Aansprakelijk voor out-of-office bericht?

Misschien dat disclaimers bij e-mails toch niet zo onverstandig zijn. Wat nu als mensen je out-of-office mededeling als antwoord op hun offerte of vraag beschouwen? Je zou denken dat dat niet voor zou moeten komen, maar de praktijk is anders. Wat te denken van dit bord:

bordje-engels-welsh-out-of-office.jpg<br/> (bron: BBC news)

Het Engels is prima leesbaar, maar de Welsh tekst betekent “Ik ben niet op kantoor, maar mail uw vertaalwerk gerust.” Pijnlijk.

Als je nu als Welshtalige vrachtwagenchauffeur toch linksaf gaat, en je krijgt een boete, zou je daar dan vanaf kunnen komen met dit bordje?

En gebeurt dit in Friesland ook wel eens?

Arnoud

Tot aan het Europese Hof over een telefoonnummer

telegraaf.jpgInternetbedrijven moeten, naast hun vestigingsadres en een e-mailadres, nog minstens één ander communicatiemiddel op hun site vermelden. Dat mag een telefoonnummer zijn, maar dat hoeft niet. Dat besliste het Europese Hof van Justitie afgelopen donderdag. Ja, er is echt een procedure gevoerd tot aan dit allerhoogste Europese Hof over de vraag of er een telefoonnummer op een website moet staan. En nee, van het antwoord begrijp ik ook al weinig.

In de wet (art. 3:15d BW) staat dat een elektronische dienstverlener, zoals een hostingprovider of webwinkel, zijn identiteit en adres van vestiging moet melden plus “gegevens die een snel contact en een rechtstreekse en effectieve communicatie met hem mogelijk maken, met inbegrip van zijn elektronische postadres”. En omdat er staat “met inbegrip”, moet er dus nog minstens één ander gegeven zijn waarmee dat snelle contact gelegd kan worden. Ok, ik geef toe, leuk discussievoer voor juristen maar een procedure tot aan het Europese Hof van Justitie? Allemachtig.

Maar goed, het arrest ligt er en we zullen het ermee moeten doen. Een kennis van me is echter doof, en ziet er weinig in om een telefoonnummer op zijn website te zetten. Ik neem tenminste niet aan dat het genoeg is om een bandje in te laten spreken met “Deze winkelier kan u niet horen, mailt u toch alstublieft”. Gelukkig heeft het Hof daaraan gedacht: een telefoonnummer is niet verplicht, maar als je het niet doet, moet je iets bieden dat vrijwel net zo’n snel medium is als de telefoon: “a communication is to be regarded as effective if it permits adequate information to be obtained within a period compatible with the needs or legitimate expectations of the recipient.”

Wat betekent dat? Nou, een contactformulier bijvoorbeeld zou prima zijn:

[A]n electronic enquiry template may be regarded as offering a direct and effective means of communication within the meaning of Article 5(1)(c) of the Directive, where, as is clear in the case in the main proceedings from evidence in the file, the service provider answers questions sent by consumers within a period of 30 to 60 minutes.

Ik weet niet hoe dat bij u gaat, maar bij mij maakt dat contactformulier stiekem een mailtje van wat mensen intypen. Dus de meerwaarde van dit arrest ontgaat me volledig. Het arrest opent wel de weg om te twitteren met je klant, want dat is ook een “direct and effective means of communication”.

Hoe snel reageren jullie op mails van klanten? En hebben jullie contactformulieren die niet met mail in de backend werken?

Arnoud

Showbiznewz-site aansprakelijk voor foto’s van gebruikers

angelina-jolie-stockfoto-website.jpgProfiterend van de populariteit van de tepels van Angelina Jolie bericht Boek 9 over een recent vonnis over stockfoto’s op internet. De site Showbiznewz.nl publiceert showbiznieuws. Daar bleken foto’s bij gebruikt te zijn waar Bruno Press de rechten op had, en die had daar geen toestemming voor gegeven. Bruno Press eiste dan ook verwijdering en schadevergoeding.

Het verweer van Showbiznewz kwam neer op wat ook in de disclaimer staat:

Foto- en videomateriaal te vinden op ShowbiZnewZ.nl is in principe geüpload (audio)visueel materiaal door onze lezers.

