Hoe krijg ik mijn facturen op tijd betaald?

gemeente-juinen.pngEen lezer vroeg me:

Ik ben coach en geef vaak trainingen aan gemeenten. Het valt me op dat er daar erg slecht betaald wordt. Ten eerste is er vaak gedoe dat de factuur naar een ander moet dan de afdeling aan wie ik de training geef. Ten tweede duurt het rustig een maand of twee voordat er betaald wordt. Nu wil ik dit met mijn algemene voorwaarden regelen, maar hoe schrijf ik dat het netste op? Hoe zeg ik “U bent bevoegd om te betalen en u zult binnen 14 dagen betalen?”

Gemeenten en andere overheden zijn berucht om hun slechte betalingsbeleid. Je kunt dus in je facturen en AV zetten wat je wilt, maar er wordt toch pas betaald als zij eraan toekomen.

Je kunt daar met zinnetjes in je offerte weinig aan veranderen. Die worden dan misschien getekend, misschien wordt er eerst over gepiept, maar desondanks gaat de factuur eerst naar de afdeling debiteuren/crediteuren, een maand op de stapel en dan naar de betalend ambtenaar. Dat kun je leuk vinden of niet, en dat kun je verbieden in je AV of in de offerte, maar zo zal het gaan.

Ik weet niet goed wat je daaraan kunt doen, behalve misschien je factuur al vooraf sturen of vooruitbetaling eisen. Maar of je dat krijgt?

Arnoud

Maar het zijn toch mijn foto’s?

Een lezer vroeg me:

Een tijd geleden heb ik een professioneel fotograaf ingehuurd om mooie foto’s van mezelf te maken voor op mijn website. Nu werk ik sinds kort bij een nieuw bedrijf, en die wilden graag foto’s van medewerkers online. Maar nog geen week nadat ik die foto ook daar had neergezet, ontving ik al een rekening van de fotograaf wegens schending van zijn auteursrecht. Kan dat zomaar? Het zijn toch mijn foto’s? Ik heb (flink) betaald voor het maken van die foto’s!

Ja, dat kan zomaar en nee, het zijn niet jouw foto’s. Hoe gek het ook klinkt: als je iemand betaalt om foto’s, teksten of wat dan ook voor jou te maken, dan word je daar geen eigenaar van. Je krijgt alleen een gebruiksrecht – je mag die foto’s gebruiken conform de afspraken, meer niet.

Het is dus zaak om bij het inhuren meteen duidelijke afspraken te maken over wat er wel en niet mag met het werk dat je bestelt. Je kunt afspreken dat alle rechten naar jou gaan, maar dat moet dan wel schriftelijk en ondertekend. Je kunt ook een brede licentie afspreken, of opties inbouwen dat een bepaalde andere vorm van gebruik ook mag mits je dan maar een bepaald bedrag extra betaalt.

Over die factuur: die zul je (waarschijnlijk) moeten betalen. In de algemene voorwaarden van de fotograaf zal ongetwijfeld iets staan over een boete bij ongeautoriseerd gebruik. Ik maak me vaak kwaad om de onterechte scrabbleclaims van fotografen, maar in dit geval zijn zulke claims wel ergens op gebaseerd: die algemene voorwaarden zijn deel van je contract. En als jij afspreekt dat je een boete zult betalen, dan moet je die boete betalen.

Arnoud

Administratiekosten van het CJIB bij verkeersboetes

flitspaal-beschadigd-boete-heffing-cc-by-nd-heiloo-online.jpgNiet echt internetrecht, maar ik krijg hier héél veel vragen over: mag het Centraal Justitieel Incassobureau die zes euro administratiekosten in rekening brengen als je een boete opgelegd krijgt? Dit met de discussie over administratiekosten bij bedrijven (mag het nu wel of niet) in het achterhoofd.

Ja, het CJIB mag die administratiekosten in rekening brengen. Dat volgt uit artikel 22 Wet Mulder en het bijbehorende Besluit, dat bepaalt:

Degene aan wie een administratieve sanctie wordt opgelegd, is administratiekosten verschuldigd. De omvang van deze kosten wordt bepaald bij ministeriële regeling.

En in artikel 1 van deze ministeriële regeling staat keurig het bedrag van ” 6 genoemd.

