Uitverkoop op afstand

sale-afgeprijsd-uitverkoop.pngEen lezer mailde me:

Bij verschillende internetwinkels zie ik staan dat de retour-mogelijkheid niet geldt voor sales/uitverkoop, maar in jouw lijstje uitzonderingen zie ik dat niet staan. Is het dan terecht? Valleen uitverkoop-artikelen soms onder ‘bederfelijke waar’, ook als dat soms kleding of zo betreft?

De Wet Koop op Afstand zegt dat je gekochte producten binnen 7 werkdagen kunt ruilen, en kent geen uitzondering voor afgeprijsde producten. Ruilen is hier een wettelijk recht en geen coulance zoals bij fysieke winkels.

De uitzonderingen staan in art. 7:46d BW. ‘Uitverkoop’ staat daar niet bij. En nee, kleding is niet bederfelijk ook al gaat de mode soms behoorlijk snel.

Ik zie wel meer van dit soort rare constructies van winkeliers. Is dat nou opzet of onkunde?

Arnoud

Mag een webwinkel met vakantie?

webshop-closed-gesloten-geschlossen.pngEen lezer mailde me:

Ik vond op een webshop het product wat ik zocht tegen een leuke prijs. Maar nadat ik het formulier had ingevuld, kreeg ik een automatische bevestigingsmail maar verder geen reactie. Pas enkele weken later mailde de winkelier me: hij was met vakantie en had dus geen tijd gehad om de webwinkel bij te houden. Kan gebeuren, maar vervolgens schreef hij dat hij de bestelling had geannuleerd omdat hij die vanwege zijn vakantie niet had kunnen verwerken. En nu waren de prijzen gestegen bij zijn leverancier. Dat kan toch niet zomaar?

De algemene regel is, wie een aanbod doet, moet leveren als dat wordt aanvaard. Het maakt niet uit of je een webwinkel hebt of op de hoek van de straat gaat staan. Uniek is wel dat een webwinkel ook blijft werken als je zelf op vakantie gaat, en je kraampje op de straathoek niet.

Ik zou dus zeggen dat je bij het bestelformulier op een webwinkel even moet aangeven dat je langer zult doen over de reactie, of gewoon dat je met vakantie bent en dus even geen orders accepteert. Maar als je geen orders wilt accepteren, zul je dat er expliciet bij moeten zetten. Doe je dat niet, dan mogen mensen verwachten dat de order geaccepteerd is en dan moet je als webwinkel leveren ook.

Die prijsverhoging van de leverancier komt normaal voor risico van de winkelier. Een winkelier mag de prijs alleen verhogen als dat in de algemene voorwaarden genoemd staat, en hij daarbij de klant het recht geeft om in dat geval de bestelling te annuleren.

Arnoud

Recht van retour bij laptops via internet

laptop-vista-installatie.pngEen lezer kocht een notebook:

Bij het aanzetten van de notebook ging de Vista installatie automatisch van start. Ik heb de installatie voltooid en de notebook een tijdje uit geprobeerd om erachter te komen hoe lang de accu meegaat, hoe de kwaliteit van het scherm is en hoe snel de processor etc. Echter, meerdere punten vielen tegen, oa. slechte inkijkhoek van het scherm en erg meeverend toetsenbord. Ik stuurde het notebook dus snel terug (binnen de 7 werkdagen), maar de winkel weigert het terug te nemen omdat ik de notebook uitgepakt heb en vooral omdat ik Vista al geïnstalleerd heb.

Op zich is het verboden om een retour te weigeren enkel en alleen omdat de consument het product uitgepakt en getest heeft. De Wet Koop op Afstand is bedoeld om de koper het product te kunnen laten uitproberen. Zie bijvoorbeeld wat ConsuWijzer zegt over retouren. Je kunt een product niet uitproberen als je het niet uit de verpakking mag halen. Uitgebreid gebruiken mag dan weer niet. Als er bv. schade of slijtage op het product zit, mag je het niet meer terugsturen ook al zit je nog binnen de zeven dagen.

Het lastige hier is dat er software bij de laptop zat die nu al geïnstalleerd is. Het verbreken van de verzegeling van software geldt als een uitzondering: als dat is gebeurd, mag het product niet meer worden geruild. Dit met de gedachte dat je anders snel een kopietje van de software maakt en dan het product terugbrengt.

