Valt een nieuwe auto onder de Wet Koop op Afstand?

Een lezer wees me op Auto.nl waar je goedkoop nieuwe auto’s kunt kopen. (Ik reis altijd per OV, vandaar dat ik ’t niet zelf gezien had.) Origineel concept: een nieuwe auto via internet. En dan komt de juridische vraag: valt dat dan onder de Wet Koop op Afstand? Oftewel, mag je die auto dan binnen zeven werkdagen na ontvangst terugsturen (terugrijden?) naar de webwinkel?

Ik zou zeggen van wel. Een auto is een product als ieder ander, en bij de koop van een (nieuwe) auto gelden geen bijzondere wettelijke regels (behalve dan rond het kentekenbewijs maar dat is hier niet relevant). En het artikel over het recht van retour (art. 7:46d BW) noemt wel een aantal uitzonderingen, maar geen die over auto’s gaan.

De enige die relevant kan zijn, is de “maatwerk-exceptie”: zaken die “zijn tot stand gebracht overeenkomstig specificaties van de koper”. Bij een nieuwe auto is het gebruikelijk dat je bepaalde opties kunt afnemen. Wanneer die opties wijzigingen aan de auto impliceren (lichtmetalen velgen, een ingebouwde GPS-navigatieunit, stoelen in bepaalde kleur) dan is de auto daarmee maatwerk geworden en mag de aankoop niet meer worden geannuleerd. Een auto die compleet standaard is, is echter geen maatwerk. Ook niet als hij speciaal besteld wordt bij de importeur.

Een twijfelgeval treedt op bij de kleur. Dat is ook iets dat bij meubels speelt: als je mag kiezen uit tien voorgedefinieerde kleuren, dan lijkt me er geen sprake van maatwerk. Dat meubel of die auto wordt dan niet gemaakt op jouw kleur. Maar als je een kleur zelf opgeeft (“PMS kleur 282 alstublieft”), dan is sprake van jouw specificatie en dus een maatwerk-bank of -auto. Ik ben er nog niet uit wat er gebeurt als men niet tien maar tienduizend kleuren voordefinieert (bv. een kleurenwaaier of colorpicker). Is dan sprake van maatwerk?

Arnoud

Hoe kom je van een falend IT-project af?

fail-faal-it-project-altijd-kat.jpgDe op één na ergste openingszin in mijn inbox is toch wel “een tijd geleden zijn wij een IT-project gestart, maar…” Ik weet niet wat het is, maar het lijkt wel of elk IT-project gruwelijk faalt: gemiste deadlines, vele extra rekeningen (liefst terwijl een vaste prijs bedongen was), eindeloos gesoebat over specificaties, maandenlange vertraging bij oplevering en uiteindelijk de helft van de functionaliteit krijgen voor tien maal de prijs. Om dat juridisch op te lossen is geen pretje. Zeker niet omdat de meeste klanten denken “als het lang genoeg geduurd heeft en we nog steeds niets zien, dan trekken we de stekker eruit”. Maar zo werkt het niet.

Het grootste juridische struikelblok is dat opdrachtgevers in een IT-project maar laatste kansen blijven geven. De wet biedt je namelijk pas de gelegenheid een project te staken als de wederpartij “in verzuim” is, en daarvan is pas sprake als hij een fatale deadline heeft gemist of als hij in gebreke is gesteld. Beide opties zijn juridisch tot op alle punten en komma’s uitgeprocedeerd, en het verbaast dan ook niet dat het héél lastig om te bewijzen is dat hiervan sprake is. In een helder artikel (PDF) legt IT-advocaat Polo van der Putt duidelijk uit waar de juridische valkuilen liggen.

Eerst maar eens die “fatale termijn”. Daarmee wordt een deadline bedoeld die écht deadline is, oftewel missen daarvan is jou(w bedrijf) fataal. Essentieel daarbij is dat de wederpartij wist dat het om een fatale termijn ging. Dat de termijn belangrijk was voor jou, is niet belangrijk. Het klassieke voorbeeld van een fatale termijn is de bruidstaart: de bakker moet weten dat die voor de trouwdag wordt besteld, en een dag te laat is echt onaanvaardbaar.