Ik kon niet ontdekken hoe dat uploaden in zijn werk zou moeten gaan. Er is geen registratiesysteem voor lezers of een uploadformulier waarmee je je foto’s kunt publiceren. Wel is er een contactpagina met de mogelijkheid om tips, nieuws en opmerkingen te mailen naar de redactie. Ik neem aan dat die de tips en het nieuws dan plaatsen.

Dat ligt juridisch gevoelig: weliswaar zijn websitebeheerders in principe niet aansprakelijk voor wat gebruikers plaatsen, maar daarvoor moeten de gebruikers zelf het materiaal publiceren zonder voorafgaande controle van de beheerders. Als ze dan ook nog eens na een klacht het materiaal weghalen, zijn ze verder niet tot schadevergoeding verplicht.

Bij Showbiznewz ging deze constructie niet op, vanwege de redactie die er tussen zat:

Zij neemt aldus het initiatief tot het doorgeven van informatie door haar bezoekers. Door de indeling van haar website maken de door haar bezoekers daarop geplaatste foto’s deel uit van het geheel van die website.

Bovendien moet een professionele partij als Showbiznewz weten dat er auteursrechten rusten op foto’s als deze. Zij heeft dan een onderzoeksplicht, en mag niet volstaan met een paar zinnen in een disclaimer dat mensen een klacht kunnen indienen.

De rechter geeft nog wel een vuistregel voor andere sites die op deze manier te werk gaan:

Het is aan IMT om haar bedrijf zodanig in te richten dat zij maatregelen treft ter voorkoming van inbreukmakende handelingen. Daarbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan de mogelijkheid degene die een foto als hier bedoeld op de site van IMT plaatst na een toelichting vooraf te laten verklaren dat hij of zij de rechthebbende op die foto is. De in de voorwaarden van IMT opgenomen disclaimer is daartoe in ieder geval niet voldoende.

Of dat in de praktijk zou gaan werken, vraag ik me af. Een aanvinkvakje “Ik heb deze foto zelf genomen” is snel toegevoegd bij een uploadformulier, maar de kans is natuurlijk groot dat mensen gewoon liegen bij het aanvinken van zo’n vakje. En dan? Heel veel voegt dit dus niet toe. Misschien als je het koppelt aan een adresregistratie van gebruikers, zodat je die naar voren kunt schuiven als er een rechthebbende langskomt.

Arnoud

Notice and takedown gedragscode ingevoerd

printer-aangeklaagd-dmca.jpgAfgelopen donderdag is de ‘Notice-and-takedown’-gedragscode na meer dan een jaar steggelen afgekomen en uitgereikt aan staatssecretaris Heemskerk van Economische Zaken. In deze gedragscode staan procedures uitgewerkt voor webhosters en andere internetdienstverleners over hoe om te gaan met klachten en claims over materiaal dat hun klanten aanbieden. Internetbedrijven zijn aansprakelijk voor wat hun klanten aanbieden, als ze dit niet na een terechte klacht weghalen. Dat staat in de wet (art. 6:196c BW). Maar hoe een dienstverlener moet bepalen of een klacht terecht is, en welke stappen je het beste kunt nemen bij de afhandeling, was altijd onduidelijk. De gedragscode helpt daarbij.

Heel in het kort zou de procedure als volgt moeten gaan:

  1. Een provider publiceert details over zijn procedure, inclusief contactgegevens en beleid over bepaalde soorten inhoud. Bijvoorbeeld wat er wel en niet mag in e-mail, op websites of via andere diensten.
  2. Een klager dient via dat contactadres een klacht in, en verschaft daarbij in ieder geval zijn contactgegevens, de URL of andere vindplaats van het materiaal en een motivatie waarom dit materiaal in strijd is met de wet of het beleid van de provider. De provider kan een vrijwaring eisen dat de klager een terechte klacht indient – en opdraait voor de schade als dat niet zo is.
  3. De provider controleert de klacht en maakt een inschatting of de klacht onmiskenbaar juist is. Als hij dat zonder problemen kan, meldt hij zijn bevindingen aan de klager en sluit hij bij een juiste klacht het materiaal af.
  4. Als de provider niet kan inschatten of de klacht onmiskenbaar juist is (bv. bij klachten over smaad), geeft hij de klacht door aan de klant met het verzoek het materiaal weg te halen of met de klager in contact te treden om het samen op te lossen.
  5. Lukt dat laatste niet, en haalt de klant het materiaal ook niet weg, dan “moet de melder bij voorkeur in staat worden gesteld zijn geschil met de [klant] voor de rechter te brengen.”