Hier zit een twijfelgeval: de lezer heeft geen software uit de verpakking gehaald maar een automatische installatie in werking gezet. Ik zou denken dat dit nog terug te draaien moet zijn. Ongetwijfeld heeft men een OEM DVD waarmee de notebook teruggebracht kan worden naar de oorspronkelijke toestand. Zou de lezer de installatie hebben afgerond inclusief registratie bij Microsoft, dan ligt dat anders want dan is die Vista-licentie niet meer herbruikbaar.

Update (11 december 2011) nog steeds geen rechtspraak bekend. De Geschillencommissie Thuiswinkel lijkt wél te neigen naar het behoud van het recht van retour.

  • Geschillencommissie Thuiswinkel 23 januari 2004, uitspraak 03.0082: “De zichttermijn stelt namelijk niet als voorwaarde, dat de laptop niet mag zijn gebruikt.”
  • <li>Geschillencommissie Thuiswinkel (datum onbekend), <a href="https://loket.degeschillencommissie.nl/Web/Site/default.aspx?m=uitspraken&a=uitcat&vt=2414&ca=d&guid=1838CE9B-7D68-4BED-93D6-153E17170018&cguid=99fd33a5-85e9-44de-85b9-6d9f73c72ac5&cvt=2413">uitspraak 07.0033</a>: “dat een consument die zich enigszins op de hoogte wil stellen of een pc biedt wat hem voor ogen stond deze toch tenminste in werking zal willen zien. De consument heeft hierbij niet meer gedaan dan noodzakelijk om te kunnen beoordelen of hij het product wil behouden.”</li>
    
    <li>Geschillencommissie Thuiswinkel 27 juli 2004, <A HREF="https://loket.degeschillencommissie.nl/Web/Site/default.aspx?m=uitspraken&a=uitcat&vt=2414&ca=d&guid=352C889B-3034-41EF-B077-BC615DE660C2&cguid=99fd33a5-85e9-44de-85b9-6d9f73c72ac5&cvt=2413">uitspraak 03.0105</A>: "Dat de consument de laptop heeft gestart, althans heeft willen starten, is onvoldoende om te oordelen dat de consument die grenzen in dit geval heeft overschreden."</li>
    

Arnoud

Op tijd ontbonden maar te laat teruggestuurd, wat nu?

Een lezer mailde me:

Ik kocht een grote plasmatelevisie bij een webwinkel. Na een paar dagen besloot ik dat hij toch niet goed paste in mijn interieur, dus ik mailde de winkel dat ik er vanaf wilde, en of ze me wilden vertellen waar ik het ding naar terug moest sturen. Ik kreeg geen antwoord, dus na een week heb ik met bellen en mailen nogmaals contact geprobeerd te krijgen. Dat wilde maar niet lukken, tot ik een aangetekende brief stuurde naar het hoofdkantoor. Ik kreeg toen van hun juridische afdeling te horen dat ik te laat was met opzeggen omdat ik de televisie niet op tijd had teruggestuurd! Maar hoe had ik dat nu moeten doen?

Dit is een interessante kwestie, die ik nog niet eerder ben tegengekomen. De Wet Koop op Afstand geeft je het recht om een koop via internet binnen zeven werkdagen te ontbinden. Dat wil zeggen dat je het product moet terugsturen en de winkelier het geld moet terugbetalen. De bedrijfsjurist van deze winkel zegt nu dat het terugzenden zelf ook binnen die zeven werkdagen moet gebeuren, maar het punt is dat nu net dat niet in de wet staat.

Consuwijzer zegt bv. ook alleen maar dat je binnen die zeven werkdagen moet beslissen of je er vanaf wilt. Maar goed, Consuwijzer is geen wetboek. Het wetboek zelf zegt dat je moet “ontbinden” binnen zeven werkdagen (7:46d BW). Ontbinding is een rechtshandeling waarmee je een overeenkomst beëindigt door een schriftelijke verklaring (die ook per e-mail mag). Je moet dus de brief binnen zeven werkdagen bij de winkel afgeleverd hebben.

Na ontbinding bepaalt de wet (6:271 BW) dat je verplicht bent over en weer je verplichtingen uit de overeenkomst ongedaan te maken. Daarom moet het product en het geld terug naar hun oorspronkelijke eigenaars. Maar wanneer? Dat staat niet in de wet, dus dat komt dan neer op “binnen een redelijke termijn”. Dat hoeft dus niet diezelfde zeven werkdagen te zijn!