Bij IT-projecten ligt dat iets anders. Daar is uitstel of iets latere levering eigenlijk altijd wel mogelijk. Immers, geen IT-project dat per se op je trouwdag af moet zijn. En werkt de IT-er met een beetje toegesneden algemene voorwaarden, dan is er nooit sprake van een fatale termijn, hoe belangrijk die voor de klant ook is. De voorwaarden definiëren dan simpelweg elke termijn als zijnde niet fataal, ongeacht mededeling van de klant. (Toegegeven, zulke voorwaarden schrijf ik ook.)

Van der Putt signaleert een vonnis waarbij de rechter het droogjes als volgt samenvat waarom IT-deadlines nimmer van niveau trouwdag kunnen zijn:

Dit te meer nu feit van algemene bekendheid is dat automatiseringsprojecten kunnen uitlopen, en uitlopen ook vaak plaats vindt.

Een rechter met IT-clue. Iedereen weet dat IT-projecten altijd uitlopen, dus iedereen moet snappen dat deadlines slechts bedoeld zijn als indicatieve termijnen – “ergens rond 27 mei zou leuk zijn, maar 19 september mag ook hoor”. Van een falende leverancier kom je dus niet af met het argument “u had 27 mei moeten opleveren en dat is niet gebeurd”.

De andere juridische boeg waar je het over kunt gooien is dat er niet correct geleverd wordt. De leverancier schiet tekort, juridisch gezegd. Dat kan een grond zijn om te ontbinden, maar dat bewijzen is moeilijker dan je denkt. Zeker als het gaat om toekomstige tekortkomingen, het “dit komt nooit meer goed”-argument:

Het zal in de praktijk niet eenvoudig zijn om voldoende aannemelijk te maken dat tekort zal worden geschoten. Doorgaans zal het de afnemer aan voldoende expertise en wetenschap ontbreken om aan te kunnen tonen dat correcte nakoming onmogelijk zal zijn. Bovendien zal, zeker bij langlopende projecten waar de leverancier nog een lange termijn heeft om te presteren, altijd wel een gezaghebbende expert gevonden kunnen worden die met kracht van argument kan betogen dat correcte nakoming wel mogelijk is.

Kun je wel bewijzen dat sprake is van een daadwerkelijke tekortkoming, dan is het mogelijk om het project te annuleren. Eis is dan wel dat de IT-er in verzuim is. De wet eist dan als hoofdregel dat hij in gebreke is gesteld. Dat wil zeggen: er is een tekortkoming gesignaleerd, de IT-er heeft een laatste kans gehad om het recht te zetten en ook daarna blijft het tegenvallen. In dat geval mag je als opdrachtgever opzeggen. Maar ook dat is moeilijker dan je denkt. Twee struikelblokken:

  1. Er moet een schriftelijke ingebrekestelling zijn verstuurd. Dat is een brief (geen mail) met daarin de toverformule “ik stel u bij deze in gebreke en eis dat u de hierboven gesignaleerde fouten herstelt”.
  2. De ingebrekestelling moet een redelijke termijn stellen voor het herstel van de fouten.

Te vaak denken opdrachtgevers dat het genoeg is te constateren dat er gefaald is en dat ze daarmee mogen opzeggen. Dat is dus expliciet niet zo. Evenmin is sprake van een ingebrekestelling als men geen uiterlijke termijn stelt, maar bv. alleen aanbiedt te gaan overleggen om te kijken wat er nog te redden valt.

Of te wel: zachte heelmeesters maken stinkende wonden. Een afnemer die meent dat er sprake is van een tekortkoming doet er verstandig aan om ook een termijn te stellen. Praten kan altijd nog.

Er zijn uitzonderingen op deze regel. Zo is een ingebrekestelling niet nodig wanneer de leverancier heeft gemeld dat hij niets meer gaat doen of als er lange tijd helemaal géén reacties komen op klaagmails. Of als de enige oplossing is om maar helemaal opnieuw te beginnen. Maar ik zou er niet op durven vertrouwen als ik de jurisprudentie erop nalees.

Met deze samenvatting doe ik Polo’s artikel nauwelijks recht, dus lees graag het gehele artikel: (Dreigende) tekortkoming en verzuim van IT-dienstverleners bij IT en Recht.nl.

Waar ik zelf dan nog benieuwd naar ben: waarom laten IT-klanten het altijd zo gierend uit de hand lopen met die projecten? Is het omdat IT moeilijk is en je geen idee hebt wat ze aan het doen zijn? Omdat je (vanwege de auteursrechten op de code) vast zit aan deze leverancier en je dus alle gelden kwijt bent als je opzegt? Of hebben IT-ers betere komtwelgoedpraatjes dan aannemers?

