Nee, netneutraliteit geldt niet voor websites (maar zou dat moeten?)

| AE 7459 | Ondernemingsvrijheid | 11 reacties

marketingfacts-netneutraal-dmsaIn het DMSA-model is de toegang tot de mobiele versie van de website exclusief voorbehouden aan de gebruikers van merken mobiele telefoons en tablets die daarvoor een overeenkomst hebben afgesloten met Marketingfacts, meldde Marketingfacts vorige week. Het bleek een stunt vanwege hun vernieuwde site, maar het riep bij veel mensen wel vragen op over netneutraliteit. Want eh, waarom mag UPC niet de toegang tot Netflix beperken maar zou Marketingfacts wél bezoeken mogen beperken?

Formeel is er weinig tegenin te brengen als een website bezoekers weigert op basis van gebruikte apparatuur. De regels over netneutraliteit gelden namelijk alleen voor partijen die “internettoegangsdiensten” leveren (art. 7.4a Telecomwet) en een website is per definitie geen “internettoegangsdienst”. En een regel als deze analoog inroepen kan eigenlijk niet: er staan boetes op het overtreden van deze regel, en dan wordt de wet strikt uitgelegd, oftewel alleen als je er letterlijk onder valt dan moet je doen wat er staat. Rechtszekerheid.

Meer algemeen bepaalde de Hoge Raad in het Ab.fab arrest alweer enige tijd geleden dat de eigenaar van een server bepaalt wie daar toegang toe krijgt en onder welke voorwaarden. Als XS4All een spammer mag weren, en Elsevier linkschmensen, waarom Marketingfacts dan niet een iPhonegebruiker?

Het achterliggende idee is dat er vrije concurrentie is: als M! zo dom is om alleen gebruikers van bepaalde apparaten toegang te verlenen, dan zitten de lezers zo bij de concurrent en dus lost het probleem zich vanzelf op. Maar ja, dat dachten we bij internettoegang ook en daar blijkt het niet echt te werken. Bovendien, ís er wel concurrentie? Kun je zeggen dat bijvoorbeeld Frankwatching een concurrent voor Marketingfacts is, en gaan Nu.nl-lezers zo naar de Volkskrant of Telegraaf als hun laptop buiten de gesponsorde deal valt?

De wet aanpassen is op zich eenvoudig: “Dit artikel geldt ook voor dienstverleners van de informatiemaatschappij” in art. 7.4a Telecomwet, en niemand mag meer bezoekers weigeren behalve als ze overlast veroorzaken of spammen, of als congestie of een gerechtelijk bevel dit vereisen. Dat zou de DMSA-deal onmogelijk maken. Maar eh, gaat dat niet érg ver, iedereen op je site moeten laten?

Arnoud

In welke landen ben je aansprakelijk voor je website?

| AE 7412 | Ondernemingsvrijheid | 21 reacties

wij-stellen-ons-niet-aansprakelijk.jpgAls een website in een bepaald land op te roepen is, en daar is een inbreuk op auteursrecht (oid) te zien, dan is de rechter van dat land daarvoor bevoegd. Ook als die website niets te maken had met dat land, bijvoorbeeld omdat de domeinnaam een extensie van een ander land heeft. Wel is de schade dan beperkt tot hetgeen er in dat land is aangericht. Dat bepaalde het Hof van Justitie (via) eind januari. Oftewel: káp nou eens met “ik val onder Duits recht want ik heb een .de domein”.

In deze rechtszaak had een organisatie foto’s van een fotograaf met toestemming gebruikt, maar zonder toestemming op hun website gezet. De fotograaf stapte in Oostenrijk naar de rechter, en het bedrijf betwistte dat die bevoegd was omdat zij nu eenmaal in Duitsland was gevestigd en de website een .de extensie had. De rechtbank zette daarop haar juridische hulplijn in en vroeg het Hof van Justitie hoe dat nu zit: wanneer val je met je website onder het recht van een land als je via die website een onrechtmatige daad pleegt?

Nu is dit in het recht niet een heel nieuwe vraag. Het is al langer mogelijk om in land A iets te doen waar ze in land B last van hebben. Denk aan het exporteren van een krant met iets smadelijks, of het lozen van dingen in een rivier. Er zijn dan twee regels: 1) waar de veroorzaker gevestigd is, 2) waar de schade zich voordoet. Bij regel 2 geldt wel de beperking dat je dan alleen de schade mag vorderen die in dát land is voorgevallen. Volg je regel 1, dan mag je in dat land álle schade proberen vergoed te krijgen.

In deze zaak hielp regel 1 niet: de organisatie was immers in Duitsland gevestigd. Maar regel 2 vertaald naar internet gaat wél op:

In omstandigheden als die van het hoofgeding dient dus te worden aangenomen dat het intreden van de schade en/of het risico dat dit gebeurt, voortvloeien uit het feit dat in de lidstaat van de aangezochte rechter via de website van [de organisatie] toegang kon worden verkregen tot de foto’s die het voorwerp uitmaken van de rechten waarop [de fotograaf] zich beroept.

Ja, dat is wel gek: iedere website is in principe op te roepen in elk land. Die redenering kennen wij ook: menig Nederlands vonnis begint ergens met de formaliteit dat de website via internet op te roepen is vanuit Utrecht, Den Haag of Amsterdam en dat daarom de rechtbank Midden-Nederland (voorheen Utrecht), Den Haag of Amsterdam bevoegd is. Het deed me altijd wat flauw aan, maar ja als het Hof van Justitie het zegt dan valt het niet meer te ontkennen.

Dat de website wordt geëxploiteerd onder een Duits topleveldomein en niet op Oostenrijk gericht is, doet niet ter zake. Het gaat er echt alléén om dat je de website kunt benaderen vanuit Oostenrijk, en zodra dat het geval is mag de Oostenrijkse rechter zeggen hoe veel schade er in Oostenrijk geleden is. Deze regel is dus losser dan de regels bij de vraag op welk land een site zich richt bij elektronische handel en reclame. Daar moet je echt actief iets doen gericht op dat land, bijvoorbeeld in die taal adverteren, betaalmiddelen uit dat land accepteren of reclame maken op de radio aldaar.

Ik snap de redenering maar ik maak me er wel zorgen om. Het riekt heel erg naar de mogelijkheid van forumshoppen: zoek een land waar de wet of jurisprudentie je gunstig gestemd is, dien daar je rechtszaak in en hoop dat ze niet ál te moeilijk doen over je schadeclaim.

Arnoud

Website klant op slot? Alleen met expliciet beding daarover!

| AE 6831 | Intellectuele rechten | 10 reacties

gallery-website-templates.pngWie een website bouwt voor een klant, mag niet op grond van zijn auteursrecht eisen dat deze offline gaat tot de facturen zijn betaald. Dat vonniste de rechtbank Amsterdam vorige week. Een lastige uitspraak voor de praktijk want wat is er nu logischer dan met intrekking van een gegeven recht dreigen wanneer je je geld niet krijgt?

In deze zaak had een mediabureau een website ontworpen voor een opslagbedrijf. Het mediabureau had de auteursrechten behouden op de site, een veel voorkomende praktijk. En in dit geval gaf ze dat een stok om mee te dreigen: er stonden nog facturen open en als die niet snel werden betaald, zou de site op zwart gaan. De rechtbank bepaalt dat het mediabureau inderdaad de auteursrechten heeft. ook al heeft het opslagbedrijf teksten en afbeeldingen aangeleverd en het website-thema gekozen (kennelijk uit een set standaardthemes), uiteindelijk lagen de creatieve keuzes bij het mediabureau.

De website is door het mediabureau live gezet, ook al stonden er nog facturen open. Mocht men nu de aldus gegeven impliciete licentie (gebruiksrecht) tijdelijk intrekken? Nee, want daar staat niets over in het contract. De rechtbank maakt een analogie met het eigendomsvoorbehoud: als je een fysiek product verkoopt maar je wilt het kunnen terughalen bij wanbetaling, dan moet je de eigendom expliciet voorbehouden (art. 3:92 BW). En dat moet dus ook bij het opschorten van een gebruiksrecht of intrekken van een licentie wegens wanbetaling.

Wel woog mee dat een aantal facturen al wél waren betaald. Mogelijk dus dat de rechter de maatregel niet proportioneel vond gezien het resterende bedrag en daarom eiste dat de botte bijl expliciet in het contract had moeten staan. Als de wederpartij niets had betaald, had dit wellicht anders uitgepakt. Ook speelde mee dat de vordering betwist werd. Het voelt dan unfair (“misbruik van recht”) om je gelijk af te dwingen.

Zelf adviseer ik altijd om getrapte maatregelen door te voeren, bijvoorbeeld eerst de beheersaccounts beperken zodat de klanten nog wél bestellingen kunnen plaatsen en je bij bestellingdata kan, maar er geen nieuwe producten meer in de webshop kunnen. Als volgende stap gaat dan de database op alleen-lezen zodat er niets verloren gaat maar nieuwe klanten krijgen een storing. En daarna gaat de site voor klanten op zwart maar kan men nog wel bij de backend zodat noodgevallen nog afgehandeld kunnen worden maar de dienstverlening er verder toch aardig onder piept en kraakt. Of juist alleen de backend op zwart zodat de klant het niet merkt maar je wel een prikkel hebt om het snel op te lossen. Wellicht dat een dergelijke getrapte maatregel hier ook beter had gewerkt?

Arnoud

De leesbare versus de juridisch bindende algemene voorwaarden maken

| AE 6509 | Informatiemaatschappij | 18 reacties

Een lezer vroeg me: Je ziet soms websites die hun algemene voorwaarden in een ‘leesbare’ en ‘juridische’ versie hebben. Die laatste is dan uiteraard bindend, maar wat is dan nog de waarde van de leesbare versie? Algemene voorwaarden zijn, zoals de wet dat omschrijft, “opgesteld teneinde in een aantal overeenkomsten te worden opgenomen”. Zeg maar… Lees verder

Hoe bewijs je dat een webpagina bestond op een bepaald moment?

| AE 5674 | Informatiemaatschappij | 27 reacties

Dat kan geen toeval zijn: gisteren kreeg ik drie keer (in iets verschillende bewoordingen, dat wel) de volgende vraag: Wat moet je eigenlijk doen om de inhoud van een webpagina op een bepaald moment rechtsgeldig vast te leggen i.v.m. schadeclaims e.d.? Een “Akte van Inhoud” laten opmaken door een notaris, of op een andere manier… Lees verder

Wanneer ben ik als websitebouwer aansprakelijk voor content?

| AE 5485 | Intellectuele rechten, Ondernemingsvrijheid | 27 reacties

Een lezer vroeg me: Ik heb als freelance websitebouwer een site gebouwd voor een klant, met voetbalnieuws en een forum. Nu heb ik ze meerdere malen gevraagd hoe het zit met auteursrechten op wat ze me aanleverden, en het antwoord was altijd “maak je niet druk, je kunt dit gewoon gebruiken”. En je raadt het… Lees verder

Van wie is die website (met CMS)

| AE 4705 | Intellectuele rechten, Iusmentis | 68 reacties

Weer een regelmatig terugkerende kwestie: mensen laten een website bouwen, denken daar eigenaar van te zijn maar er blijkt een door de sitebouwer zelf ontwikkeld CMS achter te liggen. En artikel 18.3 van diens algemene voorwaarden bepaalt dat het eigendom daarvan “ten alle tijde” (sic) bij hem ligt. Ja, dat is rechtsgeldig ondanks die taalfout…. Lees verder

Het auteursrechtelijk beschermde website-ontwerp

| AE 2640 | Intellectuele rechten | 12 reacties

Ontwerpen voor websites kunnen zelf auteursrechtelijk beschermd zijn. Het overnemen van zo’n ontwerp is dus problematisch, zeker als je dat doet nadat je het ontwerp hebt gekregen bij een offerte van een websitebouwer. Dat blijkt uit een vonnis (met plaatjes, leuk!) van twee weken terug (via). Natuurlijk betekent dit niet dat elk schetsje van een… Lees verder

Wie vindt de Googlecache? 1183,81 euro beloning!

| AE 2644 | Uitingsvrijheid | 20 reacties

Een beloning van ” 1183,81 voor wie de verliezer in een rechtszaak aanwijst welke pagina hij nu moet verwijderen. Toegegeven, die had ik nog niet eerder gezien. In een kort geding (via) kreeg de eigenaar van Rechtinnederland.nl te horen dat hij enkele publicaties moet opschonen (wat hijzelf “censureren” noemt, waar ik dan weer jeuk van… Lees verder