Recent werd een vonnis gepubliceerd waarin de kantonrechter oordeelde dat beroep en bezwaar mogelijk is tegen administratiekosten bij een boete. Daarbij werd wel gezegd:

De kantonrechter is evenwel van oordeel dat, gelet op de hoogte van de boete, niet gezegd kan worden dat de kosten disproportioneel zijn, nu de administratiekosten forfaitair zijn, niet gerelateerd zijn aan (de hoogte van) de sanctie en worden verantwoord als kosten van behandeling door het overheidsorgaan. Niet gezegd kan worden dat de in aanmerking genomen behandelingskosten exorbitant zijn.

Ik vind het wel erg merkwaardig, deze constructie met administratiekosten. Je zou zeggen dat zulke kosten gewoon in het boetebedrag verwerkt moeten zijn. Toen ik er voor het eerst van hoorde, leek het me een verkapte manier om de boete te verhogen zonder de wet met de boetebedragen aan te hoeven passen. Maar gezien het feit dat er een aparte wet is die bepaalt dat er administratiekosten berekend mogen worden, kan dat het argument niet zijn geweest.

Het waarom begrijp ik dus niet, maar dat het mag staat voor mij vast.

Arnoud<br/> Foto: Flitspaal – Heiloo Online (Creative Commons BY-ND).

Tweeten dat Postal Gold zuigt, mag dat?

postalgold-goud-reclame-irritant.jpgJaja, het was weer eens goed raak op de twitters afgelopen vrijdag. Zoals Topsy na te lezen is, werd er uitgebreid getwittert met de hashtag #postalgoldzuigt. Eerst nog min of meer serieus om aan te geven dat hun reclames zo irritant zijn (waarschuwing: filmpje kan tot irritatie leiden), maar nadat vanaf het account @postalgold_nl met juridische stappen werd gedreigd, werd de sfeer al snel baldadig: “Ik mag geen #postalgoldzuigt tweeten”, “het zuigt dat men wil dat je geen #postalgoldzuigt mag tweeten” en ga zo maar door.

Het account @postalgold_nl werd al snel verwijderd door Twitter, vermoedelijk omdat het een nepaccount is. (De echte lijkt @PostalGold te zijn.) Maar de vraag blijft: mag je twitteren dat een bedrijf zuigt?

Mij lijkt van wel. De term ‘zuigt’ is natuurlijk negatief, maar deze is zo ingeburgerd als algemene term dat het evident is dat je alleen maar wat aan het zeuren bent. Ik kan daar geen strafbaar handelen in zien. Smaad is het zeker niet, want je beschuldigt niet iemand van bepaalde feiten (zoals oplichterij). Bovendien is er een gerede aanleiding: de werkelijk bijzonder irritante reclames van het bedrijf.

Het doet natuurlijk sterk denken aan de Carglass-hoax, waarbij een grapjas een account uit naam van het bedrijf aanmaakte en iedereen dreigde met juridische stappen, waarop de hele goegemeente dubbel zo hard #carglasszuigt begon te roepen. Kinderachtig maar onvermijdelijk.

Arnoud

Blogdialoog: De weg naar nieuwe businessmodellen (toekomst van auteursrecht)

platform-ja-grappig-he.jpgAuteursrechtenblog Futureofcopyright en ik gaan de komende tijd in dialoog over de toekomst van het auteursrecht. Elke zaterdag vind je hier of bij Future of Copyright een nieuwe post in de serie. We reageren op elkaars stellingen en hopen met een inhoudelijke discussie verder te komen in complexe auteursrechtelijke vraagstukken.

Een downloadverbod, een Europees auteursrecht en state-of-the-art legale online contentdistributie-platforms. Dat is volgens Future of Copyright wat er nodig is voor een competitieve en bloeiende creatieve industrie waar de consument mee gediend is. Het is maar goed dat ze erbij zeggen dat het in alfabetische volgorde is, anders zou ik ze nog gaan verdenken van de drogreden dat die platforms vanzelf komen als je downloaden maar verbiedt. Het is simpelweg niet reëel om te verwachten dat een downloadverbod de “krampachtige houding van de grote rechthebbenden” richting internetdistributie en -verkoop ook maar 1 sikkepit zal veranderen door zo’n wetswijziging.

Zoals ik twee weken terug al betoogde, het probleem is fundamenteler dan koudwatervrees of het enkele feit dat er illegale bronnen zijn. Auteursrecht geeft rechthebbenden een machtsmiddel om verstorende innovaties in de markt voor distributie tegen te houden. Dit is iets unieks, geen enkele andere markt heeft dat. Ja, verstorende innovaties komen overal voor, maar dat een partij uit markt A een innovatie in markt B kan tegenhouden is echt uniek voor de auteursrechtenbusiness. En fundamenteel is die mogelijkheid slecht: verstorende innovaties zijn goed voor de maatschappij, en behoren niet tegengehouden te kunnen worden door een kleine belangengroep die graag het oude model wil behouden.

Verder valt me op dat de discussie vaak heel snel in een cirkeltje terecht komt: de maker heeft auteursrecht, dus hij beslist, dus hij mag een onwenselijk geacht distributiekanaal sluiten. Maar waarom is het wenselijk dat hij dat mag? Ja, omdat hij auteursrecht heeft en dat is nu eenmaal het recht om te beslissen wat er gebeurt met zijn werk. En waarom heeft hij dat recht? Ja, omdat het wenselijk is dat hij piraterij tegengaat. En waarom is dat piraterij? Nou, omdat de maker dat kanaal niet goedgekeurd heeft. En waarom is het wenselijk dat hij dat mag? Afijn, u voelt hem al aankomen. Dat schiet dus niet op.

(Dat het eigenlijk niet over de maker gaat, maar over de contentindustrie, is een terecht punt uit de comments dat op zichzelf een essay waard is.)

Ik pleit daarom voor een fundamentele discussie. Je kunt niet uitgaan van de huidige wet als je wilt zoeken naar een oplossing. Die huidige wet heeft ons het probleem gegeven, en zonder een grondige wetswijziging levert deze ons echt geen oplossing. Vandaar mijn pleidooi voor de maatschappij die moet beslissen. Meer rechten bij de distributiekanalen, en minder mogelijkheden om innovaties tegen te houden puur omdat ze de huidige businessplannen verstoren. Een nieuwe balans in het auteursrecht. En daarvoor moeten we niet kijken bij het uitgangspunt van de huidige wet, maar bij de plek waar we willen uitkomen. Aan welke criteria voldoet dat utopia, en hoe kunnen we die voor elkaar krijgen?

De legale markt die er nu is, laat op een paar plekken zien wat er werkt: een groot aanbod, een redelijke prijs en uitgebreide mogelijkheden om als koper met je content te doen wat je wil. Vele eerdere initiatieven hebben laten zien wat er niet werkt: uitgebreide DRM, hoge prijzen en beperkte mogelijkheden.

De illegale markt bevestigt dat beeld. Mensen willen graag een breed aanbod aan content hebben, en liefst ook in diverse formaten. Streaming, P2P download, all-you-can-eat Usenet, noem maar op: de techniek staat voor niets. Tuurlijk, het is (vaak) gratis, maar daar gaat het even niet om: mensen betalen graag voor kwaliteit en convenience (zie iTunes).

Het komt dus neer op de vraag: hoe realiseren we een florerende markt met vele distributieplatformen en businessmodellen, waar content in alle gewenste formaten, bundels en betaalmodellen beschikbaar is? Wil je graag pay-per-view of liever een vast bedrag per maand? Bewaren of éénmalig streamen? Kijken wat je vrienden leuk vinden en daar weer op reageren? En misschien is er wel een slimmerik die zijn eigen distributiekosten kan drukken door met P2P te werken. Er zijn tientallen voorbeelden van werkende modellen te vinden – in die illegale markt. Innovatie kan dus wel, maar we noemen het piraterij. En dat vind ik raar.

Mijn zorg is dan ook dat we het antwoord op die vraag niet van de industrie mogen verwachten. Zij is daar niet op ingesteld, omdat hun verdienmodellen gebaseerd zijn op de huidige distributieplatformen en businessmodellen. En het valt niet te ontkennen dat er met nieuwe platformen en modellen minder per kopie aan rechten afgedragen zal worden. Dat is namelijk tot nu toe bij elk nieuw medium het geval geweest. Alleen: de aantallen waren elke keer zo veel groter dat het uiteindelijk toch winstgevend genoeg bleek.

Ik maak me dan ook weinig zorgen over de toekomst van content, als we het initiatief bij de huidige innovators leggen (en afspreken dat er een faire beloning naar de maker gaat). En ik ben zeer benieuwd hoe FoC de ontwikkeling van die state-of-the-art legale online contentdistributie-platforms ziet gebeuren als die eerst toestemming van de contentindustrie nodig hebben.

Minstens zo benieuwd ben ik naar jullie comments 🙂

Arnoud

Valt een incidentele bestelling via internet onder de Wet Koop op Afstand?

Een lezer vroeg me:

Als een klant via Internet een bestelling doet en er voor kiest om het product zelf af te halen en ter plaatse af te rekenen is er toch eigenlijk geen verschil met een aankoop in een reguliere winkel? Daar wordt ook wel eens iets telefonisch gereserveerd voor een klant die het later op komt halen. Geldt dan toch de Wet Koop op Afstand?

Een koop is een koop op afstand als er een “systeem voor verkoop of dienstverlening op afstand” wordt ingezet zodat je de overeenkomst kunt sluiten via een website, telefoon of ander communicatiemiddel (art. 7:46a BW). Het maakt dus niet uit of het product wordt bezorgd of afgehaald: het gaat om de vraag of de koop zelf op afstand wordt gesloten én of daar een systeem voor beschikbaar gesteld wordt.

Een webshop waarbij je volautomatisch producten kunt uitzoeken en afrekenen is een dergelijk systeem. Een consument die op die manier een bestelling plaatst, heeft een koop op afstand gesloten. (Een zakelijke bestelling is per definitie geen “koop op afstand”.) Geef je een bestelling echter door via een gewoon e-mailtje of telefoontje, dan is er geen sprake van een “systeem voor verkoop”.

Er zijn natuurlijk allerlei tussenvormen. Ik heb shops gezien waarbij je een winkelmandje kunt vullen, maar waarbij je dan uiteindelijk een pagina krijgt met een formulier dat je moet printen en opsturen naar de verkoper. Ik denk niet dat je dan al een koop gesloten hebt, dus dan val je buiten de wet koop op afstand.

Eentje waar ik nu al jaren over twijfel, is mijn Chinees. Die hebben gewoon een telefoon zoals iedereen, maar op hun menukaart staan handige nummertjes waarmee je snel kunt doorgeven wat je wilt bestellen. Zou dat een ‘systeem’ zijn in de zin van de wet? Goed, het gaat hier om bederfelijke waren dus annuleren zit er niet in, maar het gaat even om het principe.

Arnoud

Mag een fotograaf bruidsfoto’s online zetten?

bruid-bruidegom-trouwen-wedding-bruidsfoto.jpgEen lezer vroeg me:

Als bruidsfotograaf wil ik mezelf graag goed presenteren, dus ik ben een website aan het bouwen met mijn portfolio. Nu kreeg ik laatste een mail van een klant dat zij niet willen hebben dat hun trouwfoto daar online staat. Dit terwijl in mijn algemene voorwaarden staat dat ik foto’s gewoon mag publiceren, maar volgens hun rechtsbijstandsverzekeraar had ik apart schriftelijk toestemming moeten vragen. Klopt dat?

Een fotograaf mag in opdracht gemaakte portretten niet publiceren, tenzij afgesproken is van wel. Dit blijkt uit artikel 20 van de Auteurswet:

Tenzij anders is overeengekomen is degene, wien het auteursrecht op een portret toekomt, niet bevoegd dit openbaar te maken zonder toestemming van den geportretteerde of, gedurende tien jaren na diens overlijden, van diens nabestaanden.

De wet zegt niet hoe die afspraak gemaakt moet worden. Het lijkt me dan dat dit in algemene voorwaarden mag, mits die natuurlijk tijdig en juist overhandigd zijn aan het bruidspaar. Dat wil zeggen:

  • bij de offerte, niet pas na betaling
  • op papier als de offerte op papier was, en als PDF bij de mail als de offerte is gemaild
  • met verwijzing vanuit de offerte naar de algemene voorwaarden

Als deze zo zijn overhandigd, dan zijn deze algemene voorwaarden gewoon onderdeel van de overeenkomst tot het maken van de bruidsfoto’s. Ook als ze niet gelezen zijn door het bruidspaar.

Mogelijk kan het bruidspaar de toestemming intrekken of als onredelijk bezwarend onderuit halen wanneer de foto een inbreuk op hun privacy maakt. Ik zou alleen wel zeggen dat er iets meer moet zijn dan alleen het enkele feit dat het een trouwfoto (en dus een privémoment) is. Dat is me iets te makkelijk als argument, hoewel ik meteen toegeef dat ik moeilijk een beter criterium kan verzinnen.

Arnoud

Mag je reclame-acties retweeten?

Een lezer wees me op de recente Twitteractie van de Bijenkorf: een leuk idee of verboden spam?

twitter-tweet-bijenkorf-retweet-actie-spam.png

Is dit spam, of beter gezegd ongevraagde commerciële communicatie? Je zou zeggen van niet, want je kiest er zelf voor de Bijenkorf te volgen. Maar het gaat om de retweet-actie: als jij dergelijke tweets retweet, geef jij de reclame van de Bijenkorf door aan je eigen volgers. En hebben die toestemming gegeven voor dergelijke reclame van jou?

Dit lijkt sterk op de tell-a-friend systemen op veel websites, waarover OPTA en CBP eind 2008 een regeling maakten. Sites mogen diensten opzetten om je vrienden lastig te vallen met reclame, mits:

  1. De communicatie gebeurt volledig op eigen initiatief van de internetgebruiker (of afzender), de website stelt hier geen (kans op) beloning tegenover voor afzender of ontvanger.
  2. Voor de ontvanger moet het duidelijk zijn wie de initiatiefnemer van de e-mail is, zodat hij diegene kan aanspreken als hij niet gediend is van dergelijke mails.
  3. De afzender moet volledige inzage hebben in het bericht dat namens hem wordt verzonden, zodat hij de verantwoordelijkheid kan nemen voor de persoonlijke inhoud van het bericht.
  4. De website in kwestie mag de e-mailadressen en andere persoonsgegevens niet gebruiken of bewaren voor andere doeleinden dan het eenmalig verzenden van een bericht namens de afzender. Daarnaast dient de website het systeem te beveiligen tegen misbruik, zoals het geautomatiseerd verzenden van spam.

Lees voor “website” nu dus @debijenkorf, en volgens mij is het dan snel duidelijk dat men hier niet onder valt. Er wordt een beloning uitgeloofd voor het tell-a-friendmechanisme, en dat is tegen de regels.

De OPTA heeft al eerder aangegeven dat ze ongevraagde commerciele Hyveskrabbels onder het spamverbod vindt vallen. Er lijkt maar weinig verschil tussen een Hyveskrabbel en een Twitterbericht. Maar in de discussie destijds werd gewezen op de definitie van “communicatie” uit de Telecommunicatiewet:

informatie die wordt uitgewisseld of overgebracht tussen een eindig aantal partijen door middel van een openbare elektronische communicatiedienst

Een twitterbericht is in principe voor iedereen leesbaar (tenzij iemand zijn tweets afgeschermd heeft). Daarmee zou dan geen sprake zijn van “communicatie”, en dus ook niet van spam. Maar veel Hyveskrabbels zijn ook openbaar, en daarvan zei de OPTA:

De ontvanger kan de krabbel pas lezen door in te loggen op zijn profiel. De informatie die middels de krabbel wordt uitgewisseld is alleen te lezen door abonnees die zich op Hyves hebben geregistreerd. Dus door een eindig aantal partijen. Derhalve kan er worden gesproken van communicatie in de zin van artikel 11.7 Tw tussen [X] en de abonnees.

Juridisch gezien zie ik dus geen belemmering om reclameretweets als spam aan te merken. Maar ik vind die conclusie net zo absurd als dat Hyveskrabbels onder het spamverbod vallen.

Arnoud

Berispt vanwege een MSN-chat, mag dat?

Een lezer vroeg me:

Recent kreeg ik een berisping op het werk. Dit was naar aanleiding van een MSN-chat die ik met een collega had gehad. Deze stond toevallig leesbaar op haar computerscherm op het werk, maar de chat zelf was tijdens de lunchpauze vanaf priveadressen gevoerd. Mag mijn werkgever me dan toch aanspreken op zulke privegesprekken? Ze mogen toch ook niet onze gesprekken in de kantine afluisteren?

Nee, afluisteren mag niet, maar de werkgever mag natuurlijk wel meeluisteren als hij toevallig ook in de kantine zit. En om diezelfde reden mag hij ook lezen wat er op openstaande beeldschermen vertoond wordt. Ik zie dan ook werkelijk niet hoe je dit als privacyschending zou kunnen opvatten.

Een werkgever mag zulke gesprekken niet met technische middelen aftappen (bv. via de server alle chats opnemen of een remote desktop tool installeren om stiekem mee te kijken) maar als jij je schermpje open laat staan, dan zijn de negatieve gevolgen voor eigen risico.

Een grensgeval lijkt me als je het MSN-schermpje geminimaliseerd had of achter een ander scherm had staan. Dan moet de langslopende manager actief gaan rondzoeken voor hij het ziet, en dat lijkt me niet echt de bedoeling. Maar is het met één oogopslag te zien, dan kan men dat gewoon gebruiken.

Arnoud

Verlopen domeinnaam registreren legaal, verlengen dan weer niet

Als een domeinnaam vervalt en er zit ook maar iets aan traffic of bekendheid op, dan kun je er vergif op innemen dat deze binnen een dag of wat ingepikt is door een snelle jongen met een advertentiepagina. Een buitengewoon irritante praktijk, maar er is weinig aan te doen: de oude eigenaar heeft deze zelf laten verlopen, en tsja dat mensen hun oude links niet updaten is hun probleem.

Anders wordt dat als een bedrijf per ongeluk de eigen domeinnaam laat verlopen en er dan een domeinkaper langskomt. In een recent arrest (via) oordeelt het Hof Amsterdam dat er dan mogelijkheden kunnen zijn om deze op te eisen. In deze helaas vérgaand geanonimiseerde en daardoor moeilijk te duiden zaak ging het om een domeinnaam die identiek was aan de handelsnaam van de eiser. Deze was verlopen, en de gedaagde had er snel een parkeerpagina op gezet met een mededeling dat de domeinnaam te koop was. Wat kan de oude houder hieraan doen?

Niet veel, zo blijkt: het is geen handelsnaaminbreuk als je een domeinnaam bezet houdt, tenzij je op de daaraan gekoppelde site als bedrijf naar buiten treedt en zo dezelfde handelsnaam voert als je concurrent. Ook is er geen sprake geweest van onrechtmatig handelen. Er zijn geen opzeggingen vervalst of tokens gestolen. Het was een ‘gewone’ registratie nadat de oude eigenaar niet verlengd had. Ook andere feiten waaruit onrechtmatig handelen zou blijken, ontbreken.

Het Hof presenteert dan de belangen van de beide partijen: een groot belang bij de oude eigenaar en een klein belang bij de nieuwe. Vroegah was het dan nog wel eens zo dat men dan simpelweg de partij met het grootste belang de domeinnaam zou geven (wat Hugenholtz de Utrechtse belangenafweging noemt). Zoals Hugenholtz het formuleert:

Deze ‘belangenafweging’ vormt mijns inziens geen valide rechtsgrondslag. Heeft degene die meer belang heeft dan een ander bij een rechtsgoed (een stuk grond bijvoorbeeld) een aanspraak die rechtens valt af te dwingen? Natuurlijk niet.

Wie iets legaal heeft verkregen, mag dat houden, hoe groot het belang van een ander ook is. Pas in heel bijzondere gevallen (zoals in de 112-zaak) is er wellicht ruimte om een registratie ongedaan te maken.

Echter, het Hof komt wel met een zeer aparte redenering: de verlenging van de domeinnaam is niet toegestaan, want die zal onrechtmatig zijn:

Immers, [gedaagde] heeft zelf geen belang bij het beschikken over die domeinnaam, terwijl haar, met de entamering van het onderhavige kort geding, duidelijk is geworden dat [eiser] haar ” als handelsnaam gebruikte ” domeinnaam niet (bewust) heeft willen prijsgeven en een groot belang heeft om wederom over die domeinnaam te gaan beschikken. Daarbij komt dat niet goed valt in te zien dat [gedaagde] gebruik van de domeinnaam zal kunnen maken, zonder daarmee (een onrechtmatige) inbreuk te maken op het handelsnaamrecht van [eiser].

Oftewel: goed, je hebt hem legaal verkregen, maar je hebt geen enkele reden de domeinnaam te verlengen dus tegen die tijd mag je hem netjes overdragen aan de oude eigenaar. Eh, wat? Dus registratie zonder duidelijk belang mag wel, maar verlenging niet?

Ik begrijp daar helemaal niets van. Volgens mij is het simpel: óf de registratie is onrechtmatig en dan moet de domeinnaam terug, óf de registratie was eerlijk en rechtmatig en dan mag je de domeinnaam houden (zolang je de facturen betaalt natuurlijk).

Arnoud