Arnoud<br/> PS: de voor mij ergste openingszin is “u bent mijn laatste hoop”, en ja die krijg ik zo eens per week.

Moet een bedrijf zijn adres in zijn algemene voorwaarden zetten?

Een lezer vroeg me:

Is het toegestaan algemene voorwaarden te hanteren waarin geen contactgegevens staan vermeld? Of überhaupt op je site alleen een info@ e-mailadres te vermelden als bedrijf?

Een bedrijf zoals een webwinkel of internetdienstverlener moet op zijn site duidelijk herkenbaar bedrijfsnaam, vestigingsadres en telefoonnummer vermelden. Niet alleen in de voorwaarden: op de site zelf (art. 3:15d en 7:46c BW).

Informatie verstoppen in algemene voorwaarden is eigenlijk nooit genoeg om mensen daaraan te houden. Het enige dat in algemene voorwaarden mag staan, zijn algemene voorwaarden: randvoorwaarden aan je dienstverlening. Geen prijzen, geen productomschrijvingen en geen wettelijk verplichte informatie over jezelf of je producten of diensten.

Op zich is het niet verboden om de algemene voorwaarden generiek te houden. Zo zou je bijvoorbeeld als ICT-dienstverlener de standaardvoorwaarden van ICT~Office kunnen gebruiken. Daar kun je je naam niet inzetten, maar dat is dus op zich niet erg.

Het moet wel altijd duidelijk zijn dat die voorwaarden gelden als je een contract met ze sluit. Maar dat is eigenlijk al gewoon de regel uit de wet. Gewoon ergens voorwaarden neerzetten is niet genoeg om die contractueel geldig te verklaren naar je klanten toe, of je naam er nu in staat of niet.

Arnoud

Mag een winkel verwijzen naar de fabrikant voor de garantie?

acer-laptop.pngTentamenvraag: vindt dit verweer steun in het recht?

[De winkel] heeft zich tegen de vorderingen verweerd met de stelling, dat niet hij, maar de fabrikant verantwoordelijk is voor het uitvoeren van de garantie en dus voor de reparatie van de computer.

Antwoord: nee, natuurlijk niet. De verkoper die een computer aan een consument verkoopt, moet zelf zorgen dat het product voldoet aan de verwachtingen. Natuurlijk mag hij daarbij best de fabrikant inschakelen, maar hij mag niet zonder meer de klant doorverwijzen naar die fabrikant of zich achter de fabrieksgarantie verschuilen.

Dat blijkt uit een al wat ouder vonnis dat recent opdook op ITenRecht.nl. Een consument had een laptop gekocht via internet maar na een aantal maanden daaraan klachten geconstateerd. De winkel verwees naar de fabrikant (Acer), die inderdaad een reparatie uitvoerde maar daarbij wel alle bestanden en software had gewist en een duitstalig OS had geïnstalleerd (lolwut). Bovendien was de computer nog steeds niet foutvrij: de computer reageerde niet op toetsenbord en muis en schakelde zichzelf weer uit.

Na enige maildiscussie die niet tot een oplossing leidde, stapte de koper naar de rechter. En die oordeelt dus dat het verweer van hierboven niet opgaat:

[gedaagde] als uitoefenende een beroep of bedrijf houdt jegens [eiser] als consument de verantwoordelijkheid voor het uitvoeren van garantiebepalingen en daarmee ook voor deugdelijke reparatie van de computer binnen een redelijke termijn.

De verkoper is daarbij tekortgeschoten in deze plichten door alleen te verwijzen naar de fabrikant en niet zelf voor de reparatie te zorgen. Dat hij in de praktijk dan misschien zelf gewoon de laptop had doorgestuurd, maakt daarbij niet uit. Het is en blijft zijn verantwoordelijkheid, en nu het fout gegaan is moet hij opdraaien voor de problemen.

Arnoud

Uw nieuwe digitale factuur is vanaf nu beschikbaar op onze website

Een lezer vroeg me:

Steeds meer bedrijven werken met digitale facturen. Op zich prima, maar wat ik lastig vind is dat je ze niet gewoon per mail krijgt (als PDF-bestand) maar dat je op een of andere website moet inloggen en daar zelf de PDF moet downloaden. Met alle leveranciers en digitale facturen die beschikbaar zijn kun je daar een dagtaak aan hebben. En doe je dat niet snel genoeg, dan heb je kans dat de factuur alweer verdwenen is. Kan ik een bedrijf verplichten mij gewoon een PDF te mailen?

