IKEAhackers mag geen IKEAhackers meer heten als er advertenties bij staan

| AE 6745 | Intellectuele rechten, Ondernemingsvrijheid | 11 reacties

ikeahacker-magnietDe in 2006 opgerichte site IKEAhackers kreeg onlangs een blafbrief van de Zweedse zelfbouwmeubelgigant: bij nader inzien pleegt u merkinbreuk, want er staan sinds kort advertenties op uw site. Dat meldde Ars Technica vorige week. De brief verraste de site-eigenaar nogal, omdat men al acht jaar bestond en nooit het idee had gekregen dat IKEA problemen zou hebben met de site.

Je pleegt merkinbreuk als je iemands merk gebruikt voor dezelfde of vergelijkbare producten of diensten op een manier die verwarring opwekt over de afkomst daarvan. Doen of je de merkhouder bent of dat het officiële merkproducten zijn, is de meest gebruikelijke vorm van merkinbreuk. Daarvan is geen sprake bij IKEAhackers.

Maar dat “doen of je de merkhouder bent” vereist niet een actieve kwade handeling. Niet duidelijk zijn over wie je wél bent, is eigenlijk al problematisch. Ik heb hier al eerder geblogd over Welkom bij merknaam-sites en gevallen als Talensshop waarbij die duidelijkheid ontbreekt in de naam. De eis is dus eigenlijk dat je actief duidelijk maakt dat je niet de merkhouder bent. Bij IKEAhackers denk ik persoonlijk dat dat wel goed zit: die term kun je alleen maar lezen als “mensen die IKEA spul hacken”, en dat kan logischerwijs niet IKEA zelf zijn.

Misschien als je zegt, het lijkt erop dat ze officieel zijn. Goedgekeurd door de IKEA. Maar daar zou ik tegenover willen zetten dat de term ‘hacker’ toch niet echt klinkt als een officiële term. “IKEAdealer”, ja dat wel. “IKEAwebshop”, oh zeker. Maar hácker?

Vereist is ook dat je commercieel handelt. En met advertenties op je site voldoe je daar wel aan. Maar het gaat natuurlijk wel érg snel om te zeggen “ik zie ons merk én advertenties, aanpakken die hap”. Want het kan wel, andermans merk gebruiken in je domeinnaam en sitenaam.

En nee, IKEA is niet verplicht iedere vorm van merkgebruik aan te pakken omdat ze anders haar merk verliest. IKEA moet ervoor waken dat haar merk geen generieke term wordt (“leuke ikeastoel, komt ie van de Leen Bakker?”) en dáár kan ze dus maar beter stevig optreden.

Maar ik zie eerlijk gezegd werkelijk geen reden waarom IKEA hiertegen zou moeten optreden. Het enige dat het oplevert, is slechte publiciteit – en een hackersclub die onder een andere naam precies hetzelfde gaat doen maar nu misschien óók de meubels van de concurrent gaat hacken. En dan ontdekt dat die nóg beter is. Dus nee. Gewoon jammere actie.

Arnoud

Getty Images gaat embedded gebruik van haar foto’s gratis toestaan

| AE 6471 | Intellectuele rechten | 11 reacties

getty-embeddenGetty Images gaat het embedden van haar beeld gratis toestaan voor nietcommercieel gebruik, las ik bij Businessweek. Iedereen kan foto’s zoeken en via een widget embedden in zijn of haar eigen site, zonder vergoeding zolang de site zelf niet commercieel is. Een nogal verrassende stap van het bedrijf dat zo ongeveer synoniem werd met “fotoauteursrechtblafbriefverstuurder” – mijn blog over Getty uit 2011 is de enige waarvan ik de comments heb gesloten na meer dan 900 vragen en klachten over het bedrijf.

Begrijp me niet verkeerd, ik vind de stap positief. Internet heeft een schreeuwende behoefte aan beeld, die behoefte zit zó diep en is zó wijdverspreid dat het onmogelijk is die te onderdrukken of in een licentiesysteem te stoppen. Dat er rechten kunnen zitten op beeld, komt bij weinig mensen op. En het systeem van auteursrecht werkt daarbij zó wezensvreemd voor die behoefte, dat de huidige situatie waarin iedereen vrolijk kopieert ergens wel te begrijpen is. Het feit alleen al dát zulk kopiëren zo massaal gebeurt, laat zien dat er iets goed mis is met de auteurswet.

Gettys stap gaat mee in die behoefte, en ik denk dat het nietcommercieel versus commercieel gebruik daarbij wel als een legitiem onderscheid te zien is. Hoewel, ergens voelt het wel als een goedkope geste. In Europa dan, omdat embedden van legaal online aanbod immers mág van het Hof van Justitie. Ook als je dat voor commerciële doeleinden doet.

Bij het uitproberen viel me op dat men het gebruik van de embedcode pretendeert te zien als een akkoord construerend op de algemene voorwaarden van Getty. En in die voorwaarden staan natuurlijk een paar pareltjes. Zo mag je dan niet meer linken naar Getty zonder uitdrukkelijke schriftelijke toestemming, je mag de website niet reverse engineeren (wtf?) en je mag de website van Getty niet verkopen (wtf??).

Specifiek voor het embedden weergeven staan er iets logischer regels. Maar er zit wel een bijzondere beperking in: wat de site nog “nietcommercieel gebruik” noemt, wordt in de voorwaarden beperkt tot

gebruik voor redactionele doeleinden (dat wil zeggen in verband met gebeurtenissen die nieuwswaardig of in het openbaar belang zijn)

Daarbij wordt gebruik voor reclame specifiek uitgesloten. Logisch op zich, want dat is vrij evident commercieel gebruik. Maar “reactioneel gebruik” is wel even een stapje beperkter dan “nietcommercieel gebruik”. Als ik mijn persoonlijk blog wil verfraaien met een mooi achtergrondplaatje of een mooiere Twitteravatar wil inzetten, dan is dat géén redactioneel gebruik. Versiering is niet echt in het openbaar belang, en zo’n blog nieuwswaardig noemen gaat me ook wat ver.

En waar het natuurlijk Getty écht om gaat:

Getty Images (of derden die optreden namens Getty Images) mag gegevens verzamelen over het gebruik van de Embedded Viewer en embedded Content van Getty Images, en behoudt zich het recht voor om advertenties in de Embedded Viewer te plaatsen of anderszins inkomsten uit het gebruik hiervan te genereren zonder compensatie aan u.

Op zich begrijpelijk, hoewel je nu al op je klompen kunt aanvoelen dat wanneer men dat gaat doen, iedereen gaat gillen dat Getty toch niet zomaar advertenties bij hun embedded beeld mag zetten. En ik kan me ook goed voorstellen dat veel mensen vanwege deze voorwaarden nu alvast “laat maar” zeggen.

Zouden jullie nu Getty-beeld gaan gebruiken?

Arnoud

Open source als schild tegen patentaanvallen?

| AE 6389 | Intellectuele rechten | 35 reacties

hardware-software-computer-gollem-huh.jpgOpen source kan een schild zijn tegen patentaanvallen, las ik in deze Amerikaanse blog. Nu het zeker in de VS steeds populairder wordt om alles en iedereen aan te klagen met een octrooi, is het een goed idee eens na te gaan denken wat je kunt doen mocht zo’n claim op jouw bureau landen. En voor bedrijven die met open source actief zijn, is er een leuke truc: die patenthouder gebruikt ongetwijfeld open source, en schendt met grote waarschijnlijkheid de licentie. Want die uitspraak is namelijk voor vrijwel ieder bedrijf waar.

Mooie quote uit de blog:

Patent lawyers may be surprised to know that while today, most companies today use open source software, most of them struggle greatly with implementing the internal controls to coordinate their use of open source software with their patent portfolio management.

Dat is een héél nette manier van zeggen “de meeste bedrijven gebruiken gewoon open source, en niemand vraagt de bedrijfsjurist of patentafdeling of dat nog speciale consequenties heeft”. Wat overigens ook mijn ervaring is bij de meeste bedrijven die ik tegenkom en “iets met open source” zeggen te doen. (ADV: bent u nu een bezorgde bedrijfsjurist? Volg dan onze juristentraining Open source) Het leukste vind ik nog als er keihard bedrijfsbeleid is “wij gebruiken geen open source zonder schriftelijke toestemming van de CEO/bedrijfsjurist” en ondertussen de kernproducten of -diensten vrolijk op Linux draaien.

In het specifieke geval waar blogger Heather Meeker het over heeft, komt dit gerommel goed uit: de octrooihouder die bij jou een claim indiende, heeft er waarschijnlijk óók een potje van gemaakt. Dus ga even zoeken en je komt vast een opensourceinstallatie tegen in een van zijn producten. Met een beetje geluk betreft dat een regel code van jou, of van iemand die je kent en die best bereid is samen te werken met een tegenclaim op basis van auteursrechtschending.

Natuurlijk, het is een gok, maar een beredeneerde: over het algemeen zijn het concurrenten die elkaar beprocederen, en concurrenten die iets met open source doen, zullen al snel bij dezelfde categorie software uitkomen. Dus een goede kans dat de producten qua basissoftware overlappen.

Ook een mogelijkheid is om via de open source licentie van de software die zij gebruiken, een tegenclaim op tafel te leggen. Veel open source licenties vermelden namelijk expliciet dat je de software wel mag gebruiken, maar dan andere gebruikers niet meer lastig mag vallen met een patent waar die open source inbreuk op maakt. Wel vereist dit dat je als patentgedaagde inbreuk pleegt via die open source. Die patentlicentie uit de open source licentie geldt immers alleen bij gebruik van die open source zelf.

Helaas is dit middel geen remedie tegen de vele patenttrollen die er rondlopen. Een patenttrol is per definitie een partij die zelf niets doet (behalve procederen en geld eisen), dus daar zul je geen producten of diensten vinden waar open source in zit. Een tegenclaim is er dus niet te brouwen. Meer dan in de octrooiwet opnemen dat je alleen een verbod mag gaan halen bij de rechter als je zélf met een product op de markt bent, kan ik niet bedenken tegen dit fenomeen.

Arnoud

Hyperlinks zijn geen auteursrechtinbreuk, ook niet als je embedt of framet

| AE 6394 | Intellectuele rechten | 108 reacties

Hatsee. Epische overwinning voor hyperlink én embedded link, juicht het steeds tendentieuzer schrijvender Webwereld. In een uitgebreid arrest (via) verklaart het Hof van Justitie hyperlinken legaal, ook als het gelinkte werk “aldus wordt getoond dat de indruk wordt gewekt dat het op dezelfde website verschijnt”. Lees: embedden en framen. De legaliteit van hyperlinks is volgens… Lees verder

Aansprakelijk voor je algoritmes

| AE 6254 | Intellectuele rechten, Ondernemingsvrijheid | 10 reacties

Wie anderen informatie op zijn site laat plaatsen, is daarvoor niet aansprakelijk mits hij snel ingrijpt bij klachten. Echter, dat geldt alléén voor de user-generated content als zodanig. Wat je zelf daar vervolgens mee doet, al dan niet met een algoritme, komt alsnog voor je eigen rekening. Dat maak ik op uit een vonnis van… Lees verder

GeenStijl schendt toch geen auteursrecht door te linken naar Britt-Playboyfoto’s

| AE 6145 | Intellectuele rechten | 20 reacties

Linken naar illegale blootfoto’s is wel onrechtmatig, maar geen inbreuk op het auteursrecht, zo las ik gisteren bij Webwereld. Daarmee wordt het geruchtmakende vonnis uit september vorig jaar ongedaan gemaakt. Wel wordt de link onrechtmatig verklaard; willens en wetens linken naar iets dat niet legaal online staat, is niet netjes en dus verboden. Grmbl. In… Lees verder

Ben ik aansprakelijk voor auteursrechtinbreuk in een template?

| AE 5986 | Intellectuele rechten | 19 reacties

Een lezer vroeg me: Ik exploiteer een aantal webshops en bouw deze vaak met templates die ik netjes aankoop bij de welbekende template-sites. Maar laatst kreeg ik een factuur van een fotograaf vanwege een foto uit zo’n template. Toen ik verwees naar de templatesite zei hij dat hem dat niet uitmaakte en dat ik gewoon… Lees verder

Helpt een wachtwoord op mijn blog tegen auteursrechtclaims?

| AE 5689 | Intellectuele rechten | 12 reacties

Een lezer vroeg me: Bij de Volkskrant loopt nu een discussie over gebruik van foto’s op blogsites. Schrijver Kluun heeft met veel bombarie zijn blog opgeheven na een aantal auteursrechtclaims. Om te voorkomen dat ik die ook krijg, dacht ik een wachtwoord op mijn blog te kunnen zetten. Dan is het geen openbaar blog meer…. Lees verder

Al te hard auteursrechtelijk blaffen eindelijk eens aangepakt

| AE 2717 | Intellectuele rechten | 215 reacties

Dat je geen artikelen of foto’s integraal mag herpubliceren zonder toestemming (behoudens soms citaatrecht), zouden de meeste mensen wel moeten weten zou je denken. De praktijk is echter anders: bijna dagelijks krijg ik mails van mensen die een claim van een of andere fotograaf of andere auteursrechthebbende aan de broek hebben. Bekende partijen die dit… Lees verder

Het volgen van de volgers van een concurrent

| AE 2591 | Ondernemingsvrijheid | 11 reacties

Een oudere domeinnaam kan worden opgeëist door een jongere handelsnaamhouder, maar dan moeten er wel bijzondere omstandigheden zijn. Dat blijkt uit een vonnis in kort geding van de rechtbank Amsterdam over Mediavacature.nl (2006) en mediavacatures.nl (2002). Maar het volgen van volgers van de concurrent op Twitter is daarentegen niet verboden, tenzij je “op slinkse wijze”… Lees verder