Een belangrijk gemis in de NTD gedragscode is hoe om te gaan met afgifte van persoonsgegevens van klanten. De wet zegt hier niets over. In de jurisprudentie (vooral het Lycos/Pessers-arrest) is uitgemaakt dat een provider onder omstandigheden verplicht kan zijn deze gegevens toch af te geven. Het moet voldoende duidelijk zijn dat de klant onrechtmatig bezig is, de eiser moet een reëel belang hebben en er mag geen geen minder ingrijpende mogelijkheid zijn om aan de NAW-gegevens van de klant te komen. Helaas zegt de gedragscode alleen maar dat “de tussenpersoon [kan] overgaan tot het verstrekken van NAW-gegevens”.

In de praktijk blijkt die afgifte redelijk makkelijk te gaan, zeker als het gaat om inbreuken op auteursrecht. De criteria uit de jurisprudentie zijn echter niet eenduidig. Schreef Lycos/Pessers (van de Hoge Raad) nog een vierstappentoets voor, bij de Brein/UPC en Brein/KPN zaken werd heel wat makkelijker geoordeeld dat deze gegevens moesten worden overgedragen. Bij Webwereld laat stichting Brein dan ook weten

“Wij kunnen en zullen echter niet aanvaarden dat er op een melding van Brein geen NAW wordt afgegeven”, aldus een strijdbare Kuik. “Er is geen plaats voor anoniem zaken doen op Internet. Dat is niet anders dan offline. Wat offline geldt moet ook online gelden. Dat is de regel die de overheid heeft gesteld en die moet gelding krijgen.”

Dat laatste is natuurlijk kletspraat – anoniem zakendoen gebeurt elke dag offline, en dient dus ook online te kunnen gebeuren. Los daarvan is het een veel te conservatief principe dat “wat offline geldt, ook online moet gelden” want online kunnen er dingen die offline niet mogelijk zijn, en wat moet daar dan voor gelden?

Het is jammer dat de gedragscode niet uitwerkt hoe deze afgifte in zijn werk zou moeten gaan. Er zijn diverse voorstellen gedaan hoe een klager toch kan discussiëren met een anonieme klant en hem zelfs anoniem voor de rechter kan slepen. Een dergelijke procedure zou een wezenlijke verbetering zijn ten opzichte van de huidige situatie. En daarmee zou de gedragscode een hele stap vooruit geweest zijn, in plaats van de formalisatie van de wet die ze nu is.

Arnoud<br/> (PS: check die schoenen!)

De zin en vooral onzin van e-mail disclaimers

wij-stellen-ons-niet-aansprakelijk.jpgGisteren kreeg ik een e-mail van iemand die mijn boek wilde bestellen. De e-mail bevatte zes regels informatie en 25 regels disclaimer. De e-mail was informeel bedoeld, bevatte mogelijk vertrouwelijke informatie die ik dan niet mocht doorgeven, kon virussen bevatten hoewel deze gescand was, mocht niet worden opgevat als een juridische toezegging(!) en vertegenwoordigde niet noodzakelijkerwijs de mening van de werkgever van de afzender.

Waarom doen mensen dit? Juridisch stelt het namelijk bizar weinig voor. Een echte disclaimer, een uitsluiting van aansprakelijkheid dus, is alleen geldig als dat vooraf zo afgesproken is. Hetzelfde geldt voor vertrouwelijkheid van een e-mail. Briefgeheim voor e-mail bestaat niet. Wie een mededeling per e-mail dan ook vertrouwelijk wil laten zijn, moet dat afspreken met de ontvanger.

De informatiedichtheid van de overige mededelingen is ook vrijwel nul. Omdat de tekst bij elke mail moet passen, moet men wel algemeen zijn: “bevat MOGELIJK vertrouwelijke informatie”, “KAN virussen bevatten” en is “niet NOODZAKELIJKERWIJS” de mening van de werkgever. Die teksten zijn altijd waar en vertellen dus niets.

Ik stel voor dat we vanaf nu de disclaimer op e-mails afschaffen en alleen nog zinnen toevoegen als dat werkelijk zinnig is. Zet er alleen een confidentiality notice onder als de mail echt vertrouwelijk is, en stuur mails die niet de mening van uw werkgever bevatten niet vanaf een zakelijk adres. Doet u mee?

Arnoud<br/> Plaatje via Eric’s blog

Europarlement keurt helemaal geen three-strikes beleid goed

three-strikes.jpgHet Europees Parlement heeft een pakket maatregelen goedgekeurd om de telecomsector te hervormen. Mooi initiatief, omdat de positie van de consument flink versterkt wordt. Zo wil het voorstel bijvoorbeeld dat je na een jaar je abonnement per maand kunt opzeggen. En oh ja, er zou stiekem een achterdeur in zitten waardoor mensen na drie keer illegaal downloaden afgesloten worden van internet. Tenminste, als ik bepaalde mensen moet geloven. Maar ik lees liever dan dat ik mensen op hun woord geloof. Waar staat dat, vroeg ik dan ook in juli.

Ik was eigenlijk van plan mijn donderdagavond vrij te houden, maar ik kreeg er zo veel mails over dat ik de 250 pagina’s juridisch geneuzel toch maar heb door zitten lezen. Research heet dat, iets dat sensatiebeluste journalisten ook eens zouden moeten doen. En ik kan nergens iets vinden over verplichtingen tot afsluiten of zelfs maar bevoegdheid tot afsluiten van mensen wegens vermeende schending van auteursrechten.

Wat staat er wel in dan over auteursrechten?

Allereerst dit:

(12c) In order to address public interest issues with respect to the use of communications services, and to encourage protection of the rights and freedoms of others, the relevant national authorities should be able to produce and have disseminated, with the aid of providers, information related to the use of communications services. This information should include warnings regarding copyright infringement, other unlawful uses and dissemination of harmful content, and advice and means of protection against risks to personal security, which may for example arise from disclosure of personal information in certain circumstances, privacy and personal data.

Oftewel: het lijkt ons een goed idee als overheden aan voorlichting gaan doen omtrent onder andere wanneer je auteursrechten schendt of andere illegale dingen op internet doet. Daar kan ik me alleen maar bij aansluiten.

Die informatieplicht komt nog een paar keer terug, met name in de vorm van verplichtingen voor providers om zulke foldertjes op te sturen naar klanten. Bevoogdend, misschien. Maar de mogelijkheid tot afsluiten? Ik zie het niet staan.

Het meest dreigend is nog dit:

6a. Member States shall ensure that subscribers are clearly notified in the event of repeated breaches of copyright and related rights so that they are able to cease their unlawful activities.

Maar: notified – op de hoogte gesteld dus. Het zal wel aan mij liggen, maar ik vind de hellend-vlak redenering die van een brief sturen naar verplicht detecteren en afsluiten toch bepaald vergezocht.

In het het persbericht staat dit nog een keer:

Community law does not define what content is lawful or harmful, nor any penalties, since this is up to each Member State. However, all consumers must be informed of national rules on this.

Let met name op dat stukje “since this is up to each Member State”. Bepalingen van strafrecht mogen helemaal niet worden ingevoerd in Richtlijnen, want daar is de Europese Unie niet toe bevoegd. Strafrechtelijke regelingen kunnen alleen via een zogeheten Kaderbesluit worden ingevoerd. En ja, een overheidsverplichting om een klant een sanctie op te leggen is een bepaling van strafrecht.

Weet iemand trouwens waarom de bepaling over netneutraliteit uit het Engelstalige persbericht ontbreekt in de Nederlandse versie?

Arnoud

De zin en onzin van disclaimers, algemene voorwaarden, etcetera?

Bij Lancelots Forum – Voor freelancers werd een interessante vraag opgeworpen: wat is de (on)zin van disclaimers/voorwaarden/privacyverklaringen op een website?

Zie door de bomen het bos van disclaimers/ algemene voorwaarden/ privacybeleid niet meer. Hoe moet ik een disclaimer of dergelijke op een website plaatsen als, in mijn mening, zover ik begrijp de juristen er nog niet over uit zijn. Op het ene moment lees ik dat het plaatsen van een disclaimer geen rechtsgeldige zin heeft (omdat de website toch onder Nederlandse recht valt – indien gehost in Nederland(?)) anderszijds lees ik dat het wel weer verplicht/ handig kan zijn.

Vaak plaatsen mensen die teksten alleen omdat iedereen het doet, wat ongeveer de slechtste reden is om iets te doen. Nadeel is ondertussen wel dat het zo ingeburgerd is dat het nu opvalt als je het niet meer doet. Misschien zou dat tegen je gebruikt kunnen worden, dus dan kun je maar beter toch met de massa meedoen.

Staan wij juristen hier echt puur voor de vorm die teksten te produceren, vraag ik me wel eens af. Niemand leest algemene voorwaarden of privacyverklaringen. Je gaat er vanuit dat ze redelijk zijn en dat het met je privacy wel goed zal zitten. Dat is vaak niet zo, maar wie heeft er tijd voor (of zin in) om dat allemaal te gaan controleren?

Zou het niet eens tijd worden voor een strengere wettelijke regeling voor gebruiksvoorwaarden voor websites?

Arnoud

Google laat beurskoers United Airlines $10 kelderen

google-news.jpgBen je aansprakelijk voor oud nieuws? Die vraag zullen ze zich bij Google Legal ongetwijfeld stellen nadat vermelding op de Google News-homepage van een artikel uit 2002 over de surseance van United Airlines de koers van dat bedrijf met zo’n 10 dollar (ongeveer 80 eurocent tegenwoordig) deed kelderen.

Het artikel was uit 2002, maar werd door de Sun Sentinel opnieuw onder de aandacht gebracht in een kadertje getiteld “Popular stories: Business”. De Googlebot ontdekte het, vond geen datum op de pagina van het artikel en bedacht toen maar dat het actueel nieuws moest zijn. En daarom kwam het bovenaan te staan als je zocht op “bankruptcy” bij Google News. Wat ze bij financieel analist Bloomberg dagelijks doen kennelijk, want binnen het kwartier stond het bericht op de Bloomberg News Wire zodat alle beurshandelaren het onder ogen kregen.

Google maakt zich geen zorgen, lijkt het. Er stond geen datum op, dus was het niet hun schuld dat ze het bovenaan de zoekresultaten lieten verschijnen. Maar als je even doorleest, valt op wat er niet staat: excuses voor de overlast of iets anders dat in de rechtszaal uitgelegd zou kunnen worden als erkenning van schuld.

En dat is logisch, want het lijkt me dat je Google best zou kunnen aanspreken voor de financiële gevolgen van deze fout. Als er geen datum bijstaat, dan moet je een bericht niet zomaar behandelen als nieuws. Sterker nog, Google News zet in haar richtlijnen dat websites die in de News-index willen, duidelijk hun datums moeten markeren. Zo kom je er niet in als er geen datumcode uit de URL te halen is. Dus hoe krijgen ze het voor elkaar om dit oude bericht toch als nieuw te laten verschijnen?

Of is de schade de schuld van al te snel verkopende aandelenhandelaars die afgaan op een kop zonder zelfs maar even te checken of het bericht waar is?

Arnoud

Wanneer is de koop op afstand gesloten?

elsevier-koopnu.jpgEen lezer deed een poging om de serie West Wing, The Complete Series te bestellen bij de webshop van Elsevier. Hij drukte op de hiernaast afgebeelde knop, en kreeg tot zijn verbazing en teleurstelling deze tekst:

Helaas is West Wing, The Complete Series (Seizoen 1 t/m 7) tijdelijk niet leverbaar!

Nu kan het natuurlijk altijd dat dingen niet op voorraad zijn. Maar, zo vroeg onze lezer zich af: heb ik de box eigenlijk niet al gekocht? Kan ik met andere woorden Elsevier aan de koopovereenkomst houden?

Een lastige vraag. De webshop doet een aanbod (deze box voor dit bedrag) en de bezoeker gaat akkoord door op die knop te drukken. Maar ik vraag me af of mensen al verwachten de koop gesloten te hebben als ze op die knop drukken. Normaal komt er nog een hele riedel aan schermen achteraan, met bijvoorbeeld informatie over de verzendkosten waar je mee akkoord moet gaan. Vanuit die redenering is de koop pas gesloten als er in het allerlaatste scherm op “koop definitief maken” of zoiets geklikt wordt.

Maar stel nu dat de koop wel degelijk op dit moment gesloten is. Verzending is bijvoorbeeld gratis en alle informatie is al elders (bv. bij klantregistratie) afdoende gemeld. Dan zit Elsevier inderdaad vast aan de verplichting tot levering.

Elsevier heeft de box niet, kan niet leveren en schiet dan tekort in de nakoming, zoals dat heet. Dat kan tijdelijk zijn of blijvend. Als de box bij de leverancier uitverkocht is en ook niet meer komt, heet dat een blijvende onmogelijkheid tot nakoming. Zit er nieuwe voorraad aan te komen, maar duurt dat nog een jaar, dan is de onmogelijkheid slechts tijdelijk.

In beide gevallen kan de klant van de overeenkomst af als levering onmogelijk blijkt (art. 6:265 BW). In gebreke stellen is niet nodig in die situatie.

Maar kan Elsevier van de overeenkomst af? Nee, formeel gezien niet. Zij hebben beloofd te leveren en dat zullen ze moeten doen ook. Als levering onmogelijk is, kunnen ze niets anders dan wachten tot het weer mogelijk wordt dan wel tot de klant geen zin meer heeft te wachten.

Arnoud

De (on)bindendheid van de consumenten geschillencommissie (gastpost)

geschillencommissie-logo.gifWie overeenkomsten sluit krijgt er vroeg of laat mee te maken: geschillen. De partijen kunnen het dan onderling niet eens worden over een oplossing. Zij kunnen dan aan de rechter vragen om met een uitspraak te komen. Hier zitten echter wel een aantal negatieve consequenties aan vast.

Allereerst is de rechtsgang erg duur. Voor rechtszaken tot 5000 euro liggen de kosten van de dagvaarding en de griffiekosten, voor het behandelen van uw zaak door de rechter, tussen de 110 en de 270 euro volgens de Consuwijzer. Nee, de kosten rijzen de pan uit door de kosten die je maakt als je een advocaat in de arm neemt. Je moet al gauw 200 euro neer leggen per uur dat je advocaat aan je zaak besteedt. Nu kun je dergelijke rechtszaak zonder advocaat voeren, wat ons brengt op de tweede negatieve consequentie: een rechtszaak voeren is erg ingewikkeld. Het gevaar is dan wel dat je al gauw de fout in gaat, waardoor je zaak op procedurele gronden verliest terwijl je toch het gelijk aan je kant hebt.

Daarom is De geschillencommissie in het leven geroepen. Deze commissies op diverse gebieden presenteren zich graag als hét alternatief voor een rechtsgang. De overheid heeft alle geschillencommissies erkend en volgens de Stichting Geschillencommissies voor Consumentenzaken betekent dit dat “goede procedure en onpartijdige beslissingen gewaarborgd zijn”. Bovendien is een uitspraak bindend. Kortom, als we deze stichting mogen geloven, is het geschil voor leggen aan de rechter compleet overbodig geworden. Is de uitleg die de stichting geeft wel realistisch of had ze een roze bril op toen de stichting haar website ontwierp?

Een voorbeeld. Een geschil was in de maak toen consumenten een overeenkomst sloten met een winkelier voor de levering en het leggen van een parketvloer. Toen er zich vlak hierna krassen zich op de vloer vertoonden, hebben deze consumenten zich spoedig bij de winkelier gemeld met hun klachten. De importeur van de vloer heeft deze onderzocht in opdracht van de winkelier en kwam tot de conclusie dat de vloer geen productfouten c.q. productiefouten bezat, maar dat het ging om problemen die veroorzaakt waren door de consument. De winkelier weigerde vervolgens om de vloer te herstellen of te vervangen.

De consument neemt hier geen genoegen mee en gaat naar de Geschillencommissie Parket. De deskundige die zij inschakelen komt tot de conclusie dat de vloer weliswaar slijtvast maar niet erg krasbestendig is. Bovendien is de schade niet te herstellen. Volgens de deskundige is de schade aan de vloer te wijten aan het schuiven met stoelen en andere scherpe voorwerpen. Als voorbeeld geef hij aan: “steentjes in de schoenen, scherp zand onder het vilt van de meubels, scherp speelgoed en dergelijke”. De geschillencommissie komt als gevolg van dit oordeel tot de volgende conclusie:

(…) dat niet gezegd kan worden dat de ondernemer de tussen partijen gesloten overeenkomst niet deugdelijk is nagekomen. De commissie onderschrijft het rapport van de deskundige in die zin dat niet gezegd kan worden dat er in technische zin iets fout is aan de vloer. De klachten worden veroorzaakt door het gebruik van de vloer en leefsporen als deze (los van de krassen veroorzaakt door het verplaatsen van een kast) moeten worden aangemerkt als oorzaken van buitenaf die niet met succes aan de ondernemer kunnen worden tegengeworpen. Dat een en ander zichtbaar is hangt mede samen met de kleur van de vloer. Kennelijk had de consument te hoge verwachtingen van de vloer.
De commissie is niet gebleken dat de ondernemer de consument wat dat betreft op het verkeerde been heeft gezet. (…)

Menig consument had hier zijn verlies genomen, aangezien de Stichting Geschillencommissies voor Consumentenzaken dat een uitspraak bindend is en door de erkenning van de overheid een goede procedure en een onpartijdige beslissing gegarandeerd is. Deze consumenten doen dit echter niet en stappen naar de rechter. Dat mag, zelfs bij bindende uitspraken zoals deze. Artikel 7:904 BW bepaalt namelijk:

Indien gebondenheid aan een beslissing van een partij of van een derde in verband met inhoud of wijze van totstandkoming daarvan in de gegeven omstandigheden naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn, is die beslissing vernietigbaar. (…)

De rechter kan op grond van dit artikel de uitspraak vernietigen. Deze rechter wilde zijn vingers echter niet branden aan de de uitspraak, vermoed ik, want de zaak komt in hoger beroep. (LJN AY8747). De hogere rechter vindt dat de geschillencommissie heeft nagelaten om de bevindingen te toetsen aan het door hem geschetste wettelijk kader. Daarnaast constateert het Hof dat de geschillencommissie enkel is afgegaan op het, hiervoor niet geschikte, rapport van de deskundige. Het Gerechtshof concludeert dat de inhoud en wijze van totstandkoming van de uitspraak van de geschillencommissie in de gegeven omstandigheden naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn. En dus vernietigt hij de uitspraak van de geschillencommissie. Het Hof gaat vervolgens over tot inhoudelijke beoordeling van de zaak:

Op een vloer in een woning wordt nu eenmaal met schoenen gelopen, met stoelen geschoven en door kinderen met speelgoed gespeeld. Anders dan het schuiven met een kast vormt dit een normaal gebruik. [appellant] mocht dan ook bij deze vloer krasbestendigheid verwachten bij normaal gebruik. De “keiharde kunststof toplaag” bleek echter al spoedig niet bestand tegen dat normaal gebruik. De geleverde vloer heeft in dit opzicht niet de eigenschappen die [appellant] mocht verwachten. Ondanks ingebrekestelling bij brief van 2 december 2003 (productie 13 bij memorie van grieven) weigert Salland Parket over te gaan tot herstel of vervanging. Zij is derhalve toerekenbaar tekortgeschoten.

Het Hof ontbindt als gevolg daarvan vervolgens de overeenkomst met de winkelier. Een uitspraak van een geschillencommissie kan dan wel bindend zijn, maar is gelukkig niet onvernietigbaar. De Stichting Geschillencommissies voor Consumentenzaken wil ons graag doen geloven dat erkenning van de overheid inhoud dat een “goede procedure en onpartijdige beslissingen gewaarborgd zijn”, maar deze zaak toont aan dat dit toch echt niet het geval is. Mocht iemand van het bestuur meelezen: het zo wellicht verstandig zijn om in deze tekst hier wat nuances te bouwen.

Alex de Kruijff
Alex is een ingenieur die elektronica en informatica heeft gestudeerd en juridische interesse heeft. Op zijn website kun je artikels over het besturingssysteem FreeBSD vinden, die je helpen bij het configureren er van.