Dit lijkt me juridisch een kansloze zaak. Een bedrijf is vrij om te kiezen voor elektronisch factureren, mits ze maar vooraf instemming vragen aan de wederpartij. Die toestemming kan in de algemene voorwaarden worden bedongen (zolang die maar tijdig aangeboden zijn).

Het is daarbij ook vrije keuze van het bedrijf hoe hij de elektronische factuur wil uitreiken. De belastingdienst stelt wel eisen aan de inhoud maar niet aan de vorm. Een portaal waar je na inloggen facturen kunt downloaden, is dus op zich net zo goed als een e-mail met een bijlage in PDF formaat.

(Overigens: consumenten hoef je geen factuur uit te reiken, behalve bij consumenten in het buitenland. Dus een bedrijf is hoe dan ook niet verplicht consumenten een mail met PDF te sturen.)

Arnoud

Moet een provider een simlock op een tweedehands mobiel verwijderen?

unlock-simlock-simvrij.pngTelecomtoezichthouder Opta gaat consumenten waarschuwen voor de verkoop van tweedehands telefoons met simlock, las ik bij Nu.nl. Een simlock laten verwijderen is namelijk alleen gratis voor de eerste gebruiker, had MobileMac ontdekt. Ik krijg er zelf ook zeer regelmatig vragen over: kan een telecomboer zomaar weigeren een telefoon te unlocken als die tweedehands gekocht is van een (al dan niet ex-)abonnee? Volgens mij niet, maar ja leg dat die telecomjongens maar eens uit.

Het is providers toegestaan toestellen standaard te simlocken, zodat klanten niet tussendoor snel over kunnen stappen met behoud van hun gesponsorde toestel. Het is precies die sponsoring die eerst terugbetaald moet worden met één of soms zelfs twee jaar abonnementskosten. Er zijn geen wettelijke regels over de grenzen van simlocks, maar de OPTA had ooit een afspraak met providers gemaakt die kortweg hierop neerkwam:

Aanbieders mogen een SIMlock toepassen bij abonnementen waarbij een toestel in de loop van een aantal maanden (maximaal 12) moet worden afbetaald.

Ik begrijp nu echter dat de aanbieders (providers) deze afspraak zo interpreteren dat die alleen geldt tussen hen en hun abonnees. Als een abonnee zijn toestel verkoopt, dan gaat de aanspraak op unlocken niet mee. Dat lijkt me een bijzonder rare interpretatie. Waarom zou de abonnee die aanspraak moeten (of willen) behouden? De enige die wat hééft aan de aanspraak op unlocken is de eigenaar van het toestel.

De wet kent dit principe van rechten die meegaan met andere rechten op diverse plekken. Dit zijn de geheten afhankelijke rechten (art. 3:82 BW) en nevenrechten (art. 6:142 BW). Zo is bijvoorbeeld een erfdienstbaarheid (het mogen lopen op de grond van de buren) een afhankelijk recht. Wie dat recht verkrijgt, kan het niet meenemen als hij verhuist. Het recht gaat over op degene die de grond naast die van de buren koopt. Logisch ook, wat moet je met een erfdienstbaarheid als je de naastliggende grond niet hebt?

Net zo snap ik werkelijk niet waarom het van belang zou zijn dat degene die de unlock aanvraagt, de abonnee is. Het gaat er m.i. om of het gesponsorde toestel is terugverdiend. Dat is eenvoudig na te gaan – controleer via het IMEI bij welk contract de telefoon hoort en hoe oud dat contract is – en de identiteit van de aanvrager is daarbij irrelevant.

Frustrerend is dan wel dat wie zijn gelijk wil halen, meer dan de 120 euro kwijt is die men wil hebben voor dat unlocken.

Arnoud

Waarom zou je willen dat opensourcelicenties niet rechtsgeldig zijn?

Naar aanleiding van mijn bericht over die Belgische Creativecommonsrechtszaak kreeg ik de volgende vraag van een lezer:

Waarom maken jullie juristen er eigenlijk altijd zo’n punt van of die licenties wel rechtsgeldig zijn? Als ze niet rechtsgeldig zouden zijn, dan mag je op grond van het auteursrecht helemaal niets met het werk. Dus waarom zou iemand in vredesnaam willen betogen dat open source of Creative Commons geen geldige licenties zijn?

Tsja, sommige juristen vinden het nu eenmaal leuk om gaten te schieten in juridische documenten, puur omdat het kan. En vanuit academisch oogpunt is het ook wel een leuke vraag: kan dat eigenlijk wel, aansprakelijkheid uitsluiten in een licentieovereenkomst die door een consument-wederpartij wordt gesloten? En mag in België of Frans-Canada een Engelstalige licentie worden gesloten, of moet er een Franse vertaling bij zitten?

In de praktijk zie ik het niet gebeuren dat iemand gaat betogen dat de GPL of een andere opensource- dan wel Creativecommonslicentie als zodanig niet rechtsgeldig is en dus in zijn geheel vernietigd moet worden. Daar schiet je inderdaad bar weinig mee op, want dan heb je geen licentie meer en dan kan de rechthebbende het hele auteursrechtelijk arsenaal loslaten: van volledige proceskostenvergoeding tot beslaglegging en ex parte verboden.

Wat wél in de praktijk relevant kan zijn, is een betoog dat een specifieke clausule ongeldig is. Als dat namelijk geaccepteerd wordt, dan is er de mogelijkheid dat de rechter die specifieke clausule vernietigt. De licentie als geheel blijft bestaan, maar die clausule moet je dan wegdenken uit de tekst. Je ziet dit vaak bij algemene voorwaarden. Een voorwaarde die “onredelijk bezwarend” is, kan worden vernietigd, maar daarmee is niet het hele contract ongeldig verklaard.

En dat biedt perspectieven. Je zou bijvoorbeeld de aansprakelijkheidsclausule kunnen aanvechten, en daarna de leverancier van de opensourcesoftware aansprakelijk stellen voor schade door bugs in zijn software. Of, nog leuker: de “GelijkDelen” of copyleftclausule aanvechten en daarmee voorkomen dat je je eigen werk ook open source (of Creative Commons) zou moeten maken. Dus niet een discussie over of iets nu wel of niet een bewerking (“afgeleid werk”) is, maar een discussie dat het onredelijk of tegen de wet is dat men überhaupt mag eisen mag stellen aan bewerkingen.

Of dat laatste succesvol is, betwijfel ik ten zeerste. Ik kan eigenlijk geen reden bedenken waarom het onredelijk zou zijn dat een leverancier eist dat bewerkte versies van zijn software onder dezelfde licentie geplaatst moeten worden. Ok, intellectueel eigendom is heilig, maar dat argument geldt net zo hard voor de software wiens licentie je aanvecht. Er zijn wel een paar pogingen geweest, maar die zijn nauwelijks serieus te noemen.

Het zal dus wel nieuwigheid zijn: we kennen dat Creative Commons niet, dus het zal mogelijk niet rechtsgeldig zijn.

Arnoud

Creative Commons ook in België rechtsgeldig

dogmazic-logo.pngOok Belgische rechters hebben weinig moeite met Creative Commons, meldde TechnoLlama gisteren. Een groep muzikanten had hun werk op de vrijemuzieksite dogmazic gezet onder de Creative-Commonslicentie Naamsvermelding-Geen Afgeleide Werken-Niet Commercieel. Enige tijd later bleek dat een commercieel festival deze muziek had gebruikt in een reclame. Men stapte naar de Nijvelse rechter, en die gaf de band gelijk.

In het Franstalige vonnis wordt geen seconde getwijfeld of Creative-Commonslicenties wel rechtsgeldig zijn: het is een licentie, daar staan voorwaarden in en daar moet je je aan houden. (Wel lijkt de rechtbank een beetje verbaasd te zijn dat de muzikanten niet bij Sabam zitten.)

Men verwijst expliciet naar het vonnis dat Adam Curry ooit tegen de Weekend kreeg, plus naar Spaanse en Amerikaanse rechtbanken die ook de rechtsgeldigheid van Creative Commons zouden hebben erkend. Ik vermoed dat het Amerikaanse vonnis stiekem gaat over open source (Jacobsen/Katzer), maar ik heb geen idee om welk Spaans vonnis het zou gaan. Wie helpt?

De licentievoorwaarden waren duidelijk op de website vermeld, dus de organisator had moeten weten dat ze gelden, aldus de rechtbank. Men had nog als verweer opgeworpen dat er een foutje was gemaakt: de hoofdpagina van die site vermeldt “Naamsvermelding-GelijkDelen” dus men was er vanuit gegaan dat dit ook voor alle content geldt. Maar daar gaat de rechtbank niet in mee. Een professionele organisatie heeft de plicht te onderzoeken welke voorwaarden precies gelden, oftewel die had moeten doorklikken. (Precies zoals ook Weekend te horen kreeg bij Curry.)

De rechtbank worstelt -wederom net als bij Curry/Weekend- met de vraag welke schadevergoeding moet worden toegekend. Immers wie zijn muziek gratis weggeeft, kan achteraf moeilijk zeggen dat hij licentievergoedingen heeft gemist. Hoewel je in het geval van een “NietCommercieel”-licentie zou kunnen zeggen dat er ruimte moet zijn voor betaalde licenties voor commercieel gebruik. Men schat de schade dan maar op 1500 euro per geschonden voorwaarde, oftewel 4500 euro. Dit onder het motto “we moeten iets”.

Oh ja, en dit is het betreffende nummer. Veel luisterplezier!

Arnoud

Een contract opzeggen bij te veel kleurenprints, mag dat?

color-kleur-print.pngWat een merkwaardige rechtszaak. Een hardwareleverancier had de opdracht gewonnen om aan een stichting printers te leveren met een onderhoudscontract. De stichting bleek veel meer in kleur te printen dan de leveranchier had verwacht, dus die zegt het contract op. Maar daar komt hij – blijkens het vonnis – niet mee weg. Zoals ITenRecht het zegt, de leverancier wringt zich in duizenden bochten om van het contract af te komen, waarbij allerlei beëindigingsgronden door elkaar heen worden gebruikt.

Het belangrijkste argument voor de leverancier was dwaling. Als je een overeenkomst sluit en daarbij ergens van uitgaat dat onjuist blijkt te zijn, dan kun je soms de overeenkomst vernietigen (art. 6:228 BW). Wel moet er dan sprake zijn van een mededeling van de klant waar de leverancier op af mocht gaan, of op een zwijgen van de klant terwijl die juist iets had moeten zeggen.

De rechter noemt het feit dat de klant meer in kleur print dan de leverancier verwacht, terecht echter het normale ondernemersrisico. Anders gezegd: moet je maar niet dezelfde prijs voor kleur noemen als voor zwartwit.

Verder is er nog de algemene regel dat je als opdrachtnemer mag opzeggen vanwege gewichtige redenen (art. 7:408 BW). Een vertrouwensbreuk zou zo’n reden kunnen zijn, net zoals het feit dat de opdrachtnemer ineens aan de andere kant van het land gaat zitten. Dat je verlies maakt is écht geen gewichtige reden.

Alles bij elkaar komt het dus neer op niet meer dan “ik maak verlies, ik wil niet meer verder” en daar maakt de rechter terecht gehakt van. Contract is contract, en deze leverancier krijgt dan ook 7000 euro schadevergoeding voor de kiezen.

Arnoud

Moet een sitelicentie of EULA eigenlijk niet in het Nederlands?

english-language-choice.pngEen lezer vroeg zich af:

Mogen Engelstalige voorwaarden eigenlijk wel worden aangeboden aan Nederlandse gebruikers? Ze kunnen toch niet zomaar verwachten dat iedereen hier NederlandsEngels spreekt?

Ik zou niet weten waarom niet. Er is in de Nederlandse wet geen eis die zegt dat overeenkomsten gesloten moeten worden in een landstaal van het Koninkrijk.

Wel is er natuurlijk de algemene eis dat je overeenstemming moet hebben over wat je afgesproken hebt, en dat is wat lastig als je elkaar niet kunt verstaan. Een leverancier die niet controleert of zijn wederpartij hem wel begrepen heeft, zal een lastig verhaal hebben als hij achteraf het contract wil afdwingen. Maar bij een online dienst zal dat wel meevallen: iemand die een Engelstalige website gebruikt, toont daarmee aan dat hij het Engels toch wel beheerst. Goed, misschien niet het juridisch jargon, maar hoe veel mensen beheersen wél het Nederlands juridisch jargon?

(Ik moet nu wel denken aan het verhaal van het zevenjarig kind van een kennis, dat een vriendje uitlegde “en nu moet je op ie ag-ree klikken” om software geïnstalleerd te krijgen.)

Verder heeft de leverancier natuurlijk het argument “waarom klikt u Agree als u niet weet waarmee u akkoord gaat”. Op die voorwaarden valt het nodige op af te dingen, want die staan vol met onredelijke bedingen, maar akkoord gaan met iets dat je niet kunt lezen lijkt me toch wat gek.

Arnoud