In dit geval speelt er trouwens nog iets: de winkelier heeft niet gemeld waar het artikel heengestuurd moet worden. Zo maakt de winkelier het onmogelijk voor de consument om zijn verplichting tot terugsturen na te komen. Dat staat bekend als schuldeisersverzuim (6:58 BW), en dat betekent dat de schuldenaar niet hoeft na te komen totdat de schuldeiser aan zijn kant van de verplichting heeft voldaan. De schuldenaar (de consument in dit geval) kan dan zelfs van de verbintenis af als hij het de rechter netjes vraagt (6:60 BW).

Dat niet melden is trouwens ook een schending van de informatieplicht die de winkelier heeft. Hij moet bij de aflevering schriftelijk melden hoe je kunt ontbinden en waar het product dan heen moet (7:46c lid 2). Doet hij dat niet, dan wordt die periode van zeven werkdagen verlengd tot 3 maanden.

Zit je daar nog in op het moment dat je van die bedrijfsjurist de brief krijgt, dan wordt het dus een stuk eenvoudiger. Stuur hem gewoon per kerende post de koelkastplasmatelevisie en stop daar een kopie van je brief bij waarin je de overeenkomst ontbindt. Een kopie van deze blogpost mag ook.

Arnoud

Aansprakelijk voor out-of-office bericht?

Misschien dat disclaimers bij e-mails toch niet zo onverstandig zijn. Wat nu als mensen je out-of-office mededeling als antwoord op hun offerte of vraag beschouwen? Je zou denken dat dat niet voor zou moeten komen, maar de praktijk is anders. Wat te denken van dit bord:

bordje-engels-welsh-out-of-office.jpg<br/> (bron: BBC news)

Het Engels is prima leesbaar, maar de Welsh tekst betekent “Ik ben niet op kantoor, maar mail uw vertaalwerk gerust.” Pijnlijk.

Als je nu als Welshtalige vrachtwagenchauffeur toch linksaf gaat, en je krijgt een boete, zou je daar dan vanaf kunnen komen met dit bordje?

En gebeurt dit in Friesland ook wel eens?

Arnoud

Tot aan het Europese Hof over een telefoonnummer

telegraaf.jpgInternetbedrijven moeten, naast hun vestigingsadres en een e-mailadres, nog minstens één ander communicatiemiddel op hun site vermelden. Dat mag een telefoonnummer zijn, maar dat hoeft niet. Dat besliste het Europese Hof van Justitie afgelopen donderdag. Ja, er is echt een procedure gevoerd tot aan dit allerhoogste Europese Hof over de vraag of er een telefoonnummer op een website moet staan. En nee, van het antwoord begrijp ik ook al weinig.

In de wet (art. 3:15d BW) staat dat een elektronische dienstverlener, zoals een hostingprovider of webwinkel, zijn identiteit en adres van vestiging moet melden plus “gegevens die een snel contact en een rechtstreekse en effectieve communicatie met hem mogelijk maken, met inbegrip van zijn elektronische postadres”. En omdat er staat “met inbegrip”, moet er dus nog minstens één ander gegeven zijn waarmee dat snelle contact gelegd kan worden. Ok, ik geef toe, leuk discussievoer voor juristen maar een procedure tot aan het Europese Hof van Justitie? Allemachtig.

Maar goed, het arrest ligt er en we zullen het ermee moeten doen. Een kennis van me is echter doof, en ziet er weinig in om een telefoonnummer op zijn website te zetten. Ik neem tenminste niet aan dat het genoeg is om een bandje in te laten spreken met “Deze winkelier kan u niet horen, mailt u toch alstublieft”. Gelukkig heeft het Hof daaraan gedacht: een telefoonnummer is niet verplicht, maar als je het niet doet, moet je iets bieden dat vrijwel net zo’n snel medium is als de telefoon: “a communication is to be regarded as effective if it permits adequate information to be obtained within a period compatible with the needs or legitimate expectations of the recipient.”

Wat betekent dat? Nou, een contactformulier bijvoorbeeld zou prima zijn:

[A]n electronic enquiry template may be regarded as offering a direct and effective means of communication within the meaning of Article 5(1)(c) of the Directive, where, as is clear in the case in the main proceedings from evidence in the file, the service provider answers questions sent by consumers within a period of 30 to 60 minutes.

Ik weet niet hoe dat bij u gaat, maar bij mij maakt dat contactformulier stiekem een mailtje van wat mensen intypen. Dus de meerwaarde van dit arrest ontgaat me volledig. Het arrest opent wel de weg om te twitteren met je klant, want dat is ook een “direct and effective means of communication”.

Hoe snel reageren jullie op mails van klanten? En hebben jullie contactformulieren die niet met mail in de backend werken?

Arnoud

Showbiznewz-site aansprakelijk voor foto’s van gebruikers

angelina-jolie-stockfoto-website.jpgProfiterend van de populariteit van de tepels van Angelina Jolie bericht Boek 9 over een recent vonnis over stockfoto’s op internet. De site Showbiznewz.nl publiceert showbiznieuws. Daar bleken foto’s bij gebruikt te zijn waar Bruno Press de rechten op had, en die had daar geen toestemming voor gegeven. Bruno Press eiste dan ook verwijdering en schadevergoeding.

Het verweer van Showbiznewz kwam neer op wat ook in de disclaimer staat:

Foto- en videomateriaal te vinden op ShowbiZnewZ.nl is in principe geüpload (audio)visueel materiaal door onze lezers.

Ik kon niet ontdekken hoe dat uploaden in zijn werk zou moeten gaan. Er is geen registratiesysteem voor lezers of een uploadformulier waarmee je je foto’s kunt publiceren. Wel is er een contactpagina met de mogelijkheid om tips, nieuws en opmerkingen te mailen naar de redactie. Ik neem aan dat die de tips en het nieuws dan plaatsen.

Dat ligt juridisch gevoelig: weliswaar zijn websitebeheerders in principe niet aansprakelijk voor wat gebruikers plaatsen, maar daarvoor moeten de gebruikers zelf het materiaal publiceren zonder voorafgaande controle van de beheerders. Als ze dan ook nog eens na een klacht het materiaal weghalen, zijn ze verder niet tot schadevergoeding verplicht.

Bij Showbiznewz ging deze constructie niet op, vanwege de redactie die er tussen zat:

Zij neemt aldus het initiatief tot het doorgeven van informatie door haar bezoekers. Door de indeling van haar website maken de door haar bezoekers daarop geplaatste foto’s deel uit van het geheel van die website.

Bovendien moet een professionele partij als Showbiznewz weten dat er auteursrechten rusten op foto’s als deze. Zij heeft dan een onderzoeksplicht, en mag niet volstaan met een paar zinnen in een disclaimer dat mensen een klacht kunnen indienen.

De rechter geeft nog wel een vuistregel voor andere sites die op deze manier te werk gaan:

Het is aan IMT om haar bedrijf zodanig in te richten dat zij maatregelen treft ter voorkoming van inbreukmakende handelingen. Daarbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan de mogelijkheid degene die een foto als hier bedoeld op de site van IMT plaatst na een toelichting vooraf te laten verklaren dat hij of zij de rechthebbende op die foto is. De in de voorwaarden van IMT opgenomen disclaimer is daartoe in ieder geval niet voldoende.

Of dat in de praktijk zou gaan werken, vraag ik me af. Een aanvinkvakje “Ik heb deze foto zelf genomen” is snel toegevoegd bij een uploadformulier, maar de kans is natuurlijk groot dat mensen gewoon liegen bij het aanvinken van zo’n vakje. En dan? Heel veel voegt dit dus niet toe. Misschien als je het koppelt aan een adresregistratie van gebruikers, zodat je die naar voren kunt schuiven als er een rechthebbende langskomt.

Arnoud

Notice and takedown gedragscode ingevoerd

printer-aangeklaagd-dmca.jpgAfgelopen donderdag is de ‘Notice-and-takedown’-gedragscode na meer dan een jaar steggelen afgekomen en uitgereikt aan staatssecretaris Heemskerk van Economische Zaken. In deze gedragscode staan procedures uitgewerkt voor webhosters en andere internetdienstverleners over hoe om te gaan met klachten en claims over materiaal dat hun klanten aanbieden. Internetbedrijven zijn aansprakelijk voor wat hun klanten aanbieden, als ze dit niet na een terechte klacht weghalen. Dat staat in de wet (art. 6:196c BW). Maar hoe een dienstverlener moet bepalen of een klacht terecht is, en welke stappen je het beste kunt nemen bij de afhandeling, was altijd onduidelijk. De gedragscode helpt daarbij.

Heel in het kort zou de procedure als volgt moeten gaan:

  1. Een provider publiceert details over zijn procedure, inclusief contactgegevens en beleid over bepaalde soorten inhoud. Bijvoorbeeld wat er wel en niet mag in e-mail, op websites of via andere diensten.
  2. Een klager dient via dat contactadres een klacht in, en verschaft daarbij in ieder geval zijn contactgegevens, de URL of andere vindplaats van het materiaal en een motivatie waarom dit materiaal in strijd is met de wet of het beleid van de provider. De provider kan een vrijwaring eisen dat de klager een terechte klacht indient – en opdraait voor de schade als dat niet zo is.
  3. De provider controleert de klacht en maakt een inschatting of de klacht onmiskenbaar juist is. Als hij dat zonder problemen kan, meldt hij zijn bevindingen aan de klager en sluit hij bij een juiste klacht het materiaal af.
  4. Als de provider niet kan inschatten of de klacht onmiskenbaar juist is (bv. bij klachten over smaad), geeft hij de klacht door aan de klant met het verzoek het materiaal weg te halen of met de klager in contact te treden om het samen op te lossen.
  5. Lukt dat laatste niet, en haalt de klant het materiaal ook niet weg, dan “moet de melder bij voorkeur in staat worden gesteld zijn geschil met de [klant] voor de rechter te brengen.”

Een belangrijk gemis in de NTD gedragscode is hoe om te gaan met afgifte van persoonsgegevens van klanten. De wet zegt hier niets over. In de jurisprudentie (vooral het Lycos/Pessers-arrest) is uitgemaakt dat een provider onder omstandigheden verplicht kan zijn deze gegevens toch af te geven. Het moet voldoende duidelijk zijn dat de klant onrechtmatig bezig is, de eiser moet een reëel belang hebben en er mag geen geen minder ingrijpende mogelijkheid zijn om aan de NAW-gegevens van de klant te komen. Helaas zegt de gedragscode alleen maar dat “de tussenpersoon [kan] overgaan tot het verstrekken van NAW-gegevens”.

In de praktijk blijkt die afgifte redelijk makkelijk te gaan, zeker als het gaat om inbreuken op auteursrecht. De criteria uit de jurisprudentie zijn echter niet eenduidig. Schreef Lycos/Pessers (van de Hoge Raad) nog een vierstappentoets voor, bij de Brein/UPC en Brein/KPN zaken werd heel wat makkelijker geoordeeld dat deze gegevens moesten worden overgedragen. Bij Webwereld laat stichting Brein dan ook weten

“Wij kunnen en zullen echter niet aanvaarden dat er op een melding van Brein geen NAW wordt afgegeven”, aldus een strijdbare Kuik. “Er is geen plaats voor anoniem zaken doen op Internet. Dat is niet anders dan offline. Wat offline geldt moet ook online gelden. Dat is de regel die de overheid heeft gesteld en die moet gelding krijgen.”

Dat laatste is natuurlijk kletspraat – anoniem zakendoen gebeurt elke dag offline, en dient dus ook online te kunnen gebeuren. Los daarvan is het een veel te conservatief principe dat “wat offline geldt, ook online moet gelden” want online kunnen er dingen die offline niet mogelijk zijn, en wat moet daar dan voor gelden?

Het is jammer dat de gedragscode niet uitwerkt hoe deze afgifte in zijn werk zou moeten gaan. Er zijn diverse voorstellen gedaan hoe een klager toch kan discussiëren met een anonieme klant en hem zelfs anoniem voor de rechter kan slepen. Een dergelijke procedure zou een wezenlijke verbetering zijn ten opzichte van de huidige situatie. En daarmee zou de gedragscode een hele stap vooruit geweest zijn, in plaats van de formalisatie van de wet die ze nu is.

Arnoud<br/> (PS: check die schoenen!)

De zin en vooral onzin van e-mail disclaimers

wij-stellen-ons-niet-aansprakelijk.jpgGisteren kreeg ik een e-mail van iemand die mijn boek wilde bestellen. De e-mail bevatte zes regels informatie en 25 regels disclaimer. De e-mail was informeel bedoeld, bevatte mogelijk vertrouwelijke informatie die ik dan niet mocht doorgeven, kon virussen bevatten hoewel deze gescand was, mocht niet worden opgevat als een juridische toezegging(!) en vertegenwoordigde niet noodzakelijkerwijs de mening van de werkgever van de afzender.

Waarom doen mensen dit? Juridisch stelt het namelijk bizar weinig voor. Een echte disclaimer, een uitsluiting van aansprakelijkheid dus, is alleen geldig als dat vooraf zo afgesproken is. Hetzelfde geldt voor vertrouwelijkheid van een e-mail. Briefgeheim voor e-mail bestaat niet. Wie een mededeling per e-mail dan ook vertrouwelijk wil laten zijn, moet dat afspreken met de ontvanger.

De informatiedichtheid van de overige mededelingen is ook vrijwel nul. Omdat de tekst bij elke mail moet passen, moet men wel algemeen zijn: “bevat MOGELIJK vertrouwelijke informatie”, “KAN virussen bevatten” en is “niet NOODZAKELIJKERWIJS” de mening van de werkgever. Die teksten zijn altijd waar en vertellen dus niets.

Ik stel voor dat we vanaf nu de disclaimer op e-mails afschaffen en alleen nog zinnen toevoegen als dat werkelijk zinnig is. Zet er alleen een confidentiality notice onder als de mail echt vertrouwelijk is, en stuur mails die niet de mening van uw werkgever bevatten niet vanaf een zakelijk adres. Doet u mee?

Arnoud<br/> Plaatje via Eric’s blog

Europarlement keurt helemaal geen three-strikes beleid goed

three-strikes.jpgHet Europees Parlement heeft een pakket maatregelen goedgekeurd om de telecomsector te hervormen. Mooi initiatief, omdat de positie van de consument flink versterkt wordt. Zo wil het voorstel bijvoorbeeld dat je na een jaar je abonnement per maand kunt opzeggen. En oh ja, er zou stiekem een achterdeur in zitten waardoor mensen na drie keer illegaal downloaden afgesloten worden van internet. Tenminste, als ik bepaalde mensen moet geloven. Maar ik lees liever dan dat ik mensen op hun woord geloof. Waar staat dat, vroeg ik dan ook in juli.

Ik was eigenlijk van plan mijn donderdagavond vrij te houden, maar ik kreeg er zo veel mails over dat ik de 250 pagina’s juridisch geneuzel toch maar heb door zitten lezen. Research heet dat, iets dat sensatiebeluste journalisten ook eens zouden moeten doen. En ik kan nergens iets vinden over verplichtingen tot afsluiten of zelfs maar bevoegdheid tot afsluiten van mensen wegens vermeende schending van auteursrechten.

Wat staat er wel in dan over auteursrechten?

Allereerst dit:

(12c) In order to address public interest issues with respect to the use of communications services, and to encourage protection of the rights and freedoms of others, the relevant national authorities should be able to produce and have disseminated, with the aid of providers, information related to the use of communications services. This information should include warnings regarding copyright infringement, other unlawful uses and dissemination of harmful content, and advice and means of protection against risks to personal security, which may for example arise from disclosure of personal information in certain circumstances, privacy and personal data.

Oftewel: het lijkt ons een goed idee als overheden aan voorlichting gaan doen omtrent onder andere wanneer je auteursrechten schendt of andere illegale dingen op internet doet. Daar kan ik me alleen maar bij aansluiten.

Die informatieplicht komt nog een paar keer terug, met name in de vorm van verplichtingen voor providers om zulke foldertjes op te sturen naar klanten. Bevoogdend, misschien. Maar de mogelijkheid tot afsluiten? Ik zie het niet staan.

Het meest dreigend is nog dit:

6a. Member States shall ensure that subscribers are clearly notified in the event of repeated breaches of copyright and related rights so that they are able to cease their unlawful activities.

Maar: notified – op de hoogte gesteld dus. Het zal wel aan mij liggen, maar ik vind de hellend-vlak redenering die van een brief sturen naar verplicht detecteren en afsluiten toch bepaald vergezocht.

In het het persbericht staat dit nog een keer:

Community law does not define what content is lawful or harmful, nor any penalties, since this is up to each Member State. However, all consumers must be informed of national rules on this.

Let met name op dat stukje “since this is up to each Member State”. Bepalingen van strafrecht mogen helemaal niet worden ingevoerd in Richtlijnen, want daar is de Europese Unie niet toe bevoegd. Strafrechtelijke regelingen kunnen alleen via een zogeheten Kaderbesluit worden ingevoerd. En ja, een overheidsverplichting om een klant een sanctie op te leggen is een bepaling van strafrecht.

Weet iemand trouwens waarom de bepaling over netneutraliteit uit het Engelstalige persbericht ontbreekt in de Nederlandse versie?

Arnoud