursrecht via een legaat aan iemand toe te wijzen. Een legaat is een soort van schenking die pas plaatsvindt als de schenker overlijdt. Die schenking mag ook onder zo’n voorwaarde. De ontvanger, de legataris is geen erfgenaam maar kan alleen aanspraak maken op het geschonken deel van de boedel. De legataris heeft bijvoorbeeld niets te maken met eventuele schulden in de boedel.

Een nadeel van een legaat is wel dat de legataris niet automatisch het auteursrecht krijgt. Hij krijgt slechts een vorderingsrecht op de erfgenamen, en kan daarmee van de erfgenamen eisen dat zij het auteursrecht aan hem afstaan. Maar als er meer schulden in de boedel zitten dan bezittingen, dan krijgt de legataris niets. De schulden moeten eerst worden betaald, en als het daarvoor nodig is dat auteursrecht te verkopen, dan gaat dat boven het recht van de legataris.

Arnoud

Wanneer mag je ® bij je merknaam zetten?

Een lezer vroeg zich af wanneer hij het ®- of TM-teken mocht gebruiken bij de merknaam van zijn producten, en wat er zou gebeuren als hij dat niet (of fout) deed.

Het ®-teken staat voor “registered trademark” en komt, zoals wel meer rare tekens, uit de Verenigde Staten. In Nederland is er geen wettelijke regeling over hoe je aanduidt dat iets een geregistreerd merk is. De reden dat de VS wel zoiets heeft, is omdat het hebben van een geregistreerd merk voordelen oplevert boven een ongeregistreerd merk. Bij ons bestaat het hele idee van een ongeregistreerd merk niet eens.

De reden om ® in de VS te gebruiken is dat je dan niet meer hoeft aan te tonen dat de inbreukmaker wist van het geregistreerde merk (15 USC 1111). En dat is handig, want iemand die willens en wetens inbreuk pleegt op je merkrecht moet meer schadevergoeding te betalen. Maar je mag ® alleen gebruiken als je ook echt een geregistreerd federaal merkrecht hebt op het teken. Het opzettelijk en verkeerd gebruiken van het teken ® in de VS is strafbaar als fraude.

In Nederland moet je een merk registreren om bescherming te krijgen. Maar in de VS kun je ook zonder registratie merkrechten krijgen, mits je het teken maar als merk gebruikt. Vandaar dat je bij zo veel woorden de aanduiding TM ziet staan. Het idee is dat je daardoor in ieder geval aangeeft dat het je bedoeling was om het woord als merk te gebruiken.

Arnoud

Privacywerkgroep slaat koektrommel dicht op Google’s handen

Een datacentrum in Groningen is juridisch hetzelfde als een cookie op een PC in Eindhoven, vindt de Artikel 29-werkgroep. Dit samenwerkingsverband van Europese privacytoezichthouders (met de op het OHIM na onwaarschijnlijkste naam voor een overheidsinstelling) heeft een Opinie over zoekmachines en privacy uitgegeven met als doel het verzamelen van persoonsgegevens van Europeanen door Amerikaanse zoekmachines (u mag drie keer raden wie) aan banden te leggen.

Uitgangspunt is dat iemands zoekgeschiedenis (natuurlijk) persoonsgebonden informatie is, en daarmee onderworpen aan de privacywetgeving. Ook als er geen naam aan vast zit: via een cookie of e-mailadres zijn mensen ook te herkennen. En de mogelijkheid dat je een stukje informatie tot iemand kunt herleiden, is genoeg om die informatie tot persoonsgegeven te maken.

Maar hoe kan Europese privacywetgeving nu van toepassing zijn op een Amerikaans bedrijf? Simpel, omdat het bedrijf apparatuur en computersystemen in Europa gebruikt. Een datacentrum in Groningen bijvoorbeeld. Of een cookie op een PC van een Europeaan.

Inderdaad, het plaatsen van een cookie op een Europese PC is genoeg om je aan de Europese wetgeving te binden. Dat concludeerde deze werkgroep al in 2002 maar toen luisterde niemand, dus zegt men het nu nog maar een keer:

The use of cookies and similar software devices by an online service provider can also be seen as the use of equipment in the Member State’s territory, thus invoking that Member State’s data protection law. … [T]he user’s PC can be viewed as equipment in the sense of Article 4 (1) c of Directive 95/46/EC. It is located on the territory of a Member State.

De specifieke regels die zoekmachines vervolgens voor hun kiezen krijgen, zijn niet verrassend: men moet blokkades zoals robots.txt respecteren, duidelijk aangeven welke informatie men verzamelt en deze zo snel mogelijk, maar uiterlijk na zes maanden weer weggooien (waar Google het niet mee eens is). Of anonimiseren, maar dat is een vrijwel onmogelijke opgave. En wie dat wil, kan zoekmachines aanschrijven met een verzoek tot inzage in het over hem opgebouwde profiel.

Wat nog opvalt, is dat het document vooral ingaat op het verzamelen van persoonsgegevens van gebruikers van de dienst (zoekopdrachten en andere informatie over zoekgedrag). Het feit dat bij indexatie van webpagina’s ook persoonsgegevens worden hergepubliceerd en op nieuwe manieren wordt gekoppeld, komt slechts heel kort aan bod. Maar dat is natuurlijk ook een vele malen complexer probleem.

Via Tweakers.

Arnoud

Inkorten ingezonden brief is juridisch toegestaan

Een krant mag een ingezonden brief wijzigen en inkorten, ook wanneer ze niet vooraf overleggen met de auteur. Dat blijkt uit een recent vonnis van de voorzieningenrechter uit Rotterdam. Belangrijk daarbij was het feit dat de redactie vooraf had gemeld dat men zich het recht voorbehoudt om ingezonden artikelen “te weigeren dan wel te redigeren of in te korten.”

Door dit expliciete voorbehoud had de briefschrijver moeten weten dat dit had kunnen gebeuren. Daarom kon hij niet meer eisen dat zijn brief alsnog integraal en ongewijzigd zou worden gepubliceerd. Ook hoefde de krant niet vooraf contact met hem op te nemen om de wijzigingen te bespreken.

De redenering uit dit vonnis zou ook op moeten gaan voor weblogs. Reacties zijn tenslotte te vergelijken met ingezonden brieven. Een blogger die vooraf meldt dat hij het recht voorbehoudt om reacties te weigeren dan wel in te korten, kan dus niet snel worden aangesproken als hij gebruik maakt van dat recht.

Een uitzondering zou kunnen zijn als door de wijziging de strekking van de reactie wordt aangetast. Je moet er dus wel voor zorgen dat het punt van de reaguurder overeind blijft. Het ‘verminken’ van iemands werk zodanig dat zijn reputatie wordt aangetast is niet toegestaan.

De briefschrijver had ook nog excuses geëist van de krant, maar die kreeg hij niet:

Anders dan bijvoorbeeld een rectificatie, waarbij, gelet op de vrijheid van meningsuiting, duidelijk wordt gemaakt dat het gaat om een beslissing van de rechter die tot rectificatie noopt, gaat het bij excuses om het spontaan en oprecht berouw tonen over eigen tekort-schieten. Afgedwongen excuses behoren niet tot deze categorie. Een vordering tot het aanbieden van excuses kan in rechte dan ook niet worden afgedwongen.

Via Volledig bericht, pardon Boek 9.

